Zorgen voor je kleinkind

Daar sta ik dan, oma op de pleeggroot­ouderdag in Zwolle op 4 november. Deze dag wordt voor de tiende keer georgani­seerd door de Stichting Belangen­beharti­ging Pleegrootouders Nederland. In Nederland worden ruw­weg 5500 kinderen opgevoed door hun grootouders. Ik loop tussen zulke opa’s en oma’s en ben op zoek naar infor­matie, naar antwoord op mijn vragen en misschien naar erkenning. Hoe doen andere grootouders het: je kleinkind opvoeden?

Ik ben oma van twee prachtige kleinzonen, een van vier en een van twee. De oudste woont bij zijn moeder en de jongste woont samen met zijn moeder bij ons. Ik neem het grootste deel van de zorg op me, terwijl zijn moeder, ons jongste pleegkind, haar leven meer op de rails probeert te krijgen. Wel oma, maar niet de ‘biologische’ oma.

Hoor ik wel bij deze club? Dat antwoord heb ik snel. “Ja, natuurlijk, je bent toch oma,” is ieders reactie. Ik voel me thuis tussen deze grijze, dan wel geverfde haren: mijn generatie, soms wat jonger, soms wat ouder. Dat klopt dus ook.

Meer netwerkpleegzorg
Het ochtendprogramma bestaat voor een belangrijk deel uit een lezing van René Clarijs, hoofdredacteur van het tijdschrift ‘Jeugdbeleid’, bestuurskundige en hoogleraar aan de universiteit van Sint-Petersburg. Hij plaatst de opkomst van de participatiesamenleving in een historisch perspectief, waarbij de invloed van de burgers weer belangrijker is dan de staat en de marktwerking. De stijging van netwerkplaatsingen in de pleegzorg past in dit beeld. Pleegzorg door grootouders is 60 procent van de netwerkpleegzorg.

Onderzoek naar pleeggrootouders
Onderzoek naar pleegzorg door grootouders is er nauwelijks. Henk van Oosteren heeft over zijn onderzoek naar ervaringen van pleeggrootouders een artikel geschreven in Mobiel(1) Onlangs is een onderzoek naar pleegzorgplaatsingen bij pleegouders verschenen van Peter van den Bergh(2). Clarijs stuurt ons als pleeggrootouders op pad met een aantal tips vanuit die onderzoeken (zie kader rechtsboven).

Workshops
’s Middags konden we een aantal workshops bezoeken, waaronder die voor juridische ondersteuning van pleeg­ouders en de uitleg van de nieuwe app ‘Mijn Andere Thuis’, ontwikkeld op initiatief van Stichting Kinderpostzegels. Hogeschool Windesheim presenteerde het onderzoek naar netwerken rond een pleegkind, ‘Samen de Sch.Ouders eronder’. Guus Vrancken gaf antwoord op allerlei fiscale en financiële vragen. Deze drukbezochte workshop begon met de mededeling dat er fiscaal (bijna) geen mogelijkheden meer zijn voor extra toelagen of aftrekposten voor de kosten van de verzorging van je pleegkind. Ook werden de financiële gevolgen van de Transitie Jeugdzorg pijnlijk duidelijk uit het voorbeeld van een grootouder die gewoon nog kilometer­vergoeding kreeg voor ouderbezoek, terwijl de andere de 200 kilometerlange rit enkele reis voor een bezoek zelf moest betalen.

Op één been
Tijdens de workshop van het Gezinspiratieplein ‘Leven met twee families’ begon Iris Pinkepank, die zelf opgevoed is door haar grootouders, met een beeldspraak: “Ieder mens heeft twee benen nodig om stevig te staan. Als een kind een vader of moeder of beiden moet missen, dan mist het kind een been of beide benen om op te staan. Dan sta je wankel, ben je onzeker.” Opgroeien bij je opa en oma betekent dat die familiewortels vanzelfsprekend aanwezig zijn, ‘dat been’ is ontwikkeld. Maar er is nog een familie: de kant van de vader, als de ouders van moeder de zorg op zich nemen, of andersom. Vaak is die persoon en die familie buiten beeld. Deze kant, ‘dit been’ moet ook kunnen groeien, zodat kleinkinderen stevig kunnen staan en groot worden. Ook als er geen direct contact is, is het belangrijk te zoeken naar mogelijkheden om meer over die familie te weten.

