Sikke van der Vaart is een van de bazen van theaterbureau Vanderden.
Hij is ook toneelspeler en speelt vaak over en voor mensen in de pleegzorg.
Onlangs studeerde hij (stiekem) nog een lied in met pleegkinderen
om pleegouders om de jaarlijkse pleegzorgdag mee te verrassen. Marleen
en Odetta van de Pleegkids!redactie vroegen Sikke waarom pleegzorg
hem zo interesseert. Precies: zelf pleegkind geweest, in een internaat
en in een pleeggezin. Dan weet je waar je over praat.
"Ik was geen makkelijk mannetje, vroeger. Ruzie zoeken, stomme
dingen uithalen, het ging gewoon niet goed met me. Ik ging naar een
internaat. Op mijn zestiende vertrok ik voor een tijdje naar Israël,
maar toen ik er langer bleef dan gepland, was mijn plaats in het internaat
opgegeven. Ik stond op Schiphol, had geen geld en geen onderdak. Dan
maar liften naar Drachten, dacht ik. Maar met mijn lange haren nam
niemand me mee, ondanks dat de ijzige vrieskou. Toen heeft iemand
een plek in een pleeggezin voor mij geregeld. Daar heb ik – ondanks
mijn niet gemakkelijke gedrag – een hele tijd gewoond. Mijn pleegouders
zijn heel belangrijk voor mij. Ik ben hun kind geworden. Dat is een
bijzonder gevoel.
Op mijn twintigste kreeg ik een vriendin. Zij betekende veel voor
mij. Want veel vrienden had ik niet in die tijd.
Ik had geen enkele opleiding maar wilde dolgraag bij het toneel.
Ik mocht een soort toelatingsexamen doen, slaagde daarvoor en begon
een opleiding tot docent drama. Het eerste jaar vond ik het allemaal
maar niks, maar daarna veranderde dat. Het ging beter met mezelf en
daardoor maakte ik ook gemakkelijker vrienden. Zonder vriendschap
is het leven leeg vind ik. Ik werd toneelspeler en begon later het
theaterbureau. We hebben nu zes mensen in vaste dienst.
Ik ben heel erg boos geweest op mijn ouders. Toen ik in het internaat
zat, dacht ik: 'jullie zien me nooit weer'. Jaren heb ik dat volgehouden,
maar op een dag wilde ik ze toch zien. Eindelijk kon ik mijn boosheid
kwijt, dat luchtte enorm op. Eéns per jaar ga ik nu op bezoek,
maar als ik er ben, hebben we het eigenlijk over 'niks'. Toch hou
ik van ze. Op hun manier hebben ze hun best gedaan. Maar voor mijzelf
is het een geluk geweest dat ik ben weggegaan, anders was er niks
van me terechtgekomen.
Als ik het één dag voor het zeggen zou hebben in Nederland
dan zou ik er voor zorgen dat alle kinderen die niet bij hun ouders
kunnen opgroeien een plaats krijgen in een pleeggezin. Zelf had ik
het zonder internaat en pleegouders gewoon niet gered. Er moet veel
meer geld naar de pleegzorg. Ik denk dat politici niet beseffen hoe
belangrijk pleegzorg is. Aan het eind van die dag zou ik natuurlijk
ook zelf nog iets leuks gaan doen: ik ga dan uit eten met Anouk."
( huh…dé Anouk??)
Marleen en Odetta