Wordt de pleegzorg eindelijk eens goed aangepakt, zeuren die pleegouders
via de media toch weer dat alles slecht geregeld is in de pleegzorg.
Op internet (in het gastenboek van www. Pleegzorg.nl) voeren ontevreden
pleegouders een actie om een landelijke site 'Pleegouders.Unite.nl'
op te richten, en de Telegraaf bericht: "het gaat slecht met
de pleegzorg". En dat terwijl de overheid zo hard bezig is om
- van de basis af en interactief nota bene - de pleegzorg op knappen.
Zijn we nu in een onvermijdelijke overgangsperiode waarbij klachten
voor een tijdje even toenemen? Of is er meer aan de hand?
Het niet de eerste keer is dat er, tegelijk met allerlei verbeter-voornemens,
een stroom van hardnekkige klachten vanuit de pleegouders gemobiliseerd
wordt. Zijn pleegouders vervelende mensen? Is het nooit goed voor
ze? Kunnen ze niet relativeren? Het antwoord is duidelijk: nee. Het
zijn geen klagers, weinig is al goed genoeg voor ze, en relativeren
kunnen ze op hun best. Maar waarom dan die klaaglijnen naar de media
toe? Op zich is het niet gek dat er in een groot maatschappelijk veld
als de pleegzorg altijd wel mensen zijn die niet tevreden zijn. Het
is ingewikkelde, hoogoplopende, emotionele problematiek. Pleegouders
zijn zeer betrokken, dus een verschil van mening is er gauw. Maar
_ hoe komt het toch dat de conflicten zo lang doorsmeulen en zo vaak
de landelijke media bereiken? Waarom wordt dit niet eerder opgemerkt
en aangepakt word? Hoe komt het nou dat pleegouders zich telkens zo
slecht gehoord voelen?
Als de voorzitter van de Landelijke Stuurgroep bevlogen en met kennis
spreekt over de pleegzorg, gebruikt hij vooral woorden als: proces,
visiedocument, traject, onderzoek en structuur. Als pleegouders praten,
vallen woorden als: ik kreeg nooit een bloemetje, die fiets moest
ik per se zelf betalen, de professionals sloten niet aan bij wat we
zelf hadden gewild. Kortom, pleegouders benoemen vooral opmerkingen
over bejegening als waardevolle medewerker van de pleegzorg. Of vooral
het gebrek daaraan.
Het lijkt wel alsof er twee werelden be-staan. Die van het openbare
bestuur, de infra-structuur, het beleid, die weinig raakvlakken heeft
met de wereld van het verdriet van Jantje omdat hij niet bij z'n mama
woont, de wereld van het opschuiven aan tafel voor een pleegkind erbij,
van troost, koek en herstel voor een pleegkind. Het is jammer dat
de taal van de 'denkers' zo weinig aansluit bij de taal van de 'doeners'.
Dat kan er toe bijdragen dat Trillium weliswaar formeel de pleegouders
hoort en betrekt, maar dat de discussie over wat pleegouders echt
beroert zich - helaas - afspeelt op de verkeerde plek: in de media
en op internet.