artikel uit Mobiel 5, oktober/november 2003

‘Ik wil geadopteerd worden’

geen goede ondersteuning

Door: Siemen Spinder

Regelmatig ontvangt de redactie van Mobiel verzoeken om nader in te gaan op de mogelijkheden voor pleegouders om hun pleegkind te adopteren. In dit nummer het verhaal van Mirjam en Edward, die hun pleegzoon Pepe onlangs geadopteerd hebben. Ook komt een tante van Pepe aan het woord op pagina 11 en 12. Zij stemt van harte in met de adoptie. De adoptie is echter niet voor alle familieleden van Pepe even gemakkelijk…

Pepe is nog maar 8 jaar oud als zijn uit Spanje afkomstige vader overlijdt. Wantrouwen in de medische stand had vader ervan weerhouden tijdig een arts te raadplegen. Dat moest hij - na een ziekbed van twee jaren - uiteindelijk bekopen met de dood. Voor Pepe’s moeder zijn die jaren slopend. Pepe, maar ook zijn 17 jaar oudere broer, hebben daar onder te lijden. Dat gaat zo ver dat de buren zich genoodzaakt voelen de Raad voor de Kinderbescherming in te lichten. Pepe wordt onder toezicht gesteld. Familieleden van vader en moeder proberen te helpen. Pepe wordt dan eens door de één dan eens door de andere tante voor enkele dagen of een weekend opgevangen. Dan wordt moeder zelf ziek; zo ernstig dat ook zij - slechts acht maanden later - overlijdt. Pepe voelt zich op drijfzand staan. Een zware last rust op zijn schouders: het verdriet om het verlies van zijn beide ouders en de onzekerheid over wie er nu voor hem zal zorgen.
De ooms en tantes waar hij tot nu toe wel eens verbleef, verkeren allen in de fase dat ze ‘uit de kleine kinderen’ zijn. Binnen de familie is er niemand die het met Pepe aandurft. Niet alleen zijn leeftijd, maar ook de geschiedenis die hij met zich meedraagt, speelt daarbij een rol. Het is inmiddels wel duidelijk dat er van de toekomstige opvoeders van Pepe meer dan een normale inzet vereist is.

Verlangen

Mirjam en Edward verlangen naar een kind, maar tot hun verdriet is het tot nu toe niet gelukt zelf een kind voort te brengen. De resultaten van doktersbezoeken en vele onderzoeken hebben hen de hoop op een mogelijke zwangerschap ontnomen. Beiden hebben het sterke verlangen een kind (en misschien wel meerdere) te willen opvoeden en groot te brengen. Zij besluiten zich aan te melden voor adoptie van een buitenlands kind. In de tijd dat de procedure loopt is er bij Mirjam op het werk een collega die afwezig is in verband met het overlijden van zijn zus. "Toen kwam hij weer op kantoor en dan ga je condoleren. Daarbij zei hij: "Het is heel triest, want haar man is een half jaar terug overleden." De eerste vraag van mij was: "O jee, waren er kinderen?" Ik hoorde zo dat er een jongetje van acht en een veel oudere broer was. De situatie bleef in mijn hoofd hangen". Drie weken daarna informeert Mirjam hoe het gaat en vraagt of ze voor de kinderen een plek hebben kunnen vinden. Dan hoort ze dat er voor de oudste (25 jaar) een oplossing gevonden is, maar dat de toekomst voor de achtjarige Pepe zeer waarschijnlijk lijkt te liggen in opgroeien in een kindertehuis. "Ik zeg tegen Edward: ‘Laten wij dat gebeuren?’ Als niemand hem kan hebben, dan nemen wij hem toch." Vol twijfel over of dat wel zal kunnen, gaan ze het ‘gewoon vragen’. Mirjam spreekt haar collega aan. Die vindt het geen gekke vraag. Jeugdzorg, die in verband met de bestaande ondertoezichtstelling bij de zaak betrokken is, had al gesuggereerd om eens in het bredere netwerk van vrienden of bekenden rond te kijken.

Wending

Dat geeft hoop. Maar dan neemt de zaak een wending. Nu het ouderlijk gezag is weggevallen, moet er iemand zijn die - ook in juridische zin - verantwoordelijk is voor Pepe. De rechter lost dit op door de uitoefening van het gezag toe te wijzen aan een tante van Pepe. Tante Ans, een zus van moederskant, wordt voogdes en heeft daarmee de volledige zeggenschap over Pepe, slechts beperkt door de ondertoezichtstelling, die gehandhaafd blijft. De stem van tante Ans is
nu van groot gewicht. Zij heeft bezwaar tegen de plaatsing bij Mirjam en Edward. Zulke jonge ouders zijn in haar ogen niet zo geschikt, omdat Pepe’s ouders
al relatief oud waren. Een ander pleeggezin wordt gezocht en … gevonden! Mirjam en Edwards hoop vervliegt. Ze leggen zich erbij neer. "Dan moet het maar zo zijn".

