Theater en een flinke dosis humor

Jochanan (42) is zelf ooit pleegkind geweest en Elsa (42) kwam uit een groot gezin. Ze hadden altijd al de wens dat er naast biologische kinderen ook pleegkinderen zouden komen. Jochanan is acteur, presentator, trainingsacteur en huisman en Elsa is dramatherapeute. Hun theater­achtergrond en een flinke dosis humor komen goed van pas in het pleegouderschap.

Wat is de samenstelling van uw gezin?
Jochanan en Elsa hebben sinds tien maanden twee pleegkinderen, twee broertjes van vijf en zes jaar.

Hoe kwam u ertoe om pleegouder te worden?
Elsa: “Het idee was er al heel lang, eigenlijk al vanaf dat we samen waren. We wilden graag kinderen, maar ook pleegkinderen en dat had vooral met ‘Joog’ te maken.” Jochanan: “We hebben zelf geen kinderen. Die wilden we wel graag, maar dat gebeurde niet.”

Hoe reageerde uw omgeving en familie op het pleeg­ouderschap?
Elsa: “Positief! Mensen leven heel erg mee. Daar kom je dan achter als de kinderen er eenmaal zijn. In één keer gaat er zo’n systeem werken met mensen die alles doorgeven van kleding die niet meer past of speelgoed. Dat is een hele economie op zich.”

Hoe ziet uw begeleiding eruit en voorziet die in de behoefte?
“We hadden een begeleidster die voor het eerst een pleeggezin begeleidde. We misten wat ervaring. Sinds kort hebben we een nieuwe begeleidster. Zij is één keer bij ons geweest en we hebben er nu veel vertrouwen in. Ze is duidelijk en ze windt er geen doekjes om.”
Jochanan: “Als we haar eerder hadden gehad, was er wat minder wind in onze zeilen gekomen.”

Waar heeft u steun bij nodig, waar bent u onzeker over?
Elsa: “Ik kan me soms onzeker voelen. Ben ik een goede ouder? Ik heb dan wel bevestiging nodig.”
Jochanan: “Ja, als jij dat zegt, denk ik ook: Ben ik een goede vader? Ik voel me wel eens onzeker of onmachtig. Dan denk ik: Wat moet ik nou in godsnaam en waarom laat ik me zo uit de tent lokken? Maar ik weet dat het uiteindelijk altijd goed komt.”

Hoe ziet het contact met ouders en familieleden eruit?
Elsa: “In het begin was hun moeder best enthousiast, totdat ze toch wat twijfels kreeg over onze opvoedingsstijl. Ze heeft bij de politie ook aangifte gedaan van verwaarlozing en kindermishandeling. Daar zijn we natuurlijk erg van geschrokken.”
Jochanan: “In het begin was dit heel lastig, maar nu gaat het een stuk beter.”
Elsa: “Dat komt ook doordat ik weer initiatieven neem, die helemaal niet zijn afgesproken. De kinderen gingen bijvoorbeeld voor het eerst bij hun moeder logeren. Ik wist dat hun moeder het heel spannend vond, want ze wil dat het allemaal goed gaat. Ik dacht spontaan de avond van tevoren: Ik zal haar even opbellen, want dan kan ik vertellen dat de jongste soms in bed plast. Dan overkomt het haar niet zo.”

Welke praktische problemen komt u tegen?
Jochanan: “Wat ik lastig vind, is al die zooi. We hebben al niet zo’n opgeruimd huis, maar nu is het veel erger. Na vier maanden pleegzorg zei de schoonmaakster ‘tabee’. Overal ligt zand en dingen gaan regelmatig kapot.”
Elsa: “Wij hechten waarde aan dingen. De kinderen niet, hun dingen gaan kapot.”

Wat typeert jullie als pleegouder?
Jochanan: “Toneelstukjes of rollenspellen, de laatste keer ging het over regels. Toen gingen we even laten gebeuren dat er helemaal geen regels zijn.” Elsa: “De jongens vonden sommige van onze regels namelijk stom.” Jochanan: “Uiteindelijk gingen we zelfs met eten gooien, de maggi zat op de muur.”
Elsa: “Gisteren zei de oudste dat hij wordt gepest op de BSO en de begeleider doet er helemaal niks aan. Dat kan hij heel zeurderig zeggen. Wij doen dat na, waardoor we zijn gedrag spiegelen. We zeiden: ‘Weet je wat je de volgende keer kunt doen?’ Dat gingen we oefenen. Jochanan speelde het vervelende kind en ik de begeleider. Daarna draaiden we de rollen om.”

Zijn er momenten waarop u denkt, hier had ik nooit aan moeten beginnen?
Jochanan zegt lachend: “Het kan niet leuker zijn dan bij ons.”
Elsa: “Ik heb er wel eens aan getwijfeld, maar ik heb nog nooit gedacht ‘hier had ik nooit aan moeten beginnen’.”

Beschrijf een ervaring die illustreert: daar doe ik het voor!
Elsa: “Na het eten gaat de een bij Jochanan en de ander bij mij op schoot en dan zitten we te kletsen. Een keer zongen we dat liedje van Pharell, ‘Because I’m happy’. Toen gingen we dansen in de kamer. De jongens sprongen op de banken en bij ons op de nek. Dat is zo’n moment. Ik denk dan: Dit is leuk. Hier zijn geen zorgen. Hier heb ik zelf lol in en hier hebben zij lol in.”

 


Tags: ,