artikel uit Mobiel 6, december/januari 2003/4

Van hulpvrager naar hulpgever

Door: Flip Woltering

Twaalf jaar geleden plaatste ik een klein, ziek jongetje in een pleeggezin: Kees. Zijn moeder Joke is vandaag de dag niet alleen moeder van een pleegkind, maar ook nog gewoon' moeder en zelfs netwerkpleegouder. Een boeiende levensloop, waar een omslag in plaatsvond van hulpvrager naar hulpgever.

De start van Kees' leven was moeilijk: zijn vader overleed al voor de geboorte. Joke kreeg een ernstige zwangerschapsvergiftiging en toen zij in coma raakte, is Kees veel te vroeg gehaald'. Joke vertelt: "Hele stukken van mijn leven zijn na de geboorte een tijdlang kwijt geweest. Ik raakte bovendien in een psychose en heb een heel zware tijd gehad, omdat Kees heel veel medische verzorging nodig had. Zijn longen waren niet volgroeid en beschadigd door de noodzakelijke toediening van zuurstof. Dat had en heeft gevolgen die het best te vergelijken zijn met heel zware astma. Hij moest gesprayd worden en dat lukte vaak niet omdat hij zo tegenspartelde. Kees heeft het eerste jaar van zijn leven ook veel in het ziekenhuis gelegen en iedere keer ging het weer mis. Ik kon dat psychisch en emotioneel niet aan. Je wilt lief zijn voor je kind maar je moet het verdriet doen. Na een jaar kon ik het niet meer. Ik weet nog dat ik Kees naar zijn pleeggezin ging brengen: dat gevoel van niet weten wat er boven je hoofd hangt. Hoe zal het zijn? Wat vinden ze van mij? Van Kees? Het was voor mij vergelijkbaar met de keer dat ik zelf uithuis geplaatst was. Dat gevoel kwam weer boven. Die onzekerheid. Dat gevoel los te zijn van alles wat je vertrouwd is"

Jokes jeugd is chaotisch te noemen: "Het was thuis armoe. Er werd bij ons meer gedrild dan opgevoed. Vaak werd er fors gestraft. Ondanks alles: uithuisplaatsingen, echtscheiding en een nieuw huwelijk, is er altijd wel contact met mijn ouders, broers en zussen blijven bestaan."

Smoesjes

Joke vervolgt: "Ik wilde uiteraard graag contact houden met Kees. Maar wat is dat in het begin moeilijk geweest. Ik was zo onzeker. Bang wat anderen zouden zeggen en denken. Daardoor had ik de grootste moeite bezoekafspraken na te komen. Ik kon er geen weg mee en verzon smoesjes. Mijn hele leven stond totaal op zijn kop. Door Chris en Lia, de pleegouders van Kees, ben ik er in die tijd bijna aan mijn haren bijgesleept. De hulpverleners lieten me trouwens niet los. Ik zag dat het goed ging. Ik was daar wel blij mee, maar ook boos dat ik het zelf niet op kon brengen. Toen ik besefte dat mijn onvermogen om Kees zelf op te vangen vooral medische oorzaken had, kon ik het feit dat Kees in een pleeggezin woonde een plekje geven en aan mezelf gaan werken. In die periode is ook het contact met Chris en Lia verbeterd. Ik kon meer ingaan op hun manier van omgaan met mij en Kees. Ik kon beter voelen dat ik echt geaccepteerd werd als moeder, dat ik een rol in Kees' leven moest, maar ook mocht spelen. We zijn alle drie, ieder op onze eigen manier, belangrijk voor Kees."

Nog een kind

Zo'n acht jaar geleden werd Joke zwanger van Marieke: "Wat een vreugdevolle tijd had moeten worden, werd weer een uiterst zorgelijke periode. Marieke kwam ook veel te vroeg en bovendien gehandicapt ter wereld. Na drie jaar bleek ze, als blijvend gevolg van de vroeggeboorte astma te hebben. Ze heeft een gehoorstoornis en ze is erg slechtziend. Later bleek dat ze een extreme verlatingsangst had. Op het M.K.D. adviseerde men tehuisopname. Ik ben toen heel boos geworden. Ik wilde en moest het zelf doen. Heb daar ook heel veel steun bij gehad. Ze wordt nu geleidelijk sterker. Ze heeft meer weerstand en is minder overgevoelig. Marieke volgt speciaal onderwijs vanwege haar handicaps. Ik ben zo blij dat ik het nu wel kan."

Hulpgever

Ongeveer een jaar geleden liep het met de opvoeding en verzorging van Jokes neefje Pascal helemaal fout: "Ik heb me toen aangeboden als netwerkgezin en dat bleek te kunnen. Iets waar ik ontzettend blij mee ben. Pascal blijkt een flink hechtingsprobleem te hebben. Gelukkig zien we dat hij zich nu wel meer gaat hechten en zich op andere fronten goed ontwikkelt en zijn achterstand inhaalt. Ik heb het geluk dat ik voor een lichamelijk gezonde baby mag zorgen. Marieke is dol op haar pleegbroertje, al valt het voor haar natuurlijk niet altijd mee de aandacht te moeten delen. Vooral in het begin viel dat soms flink tegen. Natuurlijk houd ik van Pascal. Hij gaat zich aan me hechten en omgekeerd. Toch hoop ik dat zijn ouders zo geholpen kunnen worden dat ze zelf voor hem kunnen zorgen. Ik probeer waar mogelijk hen bij de opvoeding van hun zoon te betrekken. Mocht het niet lukken, mijn deur staat open. Ik probeer mijn zus en zwager er op voor te bereiden dat hij straks tegen mij als eerste mama zal zeggen. Hij hoort hier niet anders. Ik weet nog hoe pijnlijk dat voor mij was, al was het eigenlijk heel logisch. Ik heb dankzij alles de cirkel kunnen doorbreken en ben blij en ook best trots, dat Pascal binnen onze familie opgevangen en verzorgd kan worden. En dat we er allemaal gelukkig mee zijn."