Sterke sprekers en veel uitwisseling

Pleegouderraden signaleren behoefte aan kennis

Een thema-avond over hechting, georganiseerd door een pleegouderraad, bracht meer dan honderd pleegouders op de been. Bezoekers gaven aan behoefte te hebben aan meer thema-avonden om hun kennis te verdiepen en ervaringen uit te wisselen. Verschillende pleegouderraden (inspraakorganen voor pleegouders binnen de pleegzorgorganisaties) organiseren dergelijke bijeenkomsten. Het succes van deze avonden roept de vraag op of de organisaties zelf meer zouden kunnen en moeten inspelen op de leerwensen van hun pleegouders.

Het is geen nieuws: de problematiek van pleegkinderen is de laatste jaren complexer geworden. Pleegouders vangen kinderen op die in ‘andere tijden’ vanwege hun gedragsproblemen in instellingen moesten opgroeien. Tegenwoordig wordt algemeen erkend dat een pleeggezin het beste alternatief is. Zwaardere problematiek stelt de pedagogische kwaliteiten van pleegouders meer op de proef. Daarnaast vraagt de achtergrond van het kind (en vaak ook van de ouders) om een optimale samenwerking tussen alle partijen. Als pleegouder wil je kunnen meepraten over de ADHD of de trauma’s van je pleegkind en mee kunnen denken over de juiste begeleiding. Dan helpt het als je over kennis beschikt, weet wat je juist wel en niet moet doen bij bepaalde problematiek en de weg kunt vinden in hulpverleningsland.

Onvoldoende aanbod
Maar die kennis heb je niet automatisch op zak. Al jaren klinkt de roep om meer scholing voor pleegouders. Zo bleek uit een onderzoek in opdracht van de Nederlandse Vereniging voor Pleeggezinnen (NVP) dat de meerderheid van de pleegouders behoefte heeft aan deskundigheidsbevordering in de vorm van trainingen, workshops en thema-avonden. Veel pleegouders vinden het huidige aanbod niet voldoendeNOOT1.

Ondersteuning van pleegouders, waar deskundigheidsbevordering een onderdeel van vormt, is de taak van pleegzorgorganisaties. Veel organisaties bieden trainingen aan over bijvoorbeeld pubers, omgaan met seksualiteit, samenwerken met ouders, huiselijk geweld, gedragsproblemen, hechting en loyaliteit. Ze geven de trainingen zelf of ze schakelen externe bureaus in, bijvoorbeeld Pleegzorg Advies Nederland. Ook pleegouderraden zijn op de scholingsbehoefte ingesprongen en organiseren thema-avonden waarop kennis kan worden opgedaan en ervaringen worden uitgewisseld rond de uitdagingen van het pleegouderschap. In Rotterdam en Amsterdam bleken deze avonden veel belangstellenden te trekken.

De pleegouderraad (POR) van Spirit organiseerde onlangs haar eerste thema-avond in Amsterdam. Op deze avond rond het thema ‘hechting’ kwamen meer dan honderd geïnteresseerden af.

Na een inhoudelijke inleiding over het onderwerp gingen de aanwezigen in groepen uiteen. De tijd om ervaringen uit te wisselen was voor sommigen te kort, zo bleek bij de evaluatie. Dat was ook het enige minpunt. Voor het overige was men enthousiast en noemde bijna de helft van de pleegouders dat zij verwachten met de opgedane kennis in de praktijk iets te kunnen. Ook werden veel onderwerpen aangedragen voor een volgende avond.

Bij Flexus in Rotterdam-Rijnmond heeft de pleegouderraad al langer ervaring met het organiseren van thema-avonden. Thema’s waren onder meer de rechtspositie van pleegouders, de transitie van de jeugdzorg naar gemeenten, hechting en pubers. Op de drukste avond werden 150 bezoekers geteld. De ervaring van deze POR is dat de avonden vooral een succes zijn vanwege de inhoudelijke invulling, met sterke sprekers die de vertaalslag kunnen maken naar de praktijk. Ook in 2015 zullen deze pleegouderraden doorgaan met het organiseren van bijeenkomsten voor pleegouders.

Contacten met de achterban
De pleegouderraden van Flexus en Spirit hebben een vorm gevonden om scholingswensen te koppelen aan het in contact komen met de pleeggezinnen die zij vertegenwoordigen. Op de thema-avonden horen zij wat er leeft en kunnen zij de contacten met de achterban warm houden. Hoe meer signalen zij opvangen, hoe beter zij de belangen van pleegouders binnen de pleegzorgorganisatie kunnen behartigen.

Dit neemt niet weg dat de organisaties het bieden van deskundigheidsbevordering niet aan de pleegouders of pleegouderraden moeten overlaten. De overweldigende belangstelling voor de avonden in Amsterdam en Rotterdam zegt iets over een hiaat in het huidige aanbod. Dit betreft zowel het aanbod aan verdiepende kennis als het faciliteren van onderlinge uitwisseling. Of, zoals een pleegouder het benoemde: “Ik zou de mogelijkheid willen hebben met andere ervaren pleegouders te praten over praktijksituaties waar de pleegzorgwerker niet meteen een antwoord op heeft.”

Een wens die de pleegzorgorganisatie zou kunnen honoreren door het bieden van laagdrempelige vormen van intervisie en groepsgesprekken. Dit kan eenvoudig en kosteneffectief: organiseer bij elke voorbereidingscursus of STAP-training voor nieuwe pleegouders een terugkomavond drie maanden na afloop van de training. Met een eenmalige professionele ondersteuning kun je op zo’n avond een intervisie- of gespreksgroep starten voor wie daar behoefte aan heeft. Zo’n groep kan op eigen kracht verder en vindt haar eigen werkwijze uit. Op momenten dat er nieuwe leerwensen ontstaan, kunnen de pleegouders dit aankaarten bij de organisatie. Deze kan dan doorverwijzen naar relevante kennisbronnen (deskundigen, literatuur) en daarnaast haar voordeel doen met deze input voor het eigen themagerichte trainingsaanbod. Een kwestie van de handen ineenslaan.

Pleegmoeder Maria
“Ik wist wel het een en ander over hechting, maar ben door de lezing anders naar mijn pleegkinderen gaan kijken. De inleider vertelde hoe hechting altijd ontstaat, omdat een kind zich niet níet kan hechten. In de afhankelijke relatie met een volwassene gaat het kind automatisch hechting aan. Zelfs pubers die in een pleeggezin komen, hebben die behoefte. Vroeger dacht ik vaak dat de relatie tussen mij en het pleegkind niet goed genoeg was. Nu realiseer ik me dat de hechting goed genoeg is en dat we het ermee moeten doen. Ik hoef niet meer te denken: ‘elders is misschien een betere plek’ en kijk nu positiever naar de relatie met mijn pleegkinderen.”

Pleegmoeder Wanda
“Ik vond vooral de verhalen van andere pleegouders inspirerend. Zoals zij hun best doen en de hoeveelheid energie die zij in hun pleegkinderen steken, terwijl het soms de meest ingewikkelde situaties zijn. Toch gaan zij er helemaal voor. Dat er mensen zijn die zoveel voor kinderen over hebben is iets waar ik blij van word. En ik voel me erdoor gesteund: te weten dat andere mensen ook meemaken wat ik meemaak, helpt me om vol te houden.”

NOOT1 ‘Deskundigheidsbevordering van pleegouders. Sluiten vraag en aanbod bij elkaar aan?’ Angelique ten Hove en Josanne Legtenberg. Afstudeeronderzoek Christelijke Hogeschool Windesheim, Zwolle (2012).

 


Tags: , ,