artikel uit Mobiel 4, augustus/september 2001

Jody Bernal: "Elke keer als ik 'que si, que no' zing. denk ik aan mijn familie"

Door: redactie

‘Que Si, Que No’!!! Weet je nog? We zongen dit nummer van adoptiekind Jody Bernal uit Delft vorig jaar de héééle zomer. Dat was pas swingen! Jullie willen het niet geloven maar Marleen, Jafeth, Pancho en Sylvia hebben hem geïnterviewd. En wat eigenlijk de meeste indruk maakte: hij kwam aanrijden in een hele grote blitse auto met zwarte ramen, zodat je niet naar binnen kon kijken. Dat is natuurlijk om al zijn fans van z’n lijf te houden!

Denk je dat het veel verschil maakt, dat je een adoptie- of een pleegkind bent?

"Ik denk het niet. In allebei de gevallen ben je niet bij je echte, biologische ouders opgegroeid. Er is één verschil: mijn ouders zitten ver weg in Colombia en als je pleegkind bent, wonen je ouders meestal in Nederland."

Hoe is het om een adoptiekind te zijn?

"Ik vind het zelf niet zo bijzonder, ik ben het gewend. Toen ik drie maanden was, ben ik naar Nederland gekomen. Ik ben het enige adoptiekind thuis. Ik heb wel een zusje, zij is een kind van mijn adoptiemoeder."

Heb je vroeger wel eens gedacht: de moeder waarbij ik nu woon, is niet mijn echte moeder, maar waar is zij dan?

"Ik was vier jaar toen ze mij vertelden dat ik adoptiekind was. Wat dat inhield, snapte ik toen nog niet. Toen ik een jaar of tien was, begon ik het te beseffen en te denken: wie zou mijn echte moeder zijn, waar zou ze zijn, heb ik nog broertjes en zusjes? Elke dag moest ik aan mijn moeder denken. Mijn adoptieouders wisten de namen van mijn vader en moeder. Dat was vijftien jaar geleden. Mijn Nederlandse moeder is toen al gaan zoeken. Ik vind dat heel bijzonder, dat ze dat voor mij deed. Vorig jaar december heb ik mijn echte moeder voor het eerst ontmoet. Ik was zeventien."
"Mijn echte vader ken ik niet en wil ik ook niet leren kennen. Aan mijn moeder heb ik genoeg. Ze heeft nu een lieve man, die heel goed voor haar zorgt. Ik zie hem meer als mijn vader."

Ben je nooit kwaad geweest op je moeder, omdat ze je in de steek heeft gelaten?

"Nooit, omdat mijn Nederlandse moeder heeft gezegd dat het om een speciale reden ging, waarom mijn moeder me heeft afgestaan. Het is voor mij te moeilijk om over die speciale reden te praten."

Waarom ging je weer terug naar je land van herkomst?

"Ik wou graag weten hoe mijn moeder er uit zag en haar leren kennen. En ik hoorde dat ik nog een broertje en zusje had en die wilde ik ook graag ontmoeten. Ik was er heel blij mee."

Hoe voelde jij je toen je je moeder weer zag?

"Het was een heel raar, apart gevoel van binnen. Zoiets is niet te omschrijven. Ik heb eigenlijk altijd een gevoel gehad, dat ik iemand mistte in mijn leven. Maar wat het was, kon ik niet omschrijven. Toen ik mijn moeder zag, was dat gevoel weg. Ik was echt dolgelukkig."

Hoe vind jij het om twee moeders te hebben?

"Het is natuurlijk gek. Als iemand vraagt: ’waar is je moeder?’ Dan vraag ik: ‘welke moeder?’ Maar ik ben er wel heel blij mee. Het zijn allebei heel lieve vrouwen. Ze kennen elkaar, dus dat is ook heel goed. Mijn Nederlandse moeder heeft me juist gestimuleerd om mijn moeder te leren kennen. Daar heb ik respect voor. Je hoort het ook wel eens anders."

Heb jij wel eens heimwee naar je echte moeder?

"Toen ik net terug was, was het moeilijk. Nu gaat het wel weer. Maar we bellen iedere zondag. Dat geeft een goed gevoel."

Hoe voelde je je toen je voor het eerst ’Que Si, Que No’ zong?

"Dat was natuurlijk fantastisch. Het liedje had ik uit Colombia gehaald. Het nummer stond op een CD, die ik van mijn tante had gekregen en was daar een hit geweest. Elke keer als ik ’Que Si, Que No’ zing, dan denk ik aan mijn familie."

Wil je later ook adoptie- of pleegouder worden?

"Ik zou wel een kindje willen adopteren, maar dan moet het bij zijn of haar eigen ouders blijven wonen. Ik zou het te moeilijk vinden om een kind op te voeden en het dan eigenlijk later weer te moeten afstaan aan zijn of haar biologische ouders."

Marleen, Pancho, Jafeth en Sylvia