artikel uit Mobiel 3, juni/juli 2003

thema: Grote pleeggezinnen

1974 ... Een gezinshuis doe je samen

Door: Truus Houtkoop, uit Mobiel, december 1974

Gesprek met mevrouw Oosterom, pleegmoeder in een 'gezinshuis'

EEN GEZINSHUIS DOE JE SAMEN

Een gesprek met mevrouw Oosterom, pleegmoeder in een 'gezinshuis'

In het septembernummer van 'Mobiel' was een artikel geplaatst over gezinshuizen. Daarin werden o.a. de verschillende soorten gezinshuizen genoemd. U hebt een 'gewoon' gezinshuis, hoe lang al? 

Ongeveer drie jaar geleden zijn we begonnen. We hadden toen al twee eigen- en twee pleegkinderen en er zijn nog vier grote kinderen bijgekomen. Sinds die tijd is er slechts n jongen weggegaan die het hier niet redde en voor wie iemand anders in de plaats is gekomen. Nu is die continuteit vooral voor ons erg belangrijk want we hebben vier jonge kinderen (de jongste is vier), en die zien toch al zoveel verschillende gezichten. Van maatschappelijk werkers, van ouders die op bezoek komen, de vrienden en vriendinnen van de groten. En als de broers en zusjes zelf dan ook nog wisselen wordt het voor hen heel moeilijk te verwerken.

U wordt begeleid door iemand van de instelling die de kinderen heeft geplaatst. Is die hulp voldoende, vindt u?

Jawel en je hebt dat nodig ook. Niet alleen om problemen samen op te lossen maar ook om zomaar eens te kunnen praten. Er zijn geen mensen in je omgeving die in een vergelijkbare situatie leven en je bent dus erg op jezelf en op elkaar aangewezen. Verder heb je als jonge ouders met bijna volwassen 'kinderen' te maken, hoewel het kleine verschil in leeftijd vaak een voordeel is.

De meeste ouders van uw leeftijd hebben de avonden voor zichzelf. Dat hebt u niet, want de oudsten uit uw gezin gaan natuurlijk pas laat naar bed. Vindt u dat een bezwaar?

Nee, dat vinden we helemaal niet erg. Wel is er inderdaad weinig tijd voor hobby's, kursussen, bezoeken afleggen e.d. Mijn man en ik hebben soms weinig tijd voor elkaar, maar onze vakanties tweemaal per jaar, vergoeden veel. Want af en toe er helemaal tussenuit samen heb je wel nodig om het daarna weer aan te kunnen. 

Al probeert u zoveel mogelijk een gewoon gezin te zijn, u blijft natuurlijk hier in de buurt een buitenbeentje. Hoe reageren uw buren op het feit dat ze naast een gezinshuis wonen?

Voor sommige mensen is het moeilijk te begrijpen dat je zoiets doet, er zijn nog niet zo heel veel gezinshuizen. Soms geeft dat wel eens spanningen. Maar aan de andere kant krijgen we ook veel hulp van buurtgenoten, b.v. als er eens opgepast moet worden. Je timmert aan de weg door dit werk te doen en natuurlijk krijg je dan kritiek. Dat kunnen we wel opvangen, een echt probleem is het niet.

We willen overigens wel in een grotere plaats gaan wonen want ondanks alle voorbereiding horen onze kinderen hier toch vaak: 'jij komt zeker uit dat tehuis'. En juist tegen dat zinnetje willen we ze zo graag beschermen. Maar u begrijpt dat verhuizen voor ons niet zo eenvoudig is, de keuze is beperkt. De kinderen hebben hun scholen, er zijn kontakten met ouders en maatschappelijk werkers en je kunt van die mensen niet verwachten dat ze uren gaan reizen om ons te bezoeken.

Wat zou er gebeuren denkt u, als dit hier mis gaat?

In 'Mobiel' heb ik gelezen dat sommige instellingen er vanuit gaan dat dan de kinderen bij elkaar blijven en er gezocht gaat worden naar een ander echtpaar.

Dat lijkt me weinig praktisch gedacht. Want zo'n gezin als het onze vormt een geheel. Zowel voor de kinderen- en dan vooral voor de oudsten - als voor ons geldt, dat je met elkaar overweg moet kunnen. En dat zijn vaak heel subtiele dingen die bepaald niet op dezelfde manier voor een ander echtpaar gelden.

Nee, we zien onszelf als gewone ouders die er immers ook niet mee kunnen stoppen, dan moeten de moeilijkheden wel heel groot geworden zijn.

Maar je kunt er natuurlijk niet eeuwig mee doorgaan. We vinden dat je als je zo omstreeks de vijftig bent gewoon niet flexibel genoeg meer bent om dit werk aan te kunnen. Ermee stoppen moet dan zoveel mogelijk op natuurlijke wijze gaan, dus doordat alle kinderen volwassen geworden zijn.

We hebben het nu steeds over 'dit werk'. Ziet u het hebben van een gezinshuis ook als een baantje?

Nee, uitdrukkelijk niet. Als je een baan wilt kun je beter iets anders zoeken. Verder moet je dit beslist samen doen, voor mijn man is karrire maken er niet bij, daarvoor heeft zijn gezin hem teveel nodig. Maar dat vinden we niet erg, dit is waarvoor we gekozen hebben.

Voor het huishoudelijk werk is er natuurlijk hulp, maar opvoeden moet je samen doen. En we proberen dan ook elke dag samen voor ieder kind tijd te hebben, daar laten we andere dingen voor liggen.

Bent u nog even enthousiast als drie jaar geleden?

O ja, dat zijn we zeker, al ligt het nu natuurlijk anders, want je had drie jaar geleden eigenlijk geen idee waar je aan begon. We waren heus goed genformeerd maar de praktijk is toch altijd anders. En je moet het toch wel duidelijk met elkaar maken.

We hopen het nog lang en met enthousiasme te kunnen doen.