Met bijna alleen maar crisisplaatsingen komt afscheid nemen bij ons
nogal eens voor. Vanaf het begin proberen we de kinderen duidelijk
te maken dat ze een tijdelijk plekje bij ons hebben, een soort lange
logeerpartij. Vooral voor kleintjes is dit moeilijk te bevatten. Hun
tijdsbesef is nog niet zo ontwikkeld. Om te voorkomen dat ze zich
te veel zouden gaan hechten en om de bittere pil van het afscheid
nemen een beetje te vergulden, noemen we deze lange logeerpartij in
een adem met het afscheidsfeestje aan het einde.
In de tijd dat ze bij ons zijn, schrijf ik alle leuke, mooie maar
ook nare of verdrietige momenten op. Ongeveer één keer
in de week maak ik foto's van gewone dingen. Samen aan tafel, de speelhoek,
de huisdieren en natuurlijk de kinderen in hun tijdelijke omgeving
met hun tijdelijke huisgenoten en spulletjes.
Als het moment van vertrek nadert, voel ik me een Judas. Met geveinsde
opgewektheid en een glimlach die pijn doet van krampachtigheid, hou
ik het vol. Hoera, het kind mag naar huis terug of naar een betere
plek. Feest, inclusief ballonnen, slingers en een cadeautje. Vast
cadeau is mijn boekje, een soort dag/foto/plakboek met een persoonlijk
gedichtje, ook als het om een afgebroken plaatsing gaat. Bij hun vertrek
wuif ik ze uit totdat de auto om de hoek van de straat is verdwenen.
Standaard is dan, dat ik de boel de boel laat en bij mijn buurvrouw
mijn tranen de vrije loop laat. Met een schouderklopje, bemoedigende
woorden en een bosje bloemen als troost ga ik daarna weer naar huis.
Hun gezichtjes staan in mijn geheugen gegrift. Zouden ze nog eens
aan mij denken? Misschien met behulp van het afscheidsboekje?