In deze rubriek komen dilemma’s aan de orde die in ieder pleeggezin
zouden kunnen voorkomen. Steeds wordt een dilemma beschreven en in
de volgende Mobiel wordt aangegeven hoe ermee werd omgegaan in het
pleeggezin. Als u suggesties heeft voor een oplossing of ervaring
met een vergelijkbare situatie, wordt u van harte uitgenodigd de redactie
daarvan op de hoogte te stellen. Schrijf voor 11 november naar Postbus
8711, 4820 BA Breda of via de email:
Nemen we alleen nog maar meisjes op?
Ze heeft er zin in. De paar weken die we moeten wachten op onze eerste
(crisis)plaatsing duren haar veel te lang. Totdat er, toch nog onverwacht,
gebeld wordt: een jongetje van 6 jaar. Ze haalt de duplotrein van
zolder en de autootjes uit de kelder. Onze achtjarige Simone stort
zich vol enthousiasme op haar rol als grote zus. Maar gaandeweg vindt
ze het steeds minder leuk worden. Waarom heeft hij eigenlijk de grootste
kamer? Waarom heeft hij geen eigen speelgoed? Waarom moet hij de hele
tijd zo de aandacht trekken?
Na Raymond komt Sylvia van vijf, een heel klein, helemaal in zichzelf
gekeerd meisje. Simone spreidt een engelengeduld ten toon. Uren zit
ze met haar te knutselen of haar voor te lezen. Ze is de enige van
ons gezin die Sylvia zo nu en dan een lachje weet te ontfutselen.
Met Esther van 11 hebben wij als pleegouders heel wat te stellen.
Ze weet wel erg goed van de hoed en de rand. Simone daarentegen vindt
het prachtig; ze leert allemaal nieuwe dingen.
Ook Charlie wordt met open armen door Simone ontvangen. Maar het gaat
al snel mis. Ze vindt hem vreselijk. In haar ogen kan hij niets goed
doen.
Na zijn vertrek hebben we een ernstig gesprek. "Simone, vind
je alle jongens stom?" "Ja mam, eigenlijk wel". Ze
schrikt zelf van haar antwoord. Ik ook. Wat moeten we nu doen? Alleen
nog maar meisjes opnemen? (AvW)
Een pleegmoeder
Wat doe je je kind aan met al die wisselingen?
In de vorige Mobiel stond het verhaal van Francis, een kleuter nog.
Ze heeft nu twee keer meegemaakt dat er een einde kwam aan een crisisplaatsing.
Dat had (tijdelijk) gevolgen voor haar gedrag. Haar moeder vroeg zich
hardop af wat ze haar kind aandoet door het bewust zulke ingrijpende
gebeurtenissen te laten meemaken. Een collega-pleegmoeder antwoordde
dat kleuters misschien ook wel erg kwetsbaar zijn, maar dat haar ervaring
is, dat je ze toch kunt voorbereiden op een naderend afscheid. De
veerkracht van (kleine) kinderen is groot en omdat de beide ouders
en eventuele broertjes en zusjes toch de stabiele factor zijn, kunnen
tijdelijke pleegbroers en -zussen er best bij. Een andere inzender
beaamt dat dit een lastige kwestie is: "Voor mij ligt de grens
bij mijn eigen kinderen. Aan de ene kant vind ik het heel belangrijk
dat ze meemaken dat er ook kinderen zijn die niet zo’n gemakkelijk
leven hebben als zijzelf. Maar er is wel een grens. En die ligt bij
de leden van mijn gezin. Als daar iemand helemaal ‘afhaakt’
tijdens een plaatsing, dan wordt het tijd voor een periode rust, zonder
pleegkind. Daarom is crisisopvang ons op het lijf geschreven!"