Kleinkinderen in de hoofdrol
Bij de afsluitende paneldiscussie waren vooral de klein­kinderen de hoofdpersoon. Er waren veel kleinkinderen die zich de hele dag in het sportcentrum onder professionele begeleiding hebben vermaakt. Grootouders uit Limburg vertelden dat zij speciaal voor hun kleindochter hierheen waren gekomen. Zij had het jaar daarvoor een geweldige dag gehad: “Het is zo heerlijk voor haar om te merken dat zij hier geen uitzondering is. Hier is het heel gewoon dat je opgroeit bij je opa en oma.”

Naar aanleiding van het belang van open communiceren, vertelde Lieke (een jaar of 8) dat zij meteen aan nieuwe vriendjes uitlegt dat ze bij haar grootouders woont, want anders moet ze zoveel uitleggen als iemand komt spelen. Sjoerd (ongeveer 7 jaar oud) heeft vooral genoten van de rodeostier.

Mijn kleinzoon van twee werd halverwege de afsluiting gebracht. Hij klom tevreden en heel moe op schoot en klapte mee voor alle mensen op het podium. Volgend jaar een internationaal programma, zoals in de afsluiting werd gezegd? Ik doe mee.

(1) Mobiel 6, 2014, grootouders zijn vaak goede pleegouders
(2) Peter van den Bergh, onderzoek naar de beleving van pleegzorgplaatsingen bij grootouders, september 2015

======
KADER
======

 Tips voor pleeggrootouders
1. Voorkom sociaal isolement
Marleen is pleeggrootouder van haar kleinzoon van 10: “Ik stond altijd klaar voor iedereen. Toen ik de zorg op me nam voor onze kleinzoon, hebben veel ‘vrienden’ en ook familieleden me laten vallen, omdat ik niet meer meteen beschikbaar was. Dat klopte niet, maar ik moest wel mijn activiteiten plannen.”
Dit onbegrip en het minder tijd hebben voor sociale contacten, zoals ook genoemd in het onderzoek, is voor mij maar al te herkenbaar. Onze vrienden krijgen juist meer tijd om afspraken te maken en erop uit te trekken, wij zitten gebonden en kunnen minder met elkaar op bezoek gaan bij vrienden.

2. Let op je gezondheid
Grootouders zijn ouder en krijgen last van kwalen. Uit het onderzoek van Van den Bergh blijkt dat de meeste pleeggrootouders hun gezondheid als goed ervaren. Hoewel er sprake is van lichamelijke kwalen, zeggen zij dat dit geen invloed heeft op de opvoeding van hun kleinkind. Sommige grootouders geven wel aan dat het vermoeiend is om voor (jonge) kinderen te zorgen. Ook uit de literatuur blijkt dat grootouders die voor hun kleinkinderen zorgen vaker last hebben van lichamelijke en psychische klachten.

3. Wees minder streng
De opvoeding van onze kinderen speelde zich af in andere tijden, met andere ideeën over opvoeding. Die is dus anders dan de opvoeding van onze kleinkinderen zou zijn geweest als ze waren opgegroeid bij hun ouders of leeftijdsgenoten daarvan. Van den Bergh constateert dat kinderen in de relatie met de grootouders een generatieverschil ervaren. Zij geven aan dat hun grootouders strenger zijn dan de ouders van leeftijdsgenoten en dat zij niet altijd weten hoe ze met onenigheden met hun grootouders om kunnen gaan. 

======
KADER
======

De Stichting Belangenbehartiging Pleeggrootouders Nederland is in 2008 opgericht. Zij heeft als doel pleeggrootouders recht­streeks of via de instellingen waar zij mee te maken krijgen, bij te staan. Dat kan gaan om opvoedingsvraagstukken, maar ook om financiële vragen. Verder willen zij beleidsmakers, politici, jeugdzorgwerkers en instellingen bewustmaken van de belangrijke maatschappelijke taak die deze groep pleeggrootouders uitvoert.

www.pleeggrootouders.nl

 

 

 

 


Tags: ,