artikel uit Mobiel 1, februari/maart 2001

'Voorzichtig beginnen'

Aspirant weekendpleegouders Marjan Bakker en Pieter de Graaf

Door: Baukje Burggraaff, free lance journaliste

Marjan Bakker en Pieter de Graaf wachten op hun eerste pleegkind. Ze hebben zich opgegeven als weekendpleegouder voor een kind van vier tot veertien jaar. Het kind mag zelf weten waar het slapen wil: in een kamer vlakbij de slaapkamer van Marjan en Pieter, of op de zolderkamer. De gordijnen hangen al: vrolijk gekleurd en geschikt van kleuter tot puber. Posters hanger er nog niet: op de TOP-cursus leerde Marjan dat je dat samen met je pleegkind moet doen. Baukje Burggraaff sprak met hen over de voorbereidingen en verwachtingen.

Marjan is begin dertig en Pieter net over de veertig, maar ze ‘branden niet van verlangen naar eigen kinderen’. "We hebben ruimte in ons hart en huis en willen dat geven aan een kind dat zorg, liefde en aandacht nodig heeft", aldus Marjan.
De wens om iets voor een kind te willen betekenen ontstond tijdens een vakantie in Nicaragua in 1996. Daar zagen ze veel zwerfkinderen. Kinderen die zij best een kans wilden geven, maar dat bleek heel ingewikkeld.
Pieter: "We wisten dat er in Nederland ook veel kinderen waren, die niet bij hun ouders kunnen opgroeien". Een folder uit de bibliotheek bracht hen op het spoor van de pleegzorg, en vriendin met werkervaring kon voor nog meer informatie zorgen.

Voorbereiding

Marjan en Pieter gingen naar een voorlichtingsavond en troffen er een volle zaal: alleenstaanden en paren, met of zonder kinderen. Daarna volgde in 1998 de TOP-voorbereidingscursus. Daar werd vooral veel aandacht besteed aan de problemen die pleegzorg met zich mee kan brengen, herinnert Marjan zich. "Aan verjaardagen, met mogelijk bezoek van ruziënde familie van het kind of met ouders die niet komen opdagen terwijl het kind er de hele verjaardag op zit te wachten. Of hoe je zou reageren als het cadeau van vader en moeder veel belangrijker wordt gevonden dan het jouwe."
Tijdens de bijeenkomsten werd ook veel gesproken over ‘te hoge verwachtingen bij pleegouders’ weet Pieter nog. "Ik besef nu dat je iets kunt doen door een plek te bieden, maar ook dat je de problemen niet kunt oplossen. Ook niet de problemen van de gezinnen waar de kinderen uit komen."
Ze kregen er het nodige te horen over de ontwikkeling van kinderen. Over baby’s van verslaafde moeders, die geen geborgenheid kennen, en over de invloed die dat op het latere leven van een kind heeft.
Staan ze allebei achter de keuze voor pleegzorg, werd hen gevraagd, en hoe staat het met beider carrière?
De helft van de belangstellenden haakte af. Marjan en Pieter bleven enthousiast, bleven er zin in houden en zouden in principe aan meerdere pleegkinderen een plek willen bieden. Maar ze beginnen voorzichtig: "We hebben nog nooit kinderen opgevoed en we werken allebei, daarom lijkt een voorzichtige start een goed plan".

Verwachtingen

Marjan en Pieter zijn in afwachting van de eerste weekendplaatsing. Over de invulling van de weekeinden hebben ze wel een voorstelling. Vooral gewone dingen doen met het kind, zegt Marjan: "Boodschappen doen, in de tuin werken, wandelen, fietsen op de fiets die al klaar staat in de schuur. Ik wil niet gelijk naar Euro Disney, maar ik had wel gedacht een leuk ding per weekend te doen. Naar de dierentuin, of naar de film. Maar tijdens de voorbereidingscursus werd ons gezegd dat het kind zich eerst veilig moet voelen. Je moet het bijvoorbeeld niet gelijk meenemen naar familie en vrienden, ook dat kan later altijd nog".

Eigen keuzes

Rust, veiligheid en gezelligheid, dat willen ze een pleegkind bieden. "Het kind moet zichzelf kunnen zijn. Geen knuffels van ‘tante’s’ die het nauwelijks kent, gewoon lekker spelen", aldus Pieter.
Marjan en Pieter hebben bij de Voorziening een voorkeur aangegeven voor een kind in de leeftijd tussen vier en veertien jaar. De zorg voor een zwaar gehandicapt kind denken ze nog niet aan te kunnen, maar verder zeggen ze: "Laat maar komen".
Marjan is goed bekend met kinderen in de basisschoolleeftijd, ze werkt zelf als juf, en Pieter wil ook wel oudere kinderen. "Jongere kinderen zijn gewoon leuk en pubers kunnen al heel zelfstandig zijn", meent hij.
Begeleiding denken ze zeker nodig te hebben, maar over hoe die ingevuld gaat worden kunnen ze nog weinig zeggen. "Er komt iemand mee kennismaken, er is een 24 uurs bereikbaarheid in geval van dringende zaken, en dan is er natuurlijk de vaste begeleider."
Toch hebben ze wel bepaalde verwachtingen van de begeleiding. "Het lijkt me belangrijk dat we ons ei kwijt kunnen bij iemand die er verstand van heeft. Als je met de handen in het haar zit, moet je iemand kunnen bellen. Wat moet je bijvoorbeeld doen als het kind in het weekeinde ziek wordt: bij je houden of terugsturen? Bovendien moet een pleegkind ook met een begeleider over eventuele problemen kunnen praten", geeft Pieter aan.
Oudercontact speelt een geringe rol bij weekendpleegzorg, denkt Marjan: "Je hebt dan niet zoveel te maken met de ouders, maar als het kind naar mama wil bellen, lijkt me dat logisch".
Zaken als geloof en levenswijze zijn belangrijk voor de aanstaande pleegouders. Natuurlijk mag het kind daarin zelf keuzes maken, maar Marjan zou het kind graag meenemen naar haar eigen kerkgemeenschap. Ze zou er verder moeite mee hebben als de ouders van het kind willen dat het in het pleeggezin vlees te eten krijgt. "We zijn vegetariërs. Ik ga geen vlees braden, daar wordt ik echt misselijk van. Als het moet geef ik het kind dan wel vleeswaren op brood."

Idealisme is hun drijfveer, zeggen Marjan en Pieter, en ze hopen dat het lukt. Dat het leuk wordt, die eerste plaatsing. Pas daarna beslissen ze of ze meer pleegkinderen willen opvoeden.