artikel uit Mobiel 6, december 1999

Samen afscheid nemen

thema: de dood voor ogen

Door: Marijke Cnossen
redacteur Mobiel

Onze pleegzoon Mike kwam acht jaar geleden ernstig gehandicapt ter wereld. De eerste anderhalf jaar van zijn leventje bracht hij in het ziekenhuis door. Mike's ouders zijn nooit in staat geweest om voor hem te zorgen en hem op te voeden, en als hummeltje van anderhalf kwam hij in ons gezin. Artsen en voogdij-instelling hebben ons indertijd goed geïnformeerd over zijn ziektebeeld en levensverwachting: wij wisten dat hij veel zorg nodig had en niet zo oud zou kunnen worden. Voor ons een reden om zijn leven zo positief mogelijk in te vullen, maar ook een mogelijk afscheid van Mike onder te ogen zien. Wij willen graag een afscheid waarin ouders en pleegouders gezamenlijk een plek krijgen. Met de gezinsvoogd hebben we onze ideeën daarover in een protocol neergelegd.

Mike's ouders zijn in zijn leven weinig in beeld geweest. Zelf hebben wij ze pas ontmoet toen hij al een tijdje bij ons woonde. De voogdij-instelling heeft in het begin van de plaatsing wel een kennismakingsafspraak voorgesteld, maar zijn ouders wilden dat toen niet, en ook in de jaren dat Mike nu bij ons woont is er altijd weinig contact met hen geweest.
Onze pleegzoon ligt veel in het ziekenhuis. Bij iedere ziekenhuisopname brengt de gezinsvoogd de ouders daarvan op de hoogte en in acute situaties proberen wij de ouders zelf in te lichten. Telkens weer hopen wij voor Mike dat ze zullen reageren op onze alarmerende berichten, een kaartje sturen of zoiets, maar ze laten eigenlijk nooit iets van zich horen.

Een jaar geleden ging het erg slecht met Mike en hij werd acuut naar het ziekenhuis gebracht. De dood en het afscheid kwamen opeens heel dichtbij. Omdat wij weten dat Mike niet oud kan worden en wij op een vroeg moment afscheid van hem zullen moeten nemen, hebben wij in de loop der jaren over een eventueel afscheid al wel onze gedachten gevormd. Mike is een kind van vier ouders, en mocht hij komen te overlijden dan zullen wij hem gezamenlijk naar zijn laatste rustplaats brengen.

Het was een spannende en ook verwarrende periode. Er moest ook veel worden geregeld en daarbij kwamen allerlei onduidelijkheden naar voren. Zo bleek het bijvoorbeeld niet duidelijk of de voogdij-instelling de begrafenis op zich zou nemen en of zij voor Mike een begrafenisverzekering hadden afgesloten. Veel erger vonden wij de mededeling van onze pleegzorgwerker dat als Mike zou komen te overlijden de wettelijke verplichting van de voogdij-instelling vervalt, en de ouders formeel weer de verantwoordelijkheid krijgen voor hun overleden kind. Dit bericht schokte ons enorm en eerlijk gezegd riep het ook heel veel angst bij ons op. Angst dat wij misschien niet op een warme, waardige manier afscheid zouden kunnen nemen van onze pleegzoon. Een jongen waar we intens veel van houden.

Wij hebben onze zorgen en angst hierover voorgelegd aan onze pleegzorgwerker. In overleg met de gezinsvoogd is toen besloten een protocol op te stellen waarin ouders én pleegouders aan kunnen geven hoe ze de begrafenis en de afscheidsrituelen samen willen gaan invullen. Met het op schrift stellen hiervan heb je de mogelijkheid om beide ouderparen van te voren te laten nadenken over hoe zij het afscheid willen vormgeven. Het maakt beide ouderparen verantwoordelijk om gezamenlijk goed afscheid te nemen van degene die hun lief is.

Mike's ouders hadden zich tot dan toe nooit gerealiseerd hoe ziek Mike eigenlijk is. Pas toen de gezinsvoogd het voorstel van het protocol en hun rechten en plichten rondom een eventueel overlijden van Mike met hen besprak, drong de ernst van zijn situatie tot hen door en stemden zij – zij het moeizaam – in met het opstellen van het protocol.
We hebben nu goede afspraken met elkaar kunnen maken, al blijven er religieuze verschillen. Daarin moeten we elkaar respecteren, en dat gebeurt ook wel.
Het is echt heel ingrijpend om met elkaar de kleur van de grafkist van je kind te bespreken, af te spreken wat er op de rouwkaart zal komen te staan, welke bloemen er zullen zijn, en hoe de rouwdienst zal worden gehouden.
Mike's ouders willen graag dat Mike nog wordt gedoopt volgens hun eigen religie. Wij hebben voorgesteld er een oecumenische doopdienst van te maken omdat hun voorganger geen nederlands spreekt en Mike niets van deze kerkdienst zal begrijpen. Bovendien kent Mike de priester van onze parochie goed, wij willen hem er dan ook graag bij hebben.

Er is één belangrijk punt waar we het nog niet over eens zijn met elkaar. Wij willen ons pleegkind thuis opgebaard hebben en daarbij zijn de ouders en familie welkom. Mike's ouders willen heel graag een nachtwake zonder ons. Hierover moeten we nog eens van gedachten wisselen.

Een protocol met ouders maken is ons emotioneel zwaar gevallen, maar het heeft ook zeer verhelderend gewerkt. Ondanks de angst die het aanvankelijk bij ons opriep, zijn we nu toch heel blij dat we er voor hebben gekozen. Het protocol geeft ons een gevoel van rust.
Als wij er in slagen op deze manier samen te werken met zijn ouders is dat voor zijn ouders en voor ons als pleegouders een positief iets om op terug te kijken. Misschien kunnen wij elkaar dan ook beter begrijpen.


VOOGDIJ-INSTELLINGEN EN DE DOOD VAN EEN PLEEGKIND

Een steekproef onder voogdij-instellingen met de vraag naar 'regels' bij het overlijden van een pleegkind laat zien dat er geen eenduidige regels worden gehanteerd. Sommige instellingen hebben ervaringen met zo'n situatie, en hebben naar bevind van zaken gehandeld. Naar aanleiding daarvan heeft men toen niet de behoefte gevoeld daar b.v. een protocol voor te moeten opstellen. Wel merkte men soms dat pleegouders zich in zo’n situatie wat snel laten wegdrukken. Nadrukkelijk werd gesteld dat pleegouders die dit meemaken goed moeten worden begeleid.
Vanuit het ministerie van Justitie is er een 'minimum'-regeling, waarin alleen het noodzakelijkste is geregeld. Hier kunnen pleegouders en instelling op terugvallen als er bijvoorbeeld geen overlijdensverzekering is afgesloten. Maar wie bepaalt op welke manier, waar een kind wordt begraven of gecremeerd, wie bij de plechtigheid wordt uitgenodigd en wie welke rol heeft, wordt per geval afgesproken.
Een aantal ondervraagden gaf aan dat eigen instelling zeker hier de aandacht aan moet besteden. 'Maar het is wel een heel moeilijke materie die niet makkelijk in een standaardregeling is te vangen'.