|

|
artikel uit Mobiel 6, december 2000/januari 2001
'Ik ben blij dat we open kaart gespeeld hebben'
thema: Het hoofd boven water houden
Door: Nelleke Visscher, hoofdredacteur
JOOP EN PETRA HEBBEN EEN GEZIN MET DRIE KINDEREN, EEN DOCHTER EN
TWEE PLEEGKINDEREN. JOOP IS ‘KOSTWINNER’ EN PETRA IS FULL-TIME
MOEDER EN PLEEGMOEDER. EEN VROLIJK GEZIN ZO OP HET EERSTE GEZICHT,
WAARAAN JOOP EN PETRA EEN STEVIGE BASIS GEVEN. ZO LIJKT HET ALTHANS.
WANT TWEE JAAR GELEDEN WERD JOOP DEPRESSIEF. HIJ RAAKTE DE GRIP OP
HET LEVEN KWIJT. ALLES WERD LOODZWAAR VOOR HEM, HET (PLEEG)VADERSCHAP,
ZIJN WERK, ZIJN RELATIE MET PETRA. SAMEN BESLOTEN ZIJ DE PLEEGZORGBEGELEIDER
IN TE LICHTEN OVER HUN PROBLEMEN, IN HET VERTROUWEN DAT DE BEGELEIDER
ACHTER HEN ZOU BLIJVEN STAAN. AAN MOBIEL VERTELLEN ZIJ OVER DEZE MOEIZAME
PERIODE IN HUN LEVEN.
Joop: "Ik kom uit een groot gezin. Ik was de oudste, een stille
jongen met een groot verantwoordelijkheidsgevoel voor het reilen en
zeilen in het gezin en het bedrijf van mijn ouders. Te groot, denk
ik nu, maar dat was waarschijnlijk mijn manier van aandacht vragen
aan mijn ouders. Er werd weinig gepraat in dat gezin, mijn ouders
hadden het gewoon veel te druk.
Toen Petra en ik een gezin kregen ontdekte ik na verloop van tijd
dat kinderen opvoeden moeilijker was dan ik dacht. Mijn opvatting:
'geef ze de ruimte, op tijd hun natje en droogje, en er kan gemakkelijk
(nog) eentje bij' bleek in ons geval te simpel. Met ons oudste kind
merkte ik bijvoorbeeld dat ik moeite had om grenzen te stellen. En
de specifieke aanpak voor onze twee pleegkinderen stond mijlenver
af van mijn 'doe maar gewoon' opvoedprincipe. Dat had gevolgen voor
hun houding naar mij toe: Ik was hun lieve vader, maar ze hadden weinig
respect voor me.
Thuis liet ik veel beslissingen aan Petra over, ik 'zorgde' en 'voerde
uit'. Ook in andere situaties gaf ik de leiding gemakkelijk uit handen.
In mijn ogen wist een ander (vooral Petra dus) het altijd beter. Mijn
zelfvertrouwen slonk, recht evenredig aan de groei van mijn minderwaardigheidsgevoel.
Als dat gevoel te sterk en te lastig werd, zocht ik hulp, dat wel.
Dan knapte ik weer wat op, maar na een tijdje ging het weer mis.
Zo'n twee jaar geleden liep ik echt vast, thuis en op mijn werk. Ik
voelde me stuurloos, en Petra moest het gezin grotendeels in haar
eentje runnen. Alles ging aan me voorbij. Ik was somber en voelde
mij continu moe. Ik meldde me ziek en kreeg van mijn huisarts een
verwijsbrief voor een psychiater. Wekelijks sprak ik een uurtje met
hem, het luchtte me op, maar echt verder kwam ik er niet mee. Er volgde
een veel intensievere therapie in een psychiatrisch ziekenhuis.
Mijn psychische problemen kregen ondertussen steeds meer invloed op
onze relatie, op onze kinderen, op ons gezinsleven, en op een gegeven
moment speelde de vraag of we de pleegzorg niet moesten inlichten.
