artikel uit Mobiel 5, oktober/november 2001

Pleegoudervoogd-regeling

Pleegoudervoogdcontract: waarom en voor wie?

Door: Willemien Kronenberg

Per 1 mei 2001 is de (voorlopige) regeling van kracht geworden, die is bedoeld om de financiële belemmeringen weg te nemen voor een pleegouder die de voogdij van een pleegkind op zich wil nemen.

Tot voor kort verloren pleegouders het recht op pleegvergoeding en begeleiding als zij de voogdij over hun pleegkind(eren) kregen. Met de nieuwe regeling verandert dit. De regeling is bestemd voor diegenen die alleen de voogdij over het kind uitoefent. Op het moment dat beide pleegouders met de voogdij van het kind belast zijn, zijn zij ook onderhoudsplichtig. Zij vallen buiten de regeling.

De regeling is voor twee groepen mensen interessant:

  1. Pleegoudervoogden die al de voogdij over een pleegkind hebben en die, als gevolg daarvan, de betaling en begeleiding door het centrum voor pleegzorg kwijt zijn geraakt;
  2. Pleegouders die graag de voogdij over hun pleeg kind willen hebben, maar zich door financiële perikelen of door het stoppen van de begeleiding lieten weerhouden.

Om als pleegoudervoogd in aanmerking te komen voor pleegvergoeding geldt een aantal eisen:

  • Eén van de pleegouders wordt pleegoudervoogd.
  • Pleegouders die op het moment van voogdijoverdracht een pleegcontract afgesloten hadden, hebben recht op een pleegvergoeding en kunnen die aanvragen bij de Voorziening voor Pleegzorg. Het maakt niet uit hoe lang geleden het contract afgesloten is. De Voorziening voor Pleegzorg blijft een pleegvergoeding verstrekken op basis van de ‘Regeling vergoeding pleeggezinnen’.
  • De Voorziening voor Pleegzorg blijft bepalen of, en zo ja, welke toeslagen gelden.
  • Zij blijft controleren of het kind ook werkelijk in het gezin van de pleegoudervoogd wordt verzorgd en opgevoed.
  • De mogelijke begeleiding van pleegoudervoogden door de Voorziening blijft bestaan, maar zal slechts op verzoek van de pleegoudervoogd plaatsvinden.
  • De Voorziening voor Pleegzorg heeft dus nog maar een heel beperkte taak en verantwoordelijkheid.
  • De Voorziening voor Pleegzorg legt de wederzijdse rechten en plichten in een nieuw pleegoudervoogd-contract vast, met daarin de begin- en einddatum van het contract.
  • Voor mensen die bijvoorbeeld bij testament de voogdij over een familielid krijgen geldt deze regeling niet. De voogdij gaat dan buiten de jeugdhulpverlening om. Er is geen sprake van een pleegcontract voor aanvang van de voogdij-aanvraag.

Hoe pak ik dat aan?

Om in aanmerking te komen voor deze regeling moet men contact opnemen met de plaatser (Jeugdbeschermer), omdat deze verantwoordelijk is voor het indienen van een verzoek tot voogdijoverdracht bij de Stichting Jeugdzorg en de rechtbank

1. Voor mensen die al de voogdij over hun pleegkind hebben:
Als u aan de eisen voor een pleegvergoeding voldoet is het advies om in elk geval contact op te nemen met uw voormalige Voorziening voor Pleegzorg om in aanmerking te komen voor het pleegoudervoogd-contract. Ontvangt het kind bijstand en voldoet u aan de eisen voor een pleegvergoeding, vraag deze dan onmiddellijk aan, met terugwerkende kracht tot de ingangsdatum 24 april 2001, want anders heeft u de kans dat de bijstand wordt teruggevorderd.

2. Voor mensen die nu een pleegcontract hebben en de voogdij graag willen krijgen:
In het Zuid-Hollandse blad Plegio wordt geadviseerd om dat pas na 1 november te doen, omdat uw pleegzorgwerker na die datum op de hoogte is van de praktische uitvoering van de regeling. Deze kan u dan voorzien van de gevraagde informatie en kan zorgdragen voor een adequate doorverwijzing.

Aanmelding kan geen kwaad, maar wees er zeer alert op dat ook de huidige financiële knelpunten tegen de tijd van de eventuele voogdijoverdracht helder en opgelost zijn. Tot die tijd lijkt enige voorzichtigheid geboden.
In de regio Amsterdam blijkt een andere strategie te worden gevolgd. Voogden wordt hier door hun teamleiders gevraagd om actief pleegouders te benaderen om te peilen of zij voogd willen worden. Mogelijk wordt het hier als goede oplossing gezien om wat aan de caseload van de werkers te doen of aan het personeelstekort.

Van voorlopig naar definitief

De Stichting Pleegzorg Nederland registreert een jaar lang, via formulieren die het centrum voor pleegzorg invult, welke verzoeken gehonoreerd worden, hoe oud de zaken zijn en welke knelpunten men tegenkomt.
Eén van de knelpunten die nu al zijn onderkend, betreft de vergoeding van bijzondere kosten zoals verzekeringen, fietsen, brillen, schoolkosten etc. Hierover is al een brief van de SPN naar het Ministerie van Justitie gestuurd met de vraag hoe dit op te lossen.
Op grond van de geïnventariseerde problemen worden voorstellen gedaan om in een definitieve regeling verwerkt te worden.

Reacties van pleegouders:

Carolien:
“Wij willen dolgraag de voogdij van onze Jeroen. Hij woont sinds zijn babytijd bij ons en hoort er helemaal bij. Zijn moeder weet dat we de voogdij graag willen en is het er ook mee eens. Zijn vader blijft echter de onvoorspelbare factor. Daarom durven we nog niet. We hebben de buffer van de voogd nog erg nodig. Verder zijn de regelingen voor ons nog zo onduidelijk dat we er nog niet aan toe zijn.”

Els:
“Wij worden iedere keer teruggefloten als we geen toestemming hebben gevraagd om bij de tandarts een gaatje te laten vullen, als er problemen zijn met de schoolkeuze of als het kind aan zijn amandelen moet worden geholpen. Wij hoeven niet per se de voogdij, maar willen de dagelijkse gang van zaken graag gemakkelijker laten verlopen.”