artikel uit Mobiel 3, juni/juli 2002

Amsterdams Centrum voor Kinderstudies

auteur: Ina Scholma-Huisman

Aan de Vrije Universiteit (VU) in Amsterdam is het Amsterdams Centrum voor Kinderstudies (ACK) opgericht. Het ACK is een instituut voor interdisciplinair onderzoek, waarin wordt samengewerkt door drie faculteiten, namelijk de psychologie en pedagogiek, de rechtsgeleerdheid en de geneeskunde. Op dit moment lopen er onderzoeken naar kenmerken van mishandelende ouders, jeugdzorg voor multi-probleemgezinnen, preventie en gedragsproblemen van jonge kinderen, onveilige gehechtheid en hulpverlening en effecten van de OTS. Allemaal onderwerpen die op de één of andere manier ook verband houden met de pleegzorg.

Half april presenteerde het ACK zich aan het publiek met drie lezingen en een debat. In zijn openingswoord zei prof. dr. T. Sminia, rector magnificus van de VU dat het ACK haar onderzoeksresultaten graag wil delen met instanties. Dat wil ze doen door het houden van studiedagen, het geven van bijscholingscursussen en het aanbieden van consultancy. Omgekeerd wil ze graag ‘input’ van mensen die zich in de praktijk met jeugdwelzijn bezighouden.

Prof. dr. A. van Dantzig, emeritus hoogleraar psychotherapie, hield de eerste Oliver Twist lezing. Het ACK heeft het voornemen ieder jaar zo’n lezing te houden voor mensen die geïnteresseerd zijn in ‘het opvoeden van kinderen door ouders in onze maatschappij’. Van Dantzig wees op vanzelfsprekendheden, die wel eens wat minder vanzelfsprekend mogen worden. Zo lijkt het gezin de ideale opvoedingsplaats, maar die is nog te vaak de ideale mishandelingsplaats. Door de muur van privacy rondom het gezin wordt kindermishandeling niet vaak genoeg gesignaleerd of gemeld. Wettelijk gezien zijn kinderen onvoldoende beschermd tegen mishandeling. Dat komt doordat er in de wet sprake is van ‘ouderlijk tuchtrecht’, terwijl niet is aangegeven waar dat overgaat in mishandeling.

Van Dantzig wees op de onmogelijkheid om mensen te screenen op hun geschiktheid om kinderen op te voeden. Hij noemde het voorbeeld van adoptiefouders, die wel gescreend worden. Ik moest denken aan pleegouders, die niet alleen gescreend, maar ook gevolgd worden gedurende de periode dat ze een kind in huis hebben! Misschien is dat wel de belangrijkste eigenschap van pleeggezinnen: bereid zijn de privacy op te geven en opvoedingshulp te accepteren ter wille van het welzijn van hun pleegkind.

Van Dantzig zou graag zien dat het voor iedereen vanzelfsprekend wordt om opvoedingshulp in te roepen. Net zoals iedereen vanzelfsprekend met een kind naar het consultatiebureau gaat en het naar school stuurt! l