‘Je hoeft niet te kiezen’

Nieske Selles-ten Brinke (33) maakte een prentenpraatboek voor kinderen over wonen in een pleeggezin met de titel ‘Je hoeft niet te kiezen’. De mooie illustraties zijn van Marieke ten Berge. De schrijfster woont samen met haar man, twee zonen (9 en 11), pleegzoon (7) en twee pleegdochters (2 en 6). Ze is jarenlang werkzaam geweest als leer­kracht op een basisschool en heeft al verschillende kinderboeken geschreven. Sinds de komst van haar jongste pleeg­dochter is ze fulltime thuismoeder, schrijft ze boeken en geeft ze workshops.

Pleegzorg kwam op haar pad bij een gastcollege van Hijltje Vink op de Pabo. “Hijltje had voor oudere kinderen een boek geschreven over wat het betekent om in een pleeggezin te wonen”, vertelt Nieske. “Aan het einde van het college deelde ze prachtige, kleine steentjes uit. Ze deed dit om ons eraan te herinneren dat je met iets kleins het verschil kunt maken voor een kind. Dat idee inspireerde mijn man en mij. Zo zijn we pleegzorg in gerold.”

Geen woorden voor
Toen hun eerste pleegkind 4 jaar was, merkte Nieske dat het jongetje worstelde met het feit dat hij in een ander gezin woonde dan waar hij oorspronkelijk vandaan kwam. Nieske: “Hij zag dat er iets anders was dan bij andere kinderen, maar kon er geen woorden aan geven. Op school werd hij eens uitgekozen als ‘Zonnetje van de Week’, een kind dat dan extra in de belangstelling staat. Hij nam foto’s mee van zijn beide gezinnen, maar we zagen dat dit ingewikkeld voor hem was. Ik vond geen boeken waarmee ik hem kon ondersteunen. Daarom besloot ik er zelf een te maken.”

Praten over je situatie
Het boek hielp haar pleegkinderen om op school uit te leggen wat het betekent om in een pleeggezin te wonen. “Thuis bladeren we er regelmatig in. We merken dat het de kinderen rust geeft om via het boek hun situatie een plekje te geven. Het heet niet voor niets ‘prentenpraatboek’: pleegkinderen en betrokkenen worden uitgenodigd om vragen te stellen en te praten over hun situatie. Het boek is bedoeld voor kinderen tot ongeveer 7 jaar, maar is ook goed bruikbaar voor wat oudere pleegkinderen met een verstandelijke beperking. Ook is het geschikt om kinderen van pleegouders voor te bereiden op de komst van een pleegkind.”

Samen op de foto
Nieske vertelt dat haar oudste pleegdochter heeft bijgedragen aan de inhoud van het boek. “Zij wilde heel graag samen met haar moeder en mij op de foto. Deze foto vormde symbolisch het begin van onze relatie als ouder, pleegouder en kind. Tegen het kind zeggen wij op die manier: ‘Je hoeft niet te kiezen. Je mama en ik houden allebei van jou en we hebben allebei als doel dat jij gelukkig bent.’ Dit raakt zo de kern van wat belangrijk is voor een pleegkind. Daarom hebben we het fotothema in het boek laten terugkomen.”

Bij wie hoor ik?
Nieske heeft lang over de titel van het boek nagedacht. “Deze titel kwam het dichtst bij de kern. Ik heb het idee dat een pleegkind zich vaak genoodzaakt ziet om te kiezen. Het stelt zichzelf vragen: ‘Bij wie hoor ik? Op wie lijk ik? Welke tradities horen bij mij?’ Ik denk dat het belangrijk is, dat je het kind zoveel mogelijk het gevoel geeft dat de situatie mag zijn zoals die nou eenmaal is. Je mag van papa houden, maar ook van je pleegpapa. Je hebt nu een pleegmama nodig, maar zonder buikmama zou je niet bestaan. Alles mag er zijn, iedereen hoort erbij. Dat heb ik ook geprobeerd in het boek uit te drukken.”

Hun familie hoort erbij
Over loyaliteit met ouders zegt Nieske het volgende: “We hebben van begin af aan zoveel mogelijk geprobeerd om de ouders een centrale plek te geven in het leven van de kinderen. Als een moeder met haar kind en mij samen op de foto wil, zie ik dat als een mooie start van een gezamenlijk gedragen opvoeding. In onze huiskamer staan dan ook foto’s van familieleden van onze pleegkinderen: die horen er gewoon erbij. Van andere pleegouders krijg ik soms signalen dat ze dat verwarrend vinden voor pleegkinderen, maar wij hebben het idee dat het de kinderen juist goed doet.”

Durf ik het aan?
“Als je overweegt om pleegouder te worden, is het volgens mij essentieel om je af te vragen: Durf ik het aan om als pleegouder het ouderschap te delen? Kan ik ruimte en erkenning geven aan het feit dat dit kind zijn eigen ouders heeft? Persoonlijk helpt het mij dat ik ook twee eigen zonen heb, bij wie ik de opvoeding niet met andere ouders hoef te delen. Ik ervaar geen verschil in de band en liefde die ik voel voor mijn eigen kinderen of voor mijn pleegkinderen, dat is het niet. Maar als ik een van mijn pleegkinderen tegen zijn of haar moeder hoor zeggen ‘Mama, ik hou van jou,’ dan ben ik blij. Concurrentie voel ik niet. Vaak kunnen de ouders het kind iets bieden wat wij niet kunnen. Zo hebben we een jongen die gek is op honden en katten. Ik ben juist bang voor die dieren. Bij zijn ouders kan het kind de huisdieren knuffelen. Dat is een belangrijke bindende factor.”

Complexe emoties
Soms is het ook worstelen met loyaliteit. “Een van onze pleeg­kinderen wil graag onze achternaam dragen. In principe vinden wij dat prima, maar we gunnen zijn ouders dat hij zijn eigen naam behoudt. Dan is het erg zoeken: hoe kunnen we het kind geven wat hij nodig heeft en tegelijkertijd erkenning blijven geven aan zijn ouders? Iets anders is dat de uiting van emoties door onze pleegkinderen soms complexer en moeilijker te begrijpen is dan die van onze eigen kinderen. Wanneer een ouder bijvoorbeeld een bezoek­afspraak afzegt, verwacht ik boosheid of verdriet, maar het kind kan dan juist de clown uithangen. Vaak ligt een gevoel van loyaliteit verborgen achter dat gedrag. Wanneer ik niet goed weet waardoor het komt dat een kind ander gedrag vertoont, probeer ik de oorzaak van het gedrag helder te krijgen, bijvoorbeeld door het kind meer aandacht te geven tijdens het bedritueel.”

======
KADER
======

“Ik heb al mijn pasfoto’s weggegeven, maar deze foto houd ik zelf. Ik vind het een mooie foto. Ik hoor nu bij mama Menke en papa Rob, maar ik hoor ook nog bij mijn eigen mama. Zonder mijn buikmama was ik niet geboren, maar zonder mijn pleegmama kan ik niet groot groeien. Ik heb hen allebei nodig!”

 

Je hoeft niet te kiezen, ISBN 9789033832659, € 9,95
Dit boek is mede mogelijk gemaakt door Stichting Kinder­postzegels Nederland.

 


Tags: ,