artikel uit Mobiel 6, december/januari 2002/3

thema: Levensovertuiging

SGJ: pleegzorg vanuit het christelijk geloof

Door: Ina Scholman-Huisman

Een levensbeschouwelijke organisatie die zich met pleegzorg bezighoudt, is de Stichting Gereformeerde Jeugdzorg (SGJ). De wortels liggen in de Christelijk Gereformeerde Vereniging voor Jeugdwelzijn die al in 1924 is opgericht en toen een weeshuis startte. Christelijk Gereformeerde wezen kregen in reguliere weeshuizen namelijk niet die christelijke opvoeding die voor hen wenselijk werd geacht. Later breidde de hulpverlening zich uit naar jeugdhulpverlening in het algemeen voor kinderen uit de behoudende Gereformeerde Kerken (Christelijk Gereformeerde Kerk, Gereformeerde Kerk vrijgemaakt, Nederlands Gereformeerde Kerk, Gereformeerde Bond van de Nederlands Hervormde kerk, Gereformeerde Gemeente en ook steeds meer voor kinderen uit Evangelische Gemeentes).

Ryanne Nederveen is voorlichter bij de SGJ en vertelt dat mensen die met opvoedingsproblemen aankloppen bij een reguliere zorginstelling toch vaak een stukje begrip bij hulpverleners missen. Als voorbeeld noemt ze het kind dat zich afkeert van het geloof en de kerk. De hulpverlener accepteert dat, het kind is immers vrij daarin zelf zijn keuze te maken. De maatschappelijk werker van de SGJ wil dat ook wel accepteren, maar niet eerder dan nadat goed met het kind is doorgepraat of dit een keuze is tegen het geloof of eigenlijk een keuze tegen de ouders. Een ander voorbeeld is het kind dat van z’n ouders weinig liefde en aandacht heeft gekregen. Moet het kind afstand nemen van de ouders? De hulpverlener van de SGJ begrijpt heel goed hoeveel problemen dit voor het kind oplevert, omdat ook een van de tien geboden uit de bijbel, namelijk "eer je vader en je moeder" in het geding komt.

Matching

Als binnen kerken geconstateerd wordt dat er vraag is naar een christelijke opvoeding, dan moeten die kerken daar natuurlijk op inspringen. De SGJ werft haar pleeggezinnen daarom in dezelfde achterban, als waaruit de kinderen komen. Ryanne: "Over het algemeen hebben wij voldoende pleeggezinnen in ons bestand om de aangemelde kinderen op te vangen. Gewone voorzieningen voor pleegzorg zijn daar wel eens jaloers op. Toch is het wel eens moeilijk de ideale match te maken, als net niet dát gezin beschikbaar is dat dít kind met zijn specifieke hulpvraag (bijvoorbeeld wat betreft school en kerk) kan opvangen. Uiteraard zijn er ook Gereformeerde gezinnen die zich bij reguliere pleegzorginstellingen hebben aangemeld. Ze zijn tevens inzetbaar voor andere kinderen die hulp nodig hebben. De SGJ kan wel pleeggezinnen, maar geen kinderen werven.
Wordt voor alle kinderen uit de achterban wel aangeklopt bij de SGJ? Ryanne vertelt dat de SGJ veel contacten onderhoudt met plaatsende instanties. Daardoor is zo langzamerhand goed bekend voor welke kinderen de SGJ kan bemiddelen. Uiteraard hebben ouders een belangrijke stem in het kapittel. Zij geven aan dat ze graag door een gelovige maatschappelijk werker begeleid worden en plaatsing in een kerkelijk meelevend gezin van groot belang achten. De laatste jaren wordt er vaker een beroep op de SGJ gedaan. Doen zich meer opvoedingsproblemen voor in gelovige gezinnen? Ryanne denkt dat het komt doordat er nu minder schroom is om met de problemen naar buiten te komen en hulp in te roepen.

Veilige omgeving

De SGJ heeft te maken met "gelovige ouders die zich als doel stellen dat hun kinderen de ouderlijke godsdienstige overtuiging overnemen." (vlg. Miedema en De Roos) Deze ouders vinden een ander gezin pas een veilige omgeving voor hun kind als daar hetzelfde geloof wordt beleden. De overheid hechtte weinig waarde aan de godsdienstige overtuigingen van haar burgers en daarom moest de SGJ haar bestaansrecht regelmatig bewijzen. Het laatste kabinet dacht daar weer wat genuanceerder over en wilde meer ruimte geven aan identiteitsgebonden zorg. Verder wil de overheid alle jeugdzorg provinciaal organiseren en een landelijke organisatie past daar maar moeilijk in. Dat de SGJ bestaat, kost de overheid geen extra geld. De subsidie vindt op gelijke wijze plaats als bij andere organisaties. Een deel van de jeugdhulpverlening wordt niet gesubsidieerd. Daar dragen de kerken jaarlijks voor bijna een miljoen euro aan bij. De SGJ moet uiteraard voldoen aan de kwaliteitseisen die de overheid stelt aan hulpverleningsorganisaties.


Pleegouders

Marisa: "De moeder van mijn pleegkind gaf me een rozenkrans mee om boven het bed van haar dochtertje te hangen. "Dat zou haar beschermen", had de priester gezegd. Alhoewel ik zelf gelovig ben had ik toch het gevoel dat het kind meer aan mijn bescherming had dan aan die van de rozenkrans".

Jaap: "Wij kregen een kindje in huis dat een moslimmoeder heeft. Ik schrok en vroeg mijn pleegzorgwerker wat ik daarvoor doen of laten moest. Die was er heel makkelijk in en zei dat ik er geen rekening mee hoefde te houden. "Het kind is nu immers bij jullie, dus jullie bepalen wat er met hem gebeurt."

Simone: "Wij hebben al heel wat jaren pleegkinderen in huis, maar in al die tijd is er nog nooit naar ons geloof gevraagd, ook niet in de voorbereidingsperiode. We zijn meelevende christenen en voeden onze pleegkinderen vanuit die normen en waarden op."

Herman: "Toen wij ons hadden opgegeven als pleeggezin werd ons wel gevraagd naar onze geloofsovertuiging. Ook werd er gevraagd of wij een moslimkind in huis zouden willen nemen. Wij zijn daar in principe niet op tegen, maar het lijkt me heel onpraktisch. Dan zou ik bijvoorbeeld ‘s zaterdags met een moslimkind naar de moskee moeten, terwijl we zondags met het hele gezin naar de kerk gaan".

Jannie: "Wij hangen zelf geen godsdienst aan, maar hebben wel respect voor de geloofsovertuiging van een ander. We zouden dus erg ons best doen ons pleegkind geen dingen te laten doen die zijn geloof verbiedt".

De SGJ is aangesloten bij de Stichting Pleegzorg Nederland en doet mee met de landelijke campagne voor het werven van pleeggezinnen. In sommige regio's volgen pleegzorgmedewerkers de specialisatiecursussen die bij zusterorganisaties worden gegeven.