artikel uit Mobiel 5, oktober 1998Pleegzorg heeft de toekomst
|
Door Angela van den Berg
interview met Nel Winkel
"De tendens in de jeugdzorg is om de oplossing van een probleemsituatie dicht bij huis te zoeken. Dat biedt kansen. De pleegzorg kan daar op inspelen. Daarvoor is wel nodig dat de werksoort zich sterker profileert en laten zien wat zij te bieden heeft." Projectcoördinator Nel Winkel vertelt aan Angela van den Berg over het Project Innovatie en Kwaliteitsverbetering Pleegzorg dat in maart van dit jaar is gestart.
Nadat de afgelopen jaren vooral veel energie is gestoken in de verbetering van de organisatorische voorwaarden, zal met dit project de vernieuwing en kwaliteitsverbetering in de pleegzorg een fikse impuls krijgen.
Basisdocument voor het project is het Plan van Aanpak waarin voor 1998 de deelprojecten visie en kwaliteit het meest zijn uitgewerkt.
Nel Winkel: "Het visiedebat, dat door middel van expertmeetings wordt gevoerd, vormt de basis van het project, het fundament waarop je verder bouwt. Waar gaat het om in de pleegzorg? Wat is de essentie van het werk? Wat is onze positie binnen de maatschappelijke ontwikkelingen? Welke kansen liggen er voor de toekomst? Het deelproject Kwaliteit biedt de pleegzorg de kans zich te profileren in de jeugdzorg en een goed afgebakend hulpverleningsaanbod te realiseren. Het project spitst zich toe op het beschrijven en standaardiseren van het primair proces: hoe ziet de begeleiding van pleegouders en kinderen eruit, hoe vaak is er contact, welke onderwerpen moeten aan de orde komen."
Door het formuleren van criteria waar een instelling in het contact met pleegouders, kinderen en ouders aan moet voldoen, maak je het werk inzichtelijk en geef je maatschappelijk werkers instrumenten in handen om hun werk te kunnen toetsen.
Winkel: "Het idee is om daarnaast vier/vijf pilots uit te zetten op het gebied van bijvoorbeeld communicatie en een samenwerkingsmodel met de plaatsende instelling. Op die manier worden van onderop kwaliteitscriteria ontwikkeld. Door ze vervolgens vast te leggen, kunnen andere instellingen daar weer hun voordeel mee doen."
De stem van de cliënt
Cliëntenbeleid moet in de pleegzorg nog van de grond komen. Er zijn weliswaar POR's - pleegouderraden - maar kinderraden zijn er niet en ook ouders zijn te weinig in beeld. In het project wordt gewerkt aan het ontwikkelen van een cliëntenbeleid waarbij de betrokkenheid van zowel kinderen, pleegouders als ouders met de pleegzorg wordt versterkt.
Winkel: "De basis van cliëntenbeleid is een vraaggerichte organisatie. Zover is de pleegzorg nog niet: traditioneel is de werksoort aanbodgericht. Om te weten wat pleegouders, kinderen en ouders willen, moet je met hen een dialoog aan gaan en gezamenlijk kijken wat de kwaliteit van de organisatie is. Het lijkt mij daarom een uitdaging om in kwaliteitskringen ook cliënten te betrekken."
De wetgever verstaat onder cliënten kinderen, pleegouders en ouders. Daar is overigens een principieel verschil van mening over met de pleegouders.
Winkel: "Zoals ook uit het onlangs verschenen onderzoek 'Ze zouden ons moeten koesteren' blijkt, zien pleegouders zichzelf als partner in de pleegzorg. In een pilot willen we deze gedachte verder uitwerken en uitzoeken wat de consequenties zijn als je op die lijn doorgaat."
Naast de projecten Visie en Kwaliteit gaat dit jaar nog een aantal andere deelprojecten van start. Uitgangspunt hiervoor is de uitkomst van de visiediscussie.
Winkel: "Uit de visiediscussie moet duidelijk worden welke differentiaties we willen en welke methodieken en begeleidinginstrumenten nodig zijn. Enigszins vooruitlopend op die discussie zijn in dit jaar al de projecten Netwerkplaatsingen en Methodiek voor kortdurende plaatsingen van start gegaan."
Naast Kwaliteit zijn Beleidsinformatie, Toegang en Zorgprogrammering onderdeel van landelijke trajecten in het kader van Regie in de Jeugdzorg.
Winkel: "Mijn taak is om te kijken of deze projecten tastbare resultaten opleveren voor de pleegzorg en of er wellicht nog iets extra's ontwikkeld moet worden."
Beweging erin houden
In zo'n omvangrijk project dat in deelprojecten is opgedeeld, is coördinatie erg belangrijk.
Winkel: "We willen de beweging erin houden. Om dat voor elkaar te krijgen is het essentieel om steeds de resultaten uit de verschillende deelprojecten te communiceren en interactieve betrokkenheid van alle betrokkenen te bevorderen. Dat doen we in een eigen nieuwsbrief, via MOBIEL, in dag- en weekbladen en op een eigen internetsite."
In 2001, het jaar dat het project afsluit, wordt het wereldcongres van de IFCO in Nederland gehouden. Een fantastische mogelijkheid om pleegzorg te presenteren als belangrijke voorziening in de jeugdzorg, met een duidelijke visie, een eigen gezicht en een gedifferentieerd aanbod dat aansluit bij de vraag.
Voor Nel Winkel is het project geslaagd als alle betrokkenen na afloop duidelijk kunnen maken wat zij er aan gehad hebben: "Het moet een gezamenlijk project worden waarin voorzieningen, pleegouders, kinderen en ouders de pleegzorg van de toekomst vorm geven."
uit: Mobiel 5, oktober 1998
| Het Project Innovatie en Kwaliteitsverbetering Pleegzorg loopt van maart 1998 tot maart 2001. Het Plan van Aanpak is gebaseerd op de notitie Speerpunten verbetering pleegzorg van het Gestructureerd Overleg Jeugdhulpverlening (GOJ). Op 28 mei 1998 werd door het GOJ de instellingsbeschikking vastgesteld waarin de taken, verantwoordelijkheden en samenstelling van de Landelijke Stuurgroep Pleegzorg en de projectorganisatie zijn beschreven. Het project is ondergebracht bij de werkgeversorganisatie VOG, maar richt zihc uitdrukkelijk op alle betrokkenen bij de pleegzorg. |