|

|
artikel uit Mobiel 5, oktober/november 2000
Bewaartermijnen van dossiers
Door: Ben van Ulft, redacteur Mobiel
Regelmatig vragen jongeren die in het verleden met de jeugdhulpverlening
of jeugdbescherming te maken hebben gehad, om hun toenmalige dossier
in te zien. Gebeurtenissen in het leven, zoals de geboorte van hun
kind, vragen om inzicht in de eigen geschiedenis. Soms kan men terecht
bij vader en moeder, oudere zus, opa of tante, soms ook bij de oud-groepsleidster,
de toenmalige gezinsvoogd of de pleegouders. Als deze bronnen niet
voorhanden zijn, de informatie te beperkt of te gekleurd is en men
completer en neutraler geïnformeerd wil worden, kan het dossier
daarbij een prima middel zijn. Als het nog bestaat tenminste....
Dossiers worden namelijk op enig moment vernietigd. In het verleden
is daar op aangedrongen, omdat oud-pupillen het gevoel hadden dat
hun (vervelende) geschiedenis hen 'voor eeuwig' achtervolgde. Er zijn
toen regels vastgesteld om het bewaren en vernietigen van dossiers
aan termijnen te binden waaraan iedere instelling zich heeft te houden.
In principe wordt vijf jaar na beëindiging van de contacten met
de instelling het dossier vernietigd. Dit geldt voor de ambulante
jeugdhulpverleningsinstellingen, internaten en voorzieningen voor
pleegzorg.
Bij gezinsvoogdij (= ondertoezichtstelling) en voogdijzaken is de
impact op het leven van de jongere echter vaak ingrijpend en langdurig;
de bewaartermijn van het dossier is daarom anders. Het dossier mag
in die gevallen niet eerder dan vijf jaar en niet later dan 30 jaar
na meerderjarigheid van de jongere vernietigd worden. Maar ook dan
alleen als de jongere inzage heeft gekregen en/of een afschrift heeft
ontvangen, of als de jongere schriftelijke heeft laten weten daar
geen gebruik van te willen maken. Gebeurt dit niet, dan moet het dossier
dertig jaar bewaard blijven en kan de (toenmalige) jongere dus tot
dertig jaar na meerderjarigheid over het dossier beschikken. Dat dossier
bevat ook informatie van de internaten en Voorziening van Pleegzorg
als het kind daar mee te maken heeft gehad.
Het afsluitingsrapport van een voogdij/gezinsvoogdijzaak, met daarin
een samenvatting van de hulpverleningsgeschiedenis, blijft altijd
dertig jaar bewaard.
Bij de Raad voor de Kinderbescherming geldt als uitgangspunt dat een
dossier kan worden vernietigd wanneer het jongste kind van het gezin
waarmee de Raad bemoeienis heeft gehad meerderjarig is geworden. Adoptiedossiers
worden echter 'eeuwig' bewaard.
In principe heeft alleen de jongere zelf recht op inzage. Inzagerecht
betekent overigens altijd dat er kopieën gemaakt mogen worden.
De vernietigingstermijn bij vrijwillige zaken (dus niet-gezinsvoogdij/voogdijzaken)
is niet zo lang, maar dat lijkt voor de meest voorkomende kwesties
prima passend. Bij langdurige en ingrijpende vrijwillige zaken zou
wellicht een wat langere termijn gehanteerd moeten worden.
Bronnen:
Privacyreglement in de Praktijk, Uitgave: Vedivo.
Normen 2000, Uitgave: Raad voor de Kinderbescherming.
|