Terug bij af

De kennismakingsperiode in het beoogde pleeggezin verloopt echter niet succesvol. Pepe wordt afgewezen. De familie is terug bij af. De druk wordt zo groot dat uiteindelijk de voogdes schoorvoetend akkoord gaat met een kennismakingsgesprek met Mirjam en Edward. Dat verloopt moeizaam. "De afkeuring droop er van af." Toch wordt er een plan gemaakt voor een eerste ontmoeting. Pepe moet ook de gelegenheid krijgen om nee te zeggen, vinden Mirjam en Edward. Maar het klikt. En na enkele logeerweekenden verhuist Pepe naar het nieuwe gezin. Mirjam en Edward leven nog steeds in de veronderstelling dat ze Pepe kunnen adopteren. De gezinsvoogd, met wie ze dit hadden kunnen bespreken en die hun op de (on)mogelijkheden had kunnen wijzen, is buiten beeld. "Pas toen hij eindelijk bij ons woonde, zei de familie: ‘We willen niet dat hij geadopteerd wordt. Hij mag het zelf beslissen als hij twaalf is.’ Wij wilden hem voor altijd hebben. Doordat het zo ging, voelden wij ons er op een gemene manier ingeluisd".
"Toen Pepe al twee en een halve maand bij ons woonde, kregen we eindelijk contact met jeugdzorg en pleegzorg. Toen pas kregen wij begeleiding." Ze zijn ontzettend blij met de vrouw die vanuit de pleegzorginstelling de plaatsing begeleidt. Zij geeft de steun die Mirjam en Edward in die fase hard nodig hebben. Pepe, die zeer tevreden is met zijn nieuwe gezin, vertoont van tijd tot tijd heftige reacties. "Daar reageerden wij intuïtief goed op. Het was zo fijn om van onze begeleidster te horen dat we het goed aanpakten!"
Toch is het een onzekere periode. Terwijl Mirjam en Edward hun best doen om zo veel mogelijk familieleden te leren kennen en te bezoeken, blijft het contact met tante Ans moeizaam verlopen. Er ontstaat onder meer onenigheid over een bezoekregeling met haar en jeugdzorg dreigt zelfs de plaatsing te beëindigen. "Dat soort dingen speelden keer op keer. Ons gezin ging eraan kapot. Na een jaar moesten we tegen onze pleegzorgbegeleidster zeggen: We kunnen het niet meer aan".

Steun

"Ondertussen zei iedereen: Wat gaat het goed met hem! Hij was fysiek helemaal opgeknapt (van de verschijnselen van ondervoeding), geestelijk ging het goed met hem …" Vanwege het verstrijken van één jaar wordt er op initiatief van jeugdzorg uitgebreid geëvalueerd. Dit pakt gunstig uit. Doordat nu alle betrokkenen bij elkaar zitten wordt duidelijk waar de schoen wringt. Mirjam en Edward krijgen de steun die ze nodig hebben. De plaatsing blijft gehandhaafd.
Dan komt er enige rust in de situatie. Omdat Pepe nu een jaar in het gezin is opgevoed, voelen de pleegouders zich enigszins beschermd tegen onverwachte acties door het blokkaderecht. Pepe is een intelligente jongen die goed in de gaten heeft wat er allemaal om hem heen gebeurt. Mirjam en Edward leggen uit dat ze voorlopig pleegouders zullen moeten blijven. Liever zouden ze definitief zijn vader en moeder willen zijn, maar adopteren kan nu niet. Over een paar jaar, als hij 12 wordt, kan dat misschien wel. Dan heeft hij daar zelf meer over te zeggen. "Maar je mag wel altijd bij ons blijven" is de boodschap die ze hem nadrukkelijk meegeven.

Pepe ontwikkelt zich goed. Met beide (pleeg)ouders ontstaat een vertrouwensband. De adoptiewens vervaagt. Een half jaar voor zijn twaalfde verjaardag zegt Pepe plots: "Het was toch zo dat ik op mijn twaalfde zelf mag zeggen wat ik wil?" "Ik wil eigenlijk wel geadopteerd worden!" Op de vraag waarom hij dat wil, antwoordt hij: "Het voelt of jullie mijn ouders zijn geworden". Mirjam en Edward gaan uitzoeken wat de mogelijkheden zijn. Een uitstekende advocaat wijst hen de weg. Ook maken ze Pepe’s wens bekend bij jeugdzorg, pleegzorg en de familie. De familie van vaders kant steunt het idee. Bij die van moeders kant is weinig enthousiasme te bespeuren. Ze stellen zich wat ‘formeel en koel’ op, maar accepteren de situatie na verloop van tijd.
De procedure wordt in werking gezet. "De zitting zelf, daar moest hij in zijn ééntje naar toe. We mochten even binnen komen om gedag te zeggen tegen de kinderrechter, maar toen moesten we weg. Volgens de rechtbank had hij zich kranig geweerd".
De adoptie wordt toegewezen en brengt veranderingen met zich mee. Vanaf het moment dat Pepe zegt geadopteerd te willen worden, gaat hij pa en ma zeggen. "Vóór de adoptie was hij altijd inhuizig en na de adoptie was hij veel makkelijker uithuizig". En nu het een feit is, merk je dat bij hem nog meer zekerheid ontstaat: hier hoor ik, hier blijf ik."