door Yvonne Terpstra en
Els van Westrienen
sociaal-pedagogische hulpverleners
'Flexipleegzorg als mogelijke
uitbreiding van het pleegzorgaanbod.'
Met dit eindexamenproject
rondden Yvonne Terpstra en Els van Westrienen in 1998 hun
deeltijdopleiding HBO-SPH (sociaal-pedagogische
hulpverlening) af aan de Hogeschool van Amsterdam. Beiden
kennen de pleegzorg goed. Yvonne werkt in een
Boddaertcentrum en Els heeft al jaren een groot
pleeggezin. Vanuit deze ervaring hebben zij, samen met
vier medestudenten, geprobeerd in het project
flexipleegzorg een verfijning in het aanbod van de
pleegzorg gestalte te geven.
Als er in een gezin
problemen zijn kan dat zich onder meer uiten in
opvoedingsmoeilijkheden. Als ouders de opvoeding niet
zelfstandig redden, kunnen zij daarbij steun zoeken.
Wanneer de situatie te zeer escaleert kan het kind in een
pleeggezin worden geplaatst. Maar pleegzorg wordt door
veel ouders gezien als een plek waar je je kind
kwijtraakt aan 'betere' ouders.
Pleegouders zijn in
pleegzorg geïnteresseerd door bewogenheid voor een
kind in de knel. Dat idealisme wordt gedurende het
voorbereidingstraject gevoed, waardoor een weinig
realistisch beeld van pleegzorg kan ontstaan. Pleegouders
richten zich in deze fase op het overnemen van de
opvoeding waarbij een geringe plaats voor de eigen ouders
wordt ingeruimd. Pleegzorg is nu vooral kindgericht. Het
is echter de vraag of kind en ouders gebaat zijn bij deze
vorm.
Is pleegzorg wel het
juist antwoord als ouders eigenlijk vragen om
opvoedingsondersteuning? Met deze vraagstelling in ons
achterhoofd hebben wij in ons project flexipleegzorg
gezocht naar nieuwe variant op maat in de
pleegzorg.
Scheiding gezins- en
kindproblematiek
Geen enkel kind wordt
geboren om uithuisgeplaatst te worden. Maar lukt het
thuis niet, dan moet toch alles in het werk gesteld
worden om de relatie tussen kind en ouders in stand te
houden of te herstellen. Daarbij kunnen de ouders te
maken met de bij ambulante hulpverlening, eventueel een
dagbehandeling, en &endash in laatste instantie &endash
een uithuisplaatsing.
Bij een
uithuisplaatsing wordt een scheiding aangebracht tussen
de gezins- en de kindproblematiek. Maar om als gezin
verder te kunnen is het belangrijk de problematiek niet
te scheiden.
Als we kijken naar de
hulpvragen van ouders en kind met betrekking tot
pleegzorg dan zien we daarin grote verschillen. De
pleegzorg probeert hier qua aanbod op te reageren door
diverse vormen van pleegzorg aan te bieden. Ondersteuning
van de thuissituatie met dagpleegzorg is hiervan een
voorbeeld.
Een probleem van
dagpleegzorg is echter de geringe flexibiliteit qua duur,
tijd en intensiteit waardoor het vaak niet voldoende
aansluit bij de specifieke vraag. Een verdere verfijning
in het aanbod kan hier uitkomst bieden. Flexipleegzorg,
kan die gewenste aanvulling bieden omdat het beter
aansluit bij de diversiteit in de hulpvraag.
Flexipleegzorg
Flexipleegzorg is een
vorm van pleegzorg die op verschillende momenten en
manieren kan worden ingezet. Kenmerkend is dat steeds de
hulp van hetzelfde pleeggezin flexibel wordt ingezet,
bijvoorbeeld bij ouders met weinig zelfvertrouwen, weinig
opvoedingservaring of weinig pedagogische
draagkracht.
De flexibiliteit zit
in de duur (de periode van hulpverlening staat niet
vast), de tijd (deze kan variëren van een aantal
uren tot een aantal dagen en nachten, inclusief weekend
of vakanties), intensiteit, doelen en taken
(variërend van opvang tot gedeeltelijke overname en
meer opvoedingsondersteuning).
Die flexibiliteit
wordt gebaseerd op de vraag van het pleegkind en zijn
gezin, waarbij het belangrijk is om uit te gaan van de
positieve, sterke kanten van het gezin. Flexipleegzorg
kan geboden worden in een tijdelijke situatie, ter
verlichting van te grote opvoedingsdruk, als nazorg van
dagbehandeling en als gedeeld ouderschap.
Essentieel is dat de
band tussen ouders en kind intact blijft en er bereidheid
is tot samenwerking vanuit zowel ouders als
pleegouders.
Flexipleegzorg is
gezinsgericht
Flexipleegzorg vraagt
een andere instelling van pleegouders, zij moeten vanuit
een andere invalshoek pleegouder willen worden. Het
systeem rond het kind moet versterkt worden, de band
tussen kind en ouders gehandhaafd. De problematiek van
ouders en kind moet niet los van elkaar gezien worden.
Flexipleegzorg is niet
kindgericht maar gezinsgericht, waarbij pleegouders de
opvoedingscondities en -mogelijkheden van de ouders
helpen bevorderen door o.a. voorbeeldgedrag.
Deze manier van werken
leidt tot een andere vorm van hulpverlening en pleegzorg,
waarbij ouders zich niet buiten spel gezet voelen, en
opvoedingsovername plaats maakt voor
opvoedingsondersteuning.
Een flexibele inzet
van het pleegzorgaanbod kan bijdragen aan het beter
benutten van diverse behandelvormen van verschillende
specialismen. Tevens kan het voorkomen dat ouders en kind
uit elkaar groeien en het kind zijn wortels verliest.