Ik vond het schijnheilig te doen alsof het goed met ons ging. Daarom
besloten we onze pleegzorgbegeleider in vertrouwen te nemen. De verstandhouding
was goed, en er was voldoende vertrouwen over en weer om open kaart
te spelen. We zijn dan ook nooit bang geweest dat het gevolgen zou
hebben voor onze pleegkinderen. Onze ervaring met deze begeleider
was dat er altijd een goed luisterend oor was wanneer we problemen
met onze kinderen hadden, dus zou dat in deze situatie zeker ook het
geval zijn.
En de begeleider bleef ook achter ons staan, bleef vertrouwen houden,
en bood zelfs aan een rol te spelen in onze penibele situatie. Deze
reactie sterkte ons in de overtuiging dat we er goed aan gedaan hebben
afstand te doen van ons supergezin imago, en ons als kwetsbare mensen
op te stellen. Een doorsnee gezin dus."
Petra: "Toen onze privé-problemen eerder toe dan afnamen
had ik enorme behoefte aan een luisterend oor, maar ook aan iemand
die met me meedacht of me op nieuwe ideeën bracht. Ik heb een
groot vertrouwen in onze pleegzorgwerker en daarom maakten we hem
deelgenoot van deze problemen. De gezinsvoogd niet, want die zien
we zo weinig. Ik wilde van de begeleider vooral ondersteuning in de
opvoeding, dus vaker praten en overleggen over de problematiek van
onze kinderen. Die is er ook gekomen. En het is voor ons een grote
geruststelling geweest dat hij achter ons is blijven staan en geen
veroordelend vingertje heeft opgestoken. Mijn man is nog niet klaar
met zijn therapie, maar mede door de positieve houding van mijn pleegzorgwerker
blijft ons gezin draaien. Ik denk wel dat pleegouders altijd zelf
moeten beslissen of ze de begeleidende instantie op de hoogte willen
brengen van eventuele privé-problemen. Zoiets is absoluut niet
vanzelfsprekend. Voor mij gaf de vertrouwensband met de pleegzorgwerker
de doorslag om onze problemen wèl te bespreken. Ook pleegouders
zijn gewoon mensen met al hun plussen en minnen, met al hun sterke
en minder sterke kanten.
Ik ben blij dat we open kaart hebben gespeeld, ook naar onze kinderen
toe. We hebben hen verteld van onze problemen en hoe we dat proberen
op te lossen. Zo weten onze pleegkinderen dat zij niet de enige in
het gezin zijn met problemen. Al onze kinderen beseffen maar al te
goed dat niemand in ons gezin er alleen voor staat. Met z'n allen
staan we sterk, en maken we een goede kans er uit te komen."
De Rading, Voorziening voor Pleeggezinnen
in Utrecht (VvP), vindt het belangrijk dat wanneer zich (persoonlijke)
problemen voordoen tijdens een pleeggezinplaatsing de pleegzorgwerker
hiervan op de hoogte wordt gebracht omdat het altijd van invloed
is op de situatie van het pleegkind. De pleegzorgwerker zal hier
in de begeleiding aandacht aan schenken en in overleg met pleegouders
kijken welke ondersteuning hierop geboden moet worden.
Daar de VvP verantwoordelijk is voor de opname van het pleegkind
in de Voorziening en in het specifieke pleeggezin is het bespreekbaar
maken van (persoonlijke) problemen opgenomen in onze Algemene
Voorwaarden.
De Algemene Voorwaarden zijn een onderdeel van ons pleegcontract
en regelen de formele en juridische afspraken tussen pleegouders
en de VvP op het gebied van rechten, plichten en procedures. Er
is sinds eind 1998 een aparte avond aan het voorbereidingstraject
toegevoegd waarin deze Algemene Voorwaarden met aspirant pleegouders
worden besproken.
De VvP is van mening dat goed overleg en tijdige wederzijdse informatie
de beste garantie is voor een goed lopende plaatsing. |
|