De grondlegger van de William Schrikker Stichting (hierna W.S.S.
genoemd) is Pier de Boer. In 1904 werd Pier de Boer onderwijzer in
het Buitengewoon Lager Onderwijs (BLO). De leerlingen die van de BLO-school
afkwamen, bleken vaak bijzondere zorg nodig te hebben. Ze klopten
aan bij de oud-leraar. De vraag om hulp werd zo groot dat Pier de
Boer in 1922 werd aangesteld als Ambtenaar Nazorg. Wat bijna een eeuw
geleden begon, is deze dagen uitgegroeid tot een professionele organisatie.
Pier de Boer vond dat mensen met een verstandelijke handicap in hun
vertrouwde omgeving het best tot hun recht kwamen. Regelmatig ging
hij zelf op zoek naar een pleeggezin als bleek dat de ouders niet
voor hun kind konden zorgen. Vaak kwam hij kinderen tegen van wie
de ouders eigenlijk uit de ouderlijke macht ontzet of ontheven moesten
worden. In 1939 pleitte Pier de Boer voor een gespecialiseerde afdeling
Voogdij voor kinderen met verstandelijke beperkingen. Pas in 1942
kreeg de Afdeling Voogdij erkenning van het ministerie.
Pier de Boer startte met een staf van vier personen en vijf pupillen.
De stichting groeide gestaag en werd zelfstandig. Helaas bestond er
al een ‘Pier de Boer stichting’. Om die reden werd gekozen
voor de naam van het meest betrokken bestuurslid. Zijn naam was William
Schrikker. Hij was een liberaal op het gebied van hulpverlening. Vanaf
1950 was hij nauw betrokken bij de Voogdij Afdeling van de Arbeidsinrichting
voor Geestelijk Onvolwaardigen (AGO). In 1966 nam hij op 80-jarige
leeftijd afscheid van de AGO.
W.S.S. en pleegzorg
In 1982 werd gezinsvoogdij (OTS) toegevoegd aan het werkveld van
de W.S.S. Daarbij werd de doelgroep uitgebreid met kinderen met een
lichamelijke handicap. Jarenlang groeide de stichting enorm. De doelgroep
werd opnieuw uitgebreid. Inmiddels horen ook kinderen met andere handicaps
erbij.
Door de wettelijke scheiding van hulp en recht in 1993 was de oprichting
van de Voorziening voor Pleegzorg nodig. De Voorziening voor Pleegzorg
van de W.S.S. maakt gezinsopvoeding mogelijk voor gehandicapte kinderen
die niet thuis kunnen wonen. Zij biedt gespecialiseerde begeleiding
aan pleeggezinnen die een kind met een handicap op willen vangen.
De gespecialiseerde begeleiding is erop gericht hen zo goed mogelijk
voor te bereiden en te ondersteunen bij hun taak.
Wat komt er kijken bij de komst van een gehandicapt pleegkind? Welke
specifieke opvoedingsvragen spelen bij dit kind met juist deze handicap?
De gespecialiseerde pleeggezinbegeleiders hebben veel ervaring met
deze kwesties. Het streven is dat pleegouders niet zo zeer gericht
zijn op de vorderingen, maar het kind accepteren zoals het is. Inschatten
wat wel en wat niet mogelijk is in het leven van het gehandicapte
kind, loopt als een rode draad door de begeleiding heen. De W.S.S.
werkt nu voor ruim 3200 pupillen, waarvan er ongeveer 1000 in een
pleeggezin wonen. De W.S.S. heeft de (gezins)voogdij over ruim 2500
gehandicapte kinderen.
Project Intensieve Pleegzorg (PIP)
De W.S.S. heeft PIP ingesteld om pleegzorg ook mogelijk te maken
voor gehandicapte kinderen met ernstige gedragsproblemen. Een aantal
pleegouders krijgt tijdelijk extra ondersteuning van een zeer ervaren
pleeggezinbegeleider. Daarnaast is er meer tijd beschikbaar. De pleeggezinbegeleider
maakt bovendien deel uit van een gespecialiseerd team van deskundigen,
die de opvoedingssituatie in het pleeggezin continu blijft volgen.
Door deze intensieve begeleiding neemt de kans toe dat ook de ‘moeilijke’
gehandicapte kinderen in een pleeggezin kunnen blijven wonen.
De W.S.S. bestaat 60 jaar
In 2002 bestond de W.S.S. 60 jaar. Ter gelegenheid daarvan heeft
de stichting begin dit jaar een boek uitgegeven met als titel: Recht
op zorg van het gehandicapte kind. Het is een bundel van het gelijknamige
symposium dat op 22 november 2025 werd gehouden en biedt in een breed
scala inzicht in de zorg voor gehandicapte kinderen.
Naschrift
De publicatie ‘Recht op zorg van het gehandicapte kind’
door S. Groenbos en W. Dekker is te bestellen bij de William
Schrikker Stichting via telefoonnummer 020-398 97 77. De kosten
zijn € 11,90. In deze publicatie wordt het gehandicapt zijn
van diverse kanten bekeken. Er wordt geschreven over het recht op
zorg, over opvoedingsondersteuning, opvoedingsproblemen, over hoe
de maatschappij en de politiek omgaat met gehandicapten, over de
wensen en de arbeidsmogelijkheden van de gehandicapten. Ik vond
het verrassend om over al die verschillende invalshoeken van het
gehandicapt zijn te lezen. Door de uitspraak: ‘We gaan voorbij
aan hetgeen gehandicapten ons vertellen, namelijk dat we een verstandelijke
samenleving zijn geworden die gevoelens ondergeschikt heeft gemaakt
aan het verstand.’, ga je nadenken over zorg en het gehandicapte
kind. Deze publicatie is zeker de moeite waard voor iedereen om
te lezen. (JZ)