artikel uit Mobiel 3, juni/juli 2000

thema: Pleegzorg en Arbeid

De discussie Arbeid en Pleegzorg: Mag het ietsje concreter?

Door: Sonja Nijon, redactielid

In MOBIEL wordt de discussie over arbeid en pleegzorg regelmatig aan de orde gesteld. Saskia Grotenhuis pleitte in het decembernummer voor concrete en creatieve voorstellen voor allerlei mogelijke vormen van financiële en andersoortige ondersteuning. 'Ik hoop', stelt Grotenhuis, 'dat in het lopende debat ruimte gemaakt zal worden voor nieuwe ideeën en voorstellen om het pleegouderschap ook in de 21e eeuw veilig te stellen'. MOBIEL pakt de handschoen op, en roept pleegouders op zoveel mogelijk te komen met hun behoeftes en wensen op dit vlak. De eerste concrete ideeën zijn in dit themagedeelte afkomstig van redacteur Sonja Nijon, die als mede-auteur van de nota 'Arbeid en Pleegzorg' de discussie van nabij volgt.

Concreet en creatief voorstel 1:

Richt een fonds op waarbij pleegouders financiële steun kunnen aanvragen om de zorg voor hun pleegkinderen gemakkelijker te maken. Heel simpel: als alle Voorzieningen voor Pleegzorg op jaarbasis fl. 2500 storten in de ‘pot voor pleegouders’, is er al een bedrag van minstens fl. 25.000 gulden bij elkaar. Vraag aan Trillium of zij dit bedrag willen verdubbelen tot fl.50.000 gulden, zodat er een ‘experimenteer-potje’ direct beschikbaar komt aan pleegouders. Vraag een zelfde bedrag, nog eens fl. 25.000 gulden aan, bijvoorbeeld bij het Nationaal Fonds Kinderhulp, zodat ook zij kunnen helpen om pleegouders te ondersteunen. Breng dit ‘geldpotje’onder bij de Stichting Pleegzorg Nederland, en schrijf aan alle pleegouders dat ze steun kunnen aanvragen bij deze Stichting, stel met een maximum bedrag van fl. 5000 per aanvraag. Laat vervolgens geheel open waar dit aan besteed kan worden. Pleegouders weten zelf het beste wat hen kan helpen om de combinatie arbeid en zorg te versoepelen. Dat moet je niet van boven af reguleren. Laat de ideeën vanuit de basis en de praktijk ontstaan. Zonder normen vooraf. De enige norm is: dat aangetoond met worden dat een gezin een officiële pleegzorgplaatsing heeft.

Wat kan er dan ontstaan? Een open communicatie-kanaal naar pleegouders toe. Een bron voor nieuwe ideeën, een stimulans voor pleegouders om met hun behoeftes te komen. Een steun in de rug, want ze staan er letterlijk niet alleen voor. Wat zouden ze aan kunnen vragen? Alles waar ze behoefte aan hebben.

Bijvoorbeeld: niet zozeer de hulp van een maatschappelijk werker, maar juist van een extra hulp in de huishouding. Of een extra oppas voor de weekenden. Of een oppas die meegaat op vakantie, zodat Jantje van de TGV-plaatsing zonder al te veel rompslomp voor de andere gezinsleden, samen met het hele gezin op vakantie kan. Of zelfs: geld om eens met z’n tweeën zonder de pleegkinderen een weekendje in een hotel te kunnen overnachten. Om er eens even helemaal uit te zijn, en om het dagelijkse geren daarna weer vol te kunnen houden. Wat heerlijk als zo’n potje mogelijk maakt dat er af en toe een extraatje te halen valt voor pleegouders, zoals een bijdrage in de kosten van een tweede auto, zodat pleegmoeder voordat ze naar haar werk gaat gemakkelijk de kinderen kan halen en brengen. Of: misschien kan er een bijdrage worden geleverd aan die nieuwe opleiding die weer kansen geeft op de arbeidsmarkt. Het maakt niet uit wat de wensen zijn, als ze maar direct voortkomen uit behoeftes van pleegouders zelf en de combinatie van werk en zorg voor kinderen versoepelt.

Bewerkelijk? Helemaal niet! Het potje geld kan binnen drie maanden vol zijn. Papieren rompslomp? Hoeft niet. Pleegouders hoeven alleen aan te geven onder welke Voorziening voor Pleegzorg ze vallen, dat kan met een simpel telefoontje gecontroleerd worden. Eén formulier invullen: namelijk hoe hun wens de combinatie arbeid en zorg makkelijker kan maken. Toetsing? Heel simpel: wie het eerst komt – het eerst maalt. Op is op. Dat stimuleert Voorzieningen voor Pleegzorg er vroeg bij te zijn, en hun pleegouders snel en goed op de hoogte te houden. Iedereen die geld heeft ontvangen moet na een half jaar een vragenlijst beantwoorden in hoeverre het prettig was dat deze financiële hulp beschikbaar was. De pleegzorg van haar kant houdt bij welke vragen er binnenkomen, en kan dit benutten als een landelijke inventarisatie van wensen en behoeftes. Zodat er het tweede jaar door de Voorzieningen voor Pleegzorg zelf beleid kan worden gemaakt om deze behoeftes zoveel mogelijk te vervullen.

