Dat kinderen soms opgroeien in een ‘nieuw gezin’ is een
maatschappelijke realiteit. Als dat verblijf een langdurig karakter
draagt, komt er een moment dat het welzijn van dergelijke kinderen
gebaat is met zekerheid en stabiliteit. Er zijn verschillende manieren
denkbaar waarop het recht hieraan vorm kan geven.
In juridische zin biedt adoptie de meeste stabiliteit. Als nadeel
van adoptie kan men echter zien dat alle juridische banden met de
oorspronkelijke ouders worden doorgesneden. In veel gevallen doet
dat geen recht aan de positie die de ouders nog innemen in het leven
van het kind.
In Nederland is mede door dit nadeel adoptie blijkbaar nooit gezien
als aanvaardbare optie van jeugdzorg om kinderen stabiliteit te verschaffen.
Dit in tegenstelling tot de Angelsaksische rechtstelsels van Engeland
en de Verenigde Staten. Het naast elkaar leggen van de verschillende
oplossingen kan bijdragen aan een discussie over voor- en nadelen
van beide systemen, en over de plaats die juridische en sociale ouders
(moeten) innemen in het recht. In het kader van de IFCO-conferentie
maakte Erik Nicolai van de NGR een vergelijking tussen de rechtstelsels
in Nederland en Engeland.
Adoptie: jeugdhulpverlening of private aangelegenheid
In het onderzoek van de Nederlandse Gezinsraad zijn de rechtstelsels
van Engeland en Nederland op globale wijze getoetst aan enkele internationaalrechtelijke
bepalingen met betrekking tot pleegzorg en adoptie. In de vergelijking
stonden situaties centraal, waarin kinderen (permanent) opgroeien
in een ‘nieuw gezin’, nadat hun oorspronkelijk gezin niet
langer in staat was de verzorging uit te oefenen. De toepassing van
adoptie was het belangrijkste object van onderzoek. In Engeland is
adoptie een onderdeel van de jeugdhulpverlening, in Nederland niet.
Bij ons worden andere instrumenten gebruikt (of voorgesteld) om continuiteit
te brengen in de opvoeding van kinderen als zij niet meer naar hun
ouders terug kunnen.
Vergelijking en aanbevelingen
Elk systeem van wet- en regelgeving dient te laveren tussen een te
geringe rechtsbescherming van de oorspronkelijke ouders aan de ene
kant en het tegemoet komen aan de voorwaarden voor de ontwikkeling
van een kind aan de andere kant. Daarbij speelt continuïteit
in de opvoeding bij pleegouders een belangrijke rol. Een plattegrond
voor een veilige koers is onmogelijk te geven. Desalniettemin worden
in het onderzoeksrapport enkele vergelijkende notities geplaatst,
waarbij de NGR interessante aanbevelingen doet. Vooruitlopend op het
verschijnen van het definitieve rapport is al een paper verschenen,
waaruit hieronder een samenvatting volgt. De paper heeft als discussiestuk
gediend voor een workshop tijdens de IFCO-conferentie.
In zowel het Engelse als het Nederlandse stelsel kunnen grofweg vier
categoriën onderscheiden worden wat het soort plaatsing betreft:
1. Particuliere plaatsingen.
Aanbeveling: De meldingsplicht van pleegouders bij particuliere plaatsingen
moet opnieuw worden geregeld. Het is van belang dat kan worden achterhaald
hoe vaak particuliere plaatsingen voorkomen die buiten de jeugdzorg
om plaatsvinden. Ook is het belangrijk dat er in ieder geval een minimaal
toezicht op deze plaatsingen bestaat door bijvoorbeeld de bureaus
Jeugdzorg.
2. Plaatsingen in het kader van de jeugdzorg
Aanbeveling: In beide landen lijkt de rechtspositie van pleegouders
voor verbetering vatbaar. Dat geldt misschien nog het meest als de
pleegzorg plaatsvindt in een gedwongen kader. De beleidsruimte voor
de uitvoerende instellingen is dan erg groot. Onderzocht zou kunnen
worden hoe de rechtspositie van pleegouders kan worden versterkt.
Dit zou bijvoorbeeld kunnen door hen de mogelijkheid te geven op enig
moment of onder bepaalde voorwaarden beslissingen van de uitvoerende
instellingen te laten toetsen door een rechterlijk orgaan.
3. Pleegouders hebben opvoedingsverantwoordelijkheid
Aanbeveling: Het verdient aanbeveling te onderzoeken in hoeverre in
het Nederlands gezagsrecht het beginsel dat gezag hooguit door twee
personen tegelijkertijd kan worden uitgeoefend, kan worden losgelaten,
naar analogie van het Engelse recht. In Engeland kunnen de pleegouders
in juridische zin opvoedingsverantwoordelijkheid krijgen, zonder dat
het gezag aan de ouders wordt ontnomen.
4. Pleegouders zijn in juridisch opzicht ouders geworden door adoptie
Aanbeveling: Het belang dat kinderen die niet meer bij hun ouders
kunnen wonen een stabiele en zekere toekomst in een nieuw gezinsverband
tegemoet kunnen gaan, is erg groot. De infrastructuur in Nederland
op het gebied van informatie, onderzoek en begeleiding kan worden
verbeterd. Het zou bijvoorbeeld interessant zijn te onderzoeken in
hoeverre in Nederland ondersteuning aan pleeggezinnen na een voogdij-overdracht
kan worden gemodelleerd naar de Engelse ‘post-adoption-services’
aan adoptiegezinnen. Hierbij is de mogelijkheid aanwezig voor de biologische
ouders, de adoptief-ouders en de adoptiekinderen om ook na de adoptie
ondersteuning en begeleiding te ontvangen.
Tenslotte
De volledige tekst van bovenstaande paper kunt u opvragen bij de
Nederlandse Gezinsraad, Lange Voorhout 86, 2514 EJ den Haag, tel.
070-3306060, fax 070-3659230, e-mail adres .
Het volledige rapport komt waarschijnlijk eind dit jaar beschikbaar.