artikel uit Mobiel 1, februari/maart 2002

Iedereen verdient meer dan één kans

in zeven maanden naar realitisch idealisme

auteur: Gabriële Langhout

Met stijgende verbazing luister ik naar het relaas van pleegouders Peter en Anja over het verloop van hun eerste plaatsing. In zeven maanden maakten zij meer mee dan het gemiddelde pleeggezin in zeven jaar. Mijn verbazing zit hem niet zozeer in de opeen-hoping van gebeurtenissen, communicatiestoornissen, beschuldigingen en emoties. Het is veel meer de bewonderenswaardige manier, waarop deze pleegouders met hun ervaringen omgaan en welke ‘lessen’ ze eruit trekken, die mij versteld doen staan.

Peter en Anja hebben een zoon van vijf jaar, Luk. De keuze om pleegouder te worden, komt voort uit idealisme om kinderen in nood te helpen. Enkele maanden na de afronding van hun STAP-cursus komt Richard bij hen in huis. Richard is dan zeven jaar. Anja: "Het was een plaatsing met OTS en zou minimaal een jaar duren. We moesten overigens maar rekenen op verlenging. We wisten dat we niet het eerste pleeggezin voor Richard waren, maar hoe zijn verleden precies in elkaar zat, was tamelijk duister." Peter: "Ze konden of wilden ons in elk geval niet veel vertellen. Er was simpelweg geen informatie over de vorige vrijwillige plaatsingen. De situatie is heel erg onderschat. Richard vertoonde gedrag in de lijn van een hechtingsstoornis. Eigenlijk konden we heel veel met hem en voor hem bereiken. Alleen ondermijnde zijn vader de plaatsing. En dat is funest gebleken."

Richard ontwikkelde zich goed bij Peter en Anja. In de loop van de tijd kreeg hij meer vriendjes op school, werd uitgenodigd voor feestjes, kreeg een gezonde kleur op zijn wangen en groeide als kool. "Er waren zelfs momenten dat hij uit zijn schulp kwam: heel soms zagen we echte blijdschap of diep verdriet. Dan denk je toch dat je weer een stapje verder bent. Toch had hij het zwaar. Hij zat tussen twee vuren. Zijn vader vond het maar wat moeilijk om deze plaatsing te accepteren."

Breekpunt

Toen de plaatsing begon, was afgesproken dat de regels en afspraken zeer strak gevolgd zouden worden. Vlak voordat de plaatsing definitief werd, had vader de bezoekregeling al weten te verhogen van één keer in drie naar één keer in de twee weken. Hij vond het toch herhaaldelijk nodig om zijn zoon een extra weekend op te eisen. Peter: "Dat is natuurlijk heel moeilijk voor Richard geweest. Hij kreeg van zijn vader niet de kans om bij ons de rust te vinden. De bezoekregeling was frequent en iedere keer was er een terugval. Dan was Richard uitgehoord over ons, of kreeg hij de boodschap dat hij toch niet lang zou blijven." Rond Sinterklaas ging het mis. De eisen van vader waren te hoog. Anja: "Wij konden onze sinterklaasavond niet op het laatste moment opofferen, terwijl er goede afspraken lagen." Toen puntje bij paaltje kwam, kreeg vader zijn zin en zette het verval definitief in. De plaatser kon of wilde niet tegen de vader opboksen.

Richard vond dat hij achtergesteld werd. Zo mocht hij bijvoorbeeld in de ochtend geen TV kijken. "Dat mag Luk ook niet. Regels zijn regels, en onze normen en waarden worden niet veranderd voor een pleegkind, dat is de omgekeerde wereld." Er volgde een evaluatie met alle betrokken partijen. Vader beloofde beterschap en werd in de daaropvolgende weken inderdaad betrouwbaarder. Maar niet voor lang.

Bluf

Op een goede dag ging de ’s morgens de telefoon: de plaatser. Vader had hen gebeld met de mededeling dat hij de rechtbank had gebeld. En dat hij toestemming had om Richard weer bij zich in huis te nemen. Die avond zou Richard opgehaald worden. "We waren met stomheid geslagen. Kon dit zomaar? Ja, bleek later. Want, na een haastig afscheidsfeestje, konden we hem uitzwaaien." Peter: "Die middag kon ik hem zo goed en zo kwaad als het ging voorbereiden op wat er ging gebeuren. Hij wilde best terug, maar het ging hem allemaal te vlug. Wij snapten er ook niets van. Maar je zet je eigen gevoel opzij voor het pleegkind! Later bleek dus dat vader een potje blufpoker, want alles was gelogen, had gespeeld en dat hij op die manier zijn zoon weer terughad."

"Toen begon het voor ons pas echt. Luk en Richard zaten op dezelfde school. Van de ene op de andere dag was Luk lucht voor Richard. Leg dat maar eens uit aan een kleuter! Richard had het trouwens ook niet gemakkelijk, want hij moest precies doen wat vader van hem verwachtte. We werden fors nagetrapt: Vader ging alle vriendjes af met de mededeling dat Richard geen contact meer mocht hebben met Luk."

Dieptepunt

Peter: "In de loop van de tijd geef je deze ervaring een plaats en neem je er afstand van. Maar we waren er nog niet. Terug van de zomervakantie kwam onze pleegzorgwerker vertellen dat Richard mij had beschuldigd van seksueel misbruik. Dat dit al enkele maanden geleden nader onderzocht was en dat de uitkomst was dat ik dat niet gedaan heb. Iets waar de pleegzorgwerker letterlijk haar baan voor had willen opgeven. Dat laatste deed me goed, maar voor de rest stortte mijn wereld in. Ik voelde me vies en beledigd dat ik in staat werd geacht zo’n misselijkmakend leed een kind aan te kunnen doen. Zo ongeveer ‘iedereen’ wist ervan, behalve wij dan. Bovendien was de school ook op de hoogte. Je ziet je toekomst in duigen vallen door een onterechte aantijging, want stel je maar eens voor dat je de rest van je leven met zo’n stigma moet leven!"

Richard zat heel erg klem en verzon dit verhaal. Inmiddels woont hij niet meer bij zijn vader, maar het leed voor alle betrokkenen is onbeschrijflijk. Peter: "Ik voelde heel veel boosheid. Dat heb ik allemaal in brief aan de plaatser aan bod laten komen, want deze speelde een grote rol in het geheel en wilde ons beschermen door ons hierover niet informeren. Gelukkig heb ik een brief teruggehad waarin er goed werd ingegaan op mijn vragen. Ik was het vertrouwen in instanties verloren, maar dat is weer terug."

Kracht

Het is nooit aan de orde geweest om te stoppen met pleegzorg. "Wat wij meegemaakt hebben, geeft ons juist de kracht om door te gaan. Richard is gebruikt als speelbal. Ik vraag me echt af of dit de manier is waarop wij als volwassenen deze kinderen beschermen. Mijn idealen mogen niet afhangen van deze ene plaatsing. Maar de volgende keer zullen we voorzichtiger zijn. Beter proberen in te schatten wat het betekent voor Luk, meer informatie eisen en een goede, normale kennismaking afdwingen. Zeg maar dat mijn idealisme omgebouwd is naar realistisch idealisme. We laten ons niet van de wijs brengen door dit ene geval. Iedereen verdient meer dan één kans in het leven!" l

In het volgende nummer van Mobiel reageert Bert, die reeds decennia lang werkzaam is in de jeugdhulpverlening, jeugdbescherming en pleegzorg op dit relaas.