Mijn moeder is mijn moeder niet

‘Mijn moeder is mijn moeder niet,
dat is ze nooit geweest.
Ik houd ontzettend veel van haar,
maar of dat ooit geneest?’

Babette, een alleenstaande pleegmoeder die crisisopvang biedt, stuurde dit gedichtje naar de redactie. Voor Mobiel een reden om met haar in gesprek te gaan.

“Het gedichtje gaat over mijn moeder die nu 94 jaar is.
Ze is ziek en zwak, maar knapt steeds weer op. Zij is een vechter, een echt kindertehuiskind. Mijn moeder is opgegroeid bij de nonnen, nadat haar niet-getrouwde ouders verongelukten. Ze hoorde dat zelf pas jaren later. Hun ongehuwd zijn hebben de nonnen mijn moeder altijd aangerekend. Ze was een kind uit zonde geboren en deugde niet: een duivelskind dat vast lichtzinnige neigingen had.

Voor moeder leidde dat oordeel tot wegdrukken van haar verleden en haar emoties. Ze heeft hechtingsproblemen en daardoor kon ze ons als kinderen en kleinkinderen niet genoeg veilige hechtingsmogelijkheden geven. Knuffelen was ‘apenliefde’. We speelden eigenlijk in een toneelstuk, een verhaal waarin zij zich veilig voelde. Veiliger en intiemer dan in dat toneelstuk heeft zij zich nooit gevoeld. Voor mij voelde het alsof ik in een verkeerde film speelde, altijd onveilig, altijd onzeker.”

Kwetsbaarheid
Babette vertelt dat zij het omgaan met haar eigen kinderen en hun opvoeding moeilijk vond: “Ik heb dat vanzelf­sprekende van relaties aangaan niet meegekregen. Het omgaan met pleegkinderen gaat me eigenlijk veel beter af. Ik voel bij hen beter aan waar ze behoefte aan hebben, wat ze missen. Als kind begreep ik mijn moeders gevoel niet. Zij leerde ons dat het belangrijk was om je niet te laten kennen, want dan ben je kwetsbaar. Mijn moeder leeft in haar eigen verhaal. Ze was een mooie vrouw, creatief en kunstzinnig en ze kon prachtig zingen. Zij vindt het mooi dat ik nu pleegzorg bied, maar ze is soms bezorgd. ‘Was er voor mij maar een plekje bij gewone mensen geweest waar ik mocht zijn wie ik was’, zegt ze vaak.”

Herkenning
Babette is ooit gestart als gastmoeder voor kinderen van werkende ouders. “Ik vond het leuk, maar na twaalf jaar had ik het wel gezien. Ik had niemand om op terug te vallen als een kind wat ingewikkelder in elkaar stak en extra hulp nodig leek te hebben. Ouders zagen het niet of wilden het niet zien. Het mooie van pleegzorg is, dat je op de begeleiding kunt terugvallen. We kunnen samen naar oorzaken zoeken of ik kan even mijn hart luchten. Ik heb door de pleeg­oudercursus, maar ook door de begeleiding veel over mezelf geleerd en ben veel gaan herkennen. Er vielen dingen op zijn plek. Deels maakte ik hetzelfde mee als sommige pleegkinderen. Ik ben gezegend met een gezond gevoel voor humor. Uitgangspunt is dat ieder kind mag zijn wie het is. Dat is voor veel kinderen echt wennen, maar het is geweldig als ze na een paar dagen met een glimlach op hun gezicht de deur uitgaan. Rust is ook belangrijk.

Ruimte geven
Soms probeer ik door een interview te spelen een jongere te laten ontdekken wat hij eigenlijk wil of wat hem het meest dwars zit. Een toneelstuk of samen tekenen geeft ruimte. Een kind moet zich geen ballast voelen. Ik bedank de kinderen altijd dat ze hier zijn en benoem dingen van hen die ik leuk vind. Als er een pleegkind is, is het leven geregelder. Er moeten dingen op tijd gebeuren en dat geeft structuur. Ik zeg altijd: “Daar ligt mijn portemonnee, wat denk je: neem ik een groot risico als ik hem laat liggen?”

Soms zie ik kinderen die zich bepaald gedrag aangeleerd hebben. Op voorhand roepen zij al: “Als dat gebeurt, dan plof ik…!” Ik vraag dan altijd: ‘Wil je dat ook? Je kunt er ook voor kiezen om het niet te doen en te kijken of je dat moment kunt voorkomen.’ Voor een van mijn pleegkinderen was dat echt een eyeopener. Ze verwachtte als het ware van zichzelf dat ze agressief zou reageren. Maar intelligent als ze was, kon ze prima bedenken hoe zij dat kon voorkomen. De problemen zijn dan heus niet opgelost, maar het geeft hun de ervaring dat het ook anders kan. Het blijft natuurlijk wel hard werken om zo’n automatisme los te laten. Het is belangrijk ruimte en patronen te doorbreken.

Maf mens
De meeste kinderen hebben het hier naar hun zin gehad en kijken er ook later nog positief op terug. Als ik hoor dat een kind er iets van meegenomen heeft, maakt dat mij gelukkig. Ik krijg dan ook vaak de opmerking van pleegpubers: “Je bent een maf mens, maar ik heb bij jou wel heel goede dagen gehad.”


Tags: ,