artikel uit Mobiel 2, april/mei 2001

Wie gaat hierover?

thema: wikken wegen: wie beschikt?

Door: Jeanny Gijzen

(…) En dat zijn dan de mannen die de beslissingen nemen in Nederland. Over jou, over mij en deze week over een klein meisje dat bij vrienden van mij in huis is komen wonen. Ze werd geboren in een asielzoekerscentrum. Haar moeder kon niet goed voor haar zorgen dus deed haar 2-jarig broertje dat. Ze sjouwden samen tot midden in de nacht buiten op zoek naar eten. Tot het zelfs het asielzoekerscentrum te gortig werd en de kinderbescherming werd ingeschakeld. De kinderen gingen naar een tehuis, tot er voor het meisje een pleeggezin gevonden was. Ze was toen anderhalf jaar oud, schuw en angstig en verstopte overal eten. Je kon als het ware de blokkendoos niet opentrekken of er lag een half brood in.
Nu is ze vijf jaar, ze zingt, ze lacht, ze spreekt vloeiend Nederlands en gaat wel bij haar moeder op bezoek maar die heeft alweer 2 nieuwe kinderen en daarnaast natuurlijk een volledige dagtaak aan de IND en de vreemdelingendienst.
Intussen is ze ook nog eens uitgeprocedeerd dus wordt zij binnenkort teruggestuurd naar Afrika. En het meisje mag mee. Van de lullo’s aan de top moet ze zelfs mee. Ook al kent ze haar moeder alleen van korte bezoekjes en spreken ze elkaars taal niet en willen mijn vrienden dolgraag voorgoed voor haar blijven zorgen.
Dit kind is niet het enige. Op dit moment worden vele door de kinderbescherming weggeplaatste kinderen van uitgeprocedeerde asielzoekers ineens snel weer teruggebracht. Zodat ze lekker mee kunnen worden uitgezet en wij er in Nederland tenminste van af zijn. (…)
Ik heb eigenlijk alleen nog een verzoek voor Wim Kok. Hé dromedariscowboy, mag dat meisje alsjeblieft blijven? Omdat ik ook wel weet dat je niet iedereen kan redden, maar dat we zo’n kleine die al gered is toch niet weer hoeven te laten verzuipen?
Bia. Uit: Column van Carrie voor het radioprogramma ‘Spijkers met koppen’, van 10 februari 2001.

Onderweg in de auto werd ik geraakt door dit verhaal. Net nu ik bezig was met een themagedeelte voor Mobiel over wie welke beslissingen nemen, en waarom. Dit was wel een heel schrijnend voorbeeld van ingrijpende keuzes die gemaakt worden over ouders, pleegouders en kinderen. Hoe heeft het zover kunnen komen en wie gaat hierover?

Wie gaat hierover?

Het Ministerie van Justitie bepaalt het vreemdelingenbeleid. De Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) voert dat beleid uit en bepaalt wie er mag blijven en wie niet. Ongeveer 70 a 80 % van de asielzoekers wordt teruggestuurd. De Centra voor Opvang Asielzoekers (COA) verzorgen de opvang. Als ouders ten tijde van hun opvang niet goed voor hun kinderen kunnen zorgen, wordt de Raad voor Kinderbescherming ingeschakeld. Er wordt, zonodig, een ondertoezichtstelling uitgesproken en het kind wordt al dan niet uit huis geplaatst. Dit kan zijn in een internaat of in een pleeggezin.
Zolang er sprake is van een vluchtelingenstatus wordt de begeleiding opgepakt door de Stichting de Opbouw. Doel van de ondertoezichtstelling is gezinshereniging. In een aantal gevallen is die gezinshereniging blijkbaar niet te realiseren, zoals in het geval van Bia, het meisje waar het in de column om gaat.

Asielzoekersbeleid

Het vreemdelingenbeleid gaat in het algemeen boven het recht van het kind. Dat betekent dat het niet verkrijgen van een verblijfsvergunning inhoudt dat degene die de asielaanvraag doet, het land moet verlaten, mét zijn of haar kinderen. Ook als dat niet in het belang van het kind lijkt (denk aan de zaak Gümus destijds, waarbij de kinderen ook helemaal niet terug wilden). Uitgangspunt is: kinderen horen bij hun ouders. Het is niet mogelijk om ouders een verblijfsvergunning te geven op basis van het belang van hun kinderen. De redenering die hieraan ten grondslag ligt, is dat ouders dan over de hoofden van hun kinderen een verblijfs-vergunning zouden kunnen afdwingen.
De enige mogelijkheid om het kind hier te laten is om een ontzetting uit de ouderlijke macht aan te vragen via de Raad voor de Kinderbescher-ming of via een advocaat. Dit is erg moeilijk, omdat niet duidelijk is of de problemen bij de ouders misschien veroorzaakt worden door de huidige situatie rond opvang in Nederland. De overheid gaat er in het algemeen van uit dat in het land van herkomst vaak hulp van familie of bekenden zal zijn, waardoor terugsturen verantwoord is. Wordt de verblijfsvergunning aan het einde van de asielzoekerprocedure niet verleend, dan moet de asielzoeker het land dus verlaten. In de praktijk betekent dat dat hij of zij wordt uitgesloten van opvang. Het wordt aan de verantwoordelijkheid van de uitgeprocedeerde asielzoeker overgelaten of hij of zij het land ook daadwerkelijk verlaat. Onderduiken in de illegaliteit is dan voor de pleegouders natuurlijk een groot schrikbeeld.

Lange procedures

Het grote probleem wordt veroorzaakt door de lange wachttijd van de hele procedure voor het verkrijgen van een verblijfsvergunning. Ingeval van deze situatie woont het kind al bijna vier jaar in het pleeggezin. Wie zei ook alweer iets over niet hechten in pleeggezinnen? Dat is in zo’n geval toch onmogelijk? In die tijd is Bia vernederlandst, spreekt haar moederstaal niet meer en is helemaal ingeburgerd in het gezin en de omgeving waar ze woont. Er ontstaat dan ook een hartverscheurende situatie als blijkt dat moeder en kinderen terugmoeten. Er zijn bovendien grote vragen over of de moeder het zal redden in het land van herkomst. Zo lijkt er een verliessituatie voor alle betrokkenen te ontstaan met veel pijn, verdriet en onbegrip.

Dilemma’s

Mijn hoofd is vol tegenstrijdige gedachten: Wat doe je het kind aan als je het blijvend uit zijn eigen cultuur en familie haalt? Welk trauma loopt het op als het gescheiden wordt van zijn pleegouders en zijn eigen vertrouwde omgeving waar het vanaf zijn vroegste jeugd opgevoed is? Hoe kunnen pleegouders hier mee verder leven? Hoe kun je hen daarbij steunen? Kun je het ouders aandoen om hen terug te sturen naar hun land van herkomst zonder hun kind(eren)? Moet je jonge, gevluchte kinderen dan niet meer in pleeggezinnen plaatsen of juist wel? Geef je het kind daarmee meer kans op een goeie start in het leven, waar het straks blijvend voordeel van plukt? Om hoeveel van dergelijke kinderen gaat het in Nederland?

Allemaal vragen die om een antwoord schreeuwen. Dat antwoord kan echter niemand geven, ook niet degenen die erover gaan. En intussen gaat het leven verder…