Een begin is zo gemaakt. Als geïnteresseerde particulier beloof ik dat ik een bedrag van fl. 250 zal storten als eerste donatie aan dit pleegouder-fonds. Wie komt dit bedrag wanneer bij me ophalen?

Concreet en creatief voorstel 2:

Wat zou het prettig zijn als er in de pleegzorg een man of vrouw zou werken, die tijd had om samen met pleegouders een plan te maken hoe ze hun pleegouder-ervaring kunnen ‘formaliseren’ via certificaten bij opleidingen, of door met hen te inventariseren wat er nodig zou zijn om weer betaald aan het werk te gaan, of om hen te begeleiden in ervaring opdoen in de pleegzorg, maar dan met betaalde klussen. Een soort ‘personeelswerker’ voor pleegouders. Of, in moderner jargon: een functionaris voor ‘human resource-management’ voor pleegouders. Dit hoeft niet duur te zijn. Op jaarbasis een baan van 24 uur is al voldoende om te beginnen. Een bedrag van maximaal fl. 75.000 kan volstaan. Het kan worden ondergebracht bij de Stichting Pleegzorg Nederland, of bij het Nederlands Instituut voor Zorg en Welzijn, of zelfs bij een grote Voorziening voor Pleegzorg die zo’n functionaris kan aansturen. De taak van deze personeelswerker voor pleegouders is: stel jezelf open voor wensen en behoeftes van pleegouders als ze meer scholing en meer betaald werk willen gaan doen.

Communiceer het bestaan van deze functionaris naar pleegouders toe, zodat zij of hij makkelijk te vinden en te bellen is.
Wat kan deze personeelswerker doen? Een spin in het web zijn. Bijvoorbeeld: scholingsmogelijkheden promoten, betaalde pleegzorgtaken inventariseren of ontwikkelen, oriëntatie verrichten op de herintreding op de arbeidsmarkt, waar nodig meegaan op een gesprek met een school of cursus, hulp geven bij het opstellen van een curriculum vitae, of bemiddelen met een mogelijke werkgever, de waarde van (jarenlange)pleegzorgervaring bij werkgevers voor het voetlicht brengen.

Kortom: deze functionaris probeert zoveel mogelijk te ondersteunen waar behoefte aan is. Aangestuurd door pleegouders zelf. Wat voor behoeftes leven er onder pleeggezinnen? Hoe kan er concreet ondersteund worden om deze behoeftes mogelijk te maken. Deze voorstellen zijn in de nota ‘Arbeid en Pleegzorg in de 21e eeuw’ al enigszins uitgewerkt. Welke Voorziening, of welke Stichting neemt de stap om ook daadwerkelijk deze aandachts-functionaris aan te stellen? Om te beginnen voor een jaar.
Of hebben pleegouders daar helemaal geen behoefte aan?

CITATEN UIT MOBIEL OVER 'PLEEGZORG EN ARBEID'

  • De helft van de pleegouders heeft geen behoefte aan betaling.

  • Opleidingen kunnen de ervaringen van pleegouders honoreren met een certificaat (stage-ervaring).

  • De voorzieningen zouden pleegouders voorrang kunnen geven bij sollicitaties.

  • Betaling verhoogt de status van pleegouders. Het kan bijdragen aan de verlaging van de werkdruk van pleegouders.

  • 'Ik wil niet dat sommige pleegzorgplaatsingen voor salariëring in aanmerking komen en andere niet. Elke plaatsing kost tijd.'

  • Pleegouders van nu hebben zich beschikbaar gesteld uit idealisme en zijn bang voor een commercialisering van de pleegzorg.

  • 'Ik wantrouw beleidsmakers die bang zijn voor betaald idealisme'.

  • In Duitsland wordt ondersteuning gezocht via bijvoorbeeld naschoolse opvang zodat beide partners kunnen blijven werken.Soms wordt er ook samengewerkt met gezinshuizen.

  • Het is voor Duitse pleegouders mogelijk om deel te nemen aan een vrijwillig pensioenfonds ter compensatie van gederfde inkomsten.

  • In Zweden wordt naast een reëele onkostenvergoeding een compensatie gegeven voor gederfde inkomsten. Er zijn zg. contractgezinnen wanneer een van de ouders fulltime beschikbaar is.

  • Men heeft er een dienstverleningsverband