artikel uit Mobiel 6, december/januari 2003/4

Pleegzorg over de grenzen

Families in Krigizstan

Door: Sabine Plamper  (www.hetbadhuis.nl/sabine/)

Mobiel kijkt over de grenzen heen. Hoe is pleegzorg geregeld in andere landen, van oost naar west, van noord naar zuid? In ieder nummer een uniek verhaal, geïllustreerd met foto's uit dat land. We geven u een sfeerimpressie, een persoonlijke ervaring of een beschouwing over de organisatie van pleegzorg in dat betreffende land. In dit nummer Kirgizstan.

Kirgizstan is een prachtig bergland in Middenazië, in het zuidoosten grenst het aan China. Kirgizstan was onderdeel van de Sovjet-Unie en is in 1991 onafhankelijk geworden. De overgang van communisme naar kapitalisme heeft voor veel families grote gevolgen. Grote families moeten soms van 10 dollar per maand rondkomen. Wat betekent dat voor de pleegzorg? Een begrip zoals netwerkplaatsing' is in Kirgizstan niet bekend, maar vanuit de traditie wel vanzelfsprekend: als een kind zijn ouders verliest, is er meestal een sociaal netwerk dat het kind opvangt. Zoveel mogelijk worden kinderen dus door eigen familieleden opgenomen. De foto's zijn gemaakt in september 2002 in Zuid-Kirgizstan, in de buurt van de grote stad Osh, in het dorp Gultscha. De fotoserie is in samenwerking met de organisatie Everychild ontstaan. Everychild is een internationale organisatie die kinderen en families in sociale nood wereldwijd ondersteunt voor langdurige verbetering van hun levensomstandigheden.

Een jongen van circa vijf jaar loopt ons tegemoet als wij het hek naderen. Hij heeft de Lada waarmee we zijn gekomen al lang horen naderen. Hier bij het kleine dorp Gultscha komen niet vaak auto's langs. Ik loop met de jongen en de twee maatschappelijk werkers van Everychild, die dit contact voor mij gelegd hebben, naar het huis. Er wordt al op ons gewacht. Grootmoeder Iran leeft in dit huis samen met haar vijf kleinkinderen. Drie jaar geleden zijn de ouders van deze kinderen om financiële redenen naar de stad vertrokken en hebben hun kinderen bij grootmoeder achtergelaten. Het jongste kind Ruiskul was toen twee jaar oud. De grootmoeder is 82 jaar, kan moeilijk lopen en hoort slecht. Het lijkt erop dat zij en de kinderen voor elkaar zorgen. De kinderen en de grootmoeder hebben geen contact met de ouders en ontvangen sinds drie jaar ook geen ondersteuning van hen. Via via hebben zij gehoord dat de ouders in de stad aan het werk zijn. Zij willen niet meer terugkomen. Op dit moment van het gesprek krijgt Elisa tranen in de ogen, van verdriet om haar ouders of uit schaamte om de situatie van dit interview. De kinderen hebben geen andere familie in het dorp dan de grootmoeder. Zij hebben wel familie buiten het dorp, maar daar is geen plek voor hen. Zij worden door de buren geholpen. Sinds een maand krijgt de familie praktische en psychologische steun van de organisatie Everychild. Doordat iemand uit het dorp contact opnam met de Sociale Dienst van het district werd dit pleeggezin' bekend bij Everychild. Twee keer per maand zal de familie nu bezoek van een maatschappelijk werker krijgen, met name voor psychologische steun. Daarnaast wordt met eten en schoolkleding geholpen. Bij het huis heeft het gezin een klein maïsveld. De maïs wordt door de kinderen zelf geteeld. De familie heeft helaas niet genoeg eigen grond om voor hun eigen levensonderhoud te kunnen produceren. Dit was waarschijnlijk een van de redenen waarom de ouders geen toekomst meer in het dorp zagen. Er is geen werk in het dorp. Wat er gebeurt als de grootmoeder overlijdt, is een vraag die zich opdringt. Dan komen de ouders wel weer terug uit de stad, is het vage antwoord van de maatschappelijk werker.

Achter een grote metalen poort kom ik samen met de twee maatschappelijk werkers van het district in een drukke huiselijke sfeer terecht: overal lopen kinderen en volwassenen. Het duurt even om te weten te komen wie hier woont en wie hier op bezoek is. Alle vragen die ik in het Russisch aan het echtpaar stel, worden meteen door de buurvrouw beantwoord. Ik richt mijn vraag nu duidelijk aan het gezin. Aisha (40) en Muchtar (42) zijn al 20 jaar getrouwd en hebben 7 kinderen, één daarvan is een pleegkind. Het meisje Suiumrul woont 7 jaar in deze familie. Zij kwam bij haar tante en oom op anderhalfjarige leeftijd terecht toen haar moeder overleed. Het was vanzelfsprekend dat het meisje bij hen kwam wonen. Aan één woord heeft de pleegvader Muchar hiervoor genoeg: Normalno', zegt hij in het Russisch. Suiumrul's vader is sinds kort weer getrouwd en heeft een baby. Maar pleegvader Muchar zegt beslist dat Suiumrul bij hen zal blijven wonen. Hier is haar thuis en heen en weer verhuizen is niet goed voor een kind, laat hij duidelijk weten. Totdat Suiumrul getrouwd is zal zij hier blijven wonen! Hij zegt dat het voelt alsof het meisje zijn eigen kind is. In de loop van de middag komt de vader van Suiumrul met zijn nieuwe vrouw en baby op bezoek. Dochter en vader begroeten elkaar hartelijk. Zij zien elkaar regelmatig. Het huis van de pleegfamilie is enkele maanden geleden tijdens een lawine verwoest. Door het ongeluk moesten zij naar het dorp verhuizen. Zij krijgen steun van de overheid om een nieuw huis te bouwen. Muchtar is met familie en vrienden al begonnen aan het nieuwe huis. Het is al september en het huis moet klaar zijn voor de winter begint. Tijdelijk woont de familie nu in een Russische legertent naast het nieuwe huis. Overdag wordt hier genaaid, s nachts slaapt hier de familie. De moeder Aisha is tien jaar geleden begonnen met naaien om aan het levensonderhoud van de familie bij te kunnen dragen. Zij naait kleden, dekens en kussens voor de verkoop op de markt. In een week kan zij 30 kussens naaien. Haar oudste dochter helpt haar en een buurvrouw komt ieder week langs om te leren naaien en een kopje thee te drinken.