IFCO 2014 in Ierland

Een beeld van een IFCO-conferentie laat zich misschien wel het beste schetsen door de ceremonie op de laatste dag van de conferentie. De eindceremonie vond deze keer plaats in de kapel van een oud klooster. Ierland, dit jaar het gastland van de IFCO (International Foster Care Organisation), is een overwegend katholiek land en de zorg voor kinderen is dan ook lang in handen geweest van de kerk. In de kapel kwamen vroeger de kinderen bijeen voor de mis. Zij woonden toen nog in groepen op het terrein. De nonnen zaten in het midden en de kinderen in de rechterzijbeuk. De ongetrouwde vrouwen, van wie sommige de ouder waren van een kind aan de rechterkant, zaten in de linkerzijbeuk.

Bij de eindceremonie van de IFCO zitten de kinderen en jongeren vooraan. Daarachter zitten de pleegouders en andere deelnemers aan de conferentie. Er zijn enkele toespraken en dankwoorden van de organisatie, maar daarna presenteren de jongeren de resultaten van hun workshops. Hun aanbevelingen worden door de voorzitter in ontvangst genomen en zullen gebruikt worden bij het uitzetten van verder beleid. Bij de eindceremonie draait het, net als in de IFCO-conferentie, om de kinderen en om de (pleeg)zorg voor deze kinderen.

Ierland
Aanvankelijk was het Kiev, de hoofdstad van de Oekraïne, waar de conferentie zou plaatsvinden. De ontwikkelingen in dat land maakten het onmogelijk om de veiligheid van de deelnemers te garanderen en dus moest de organisatie een nieuwe locatie zoeken. IFCO 2014 vond daarom plaats in Waterford, in het zuiden van Ierland. Een plek met een rijke historie, die teruggaat tot aan de Vikingentijd. De plek waar het Waterford Institute of Technology (WIT) is gevestigd, heeft de mogelijkheden om zo’n grote conferentie te kunnen herbergen.

Drijvende krachten achter de IFCO 2014 waren de Ierse IFCO vice-president Jean Anne Kennedy en Danielle Douglas, bestuurslid van de IFCO en docent aan het WIT. Toen duidelijk werd dat een conferentie in de Oekraïne niet mogelijk was, hebben zij in een half jaar tijd de conferentie uit de grond gestampt. Normaal staat daar anderhalf jaar voor. Het is de derde keer dat een IFCO-conferentie in Ierland is gehouden. Ze konden dus terugvallen op eerdere ervaringen, maar het was een fraai staaltje werk.

In Ierland verblijft 92 procent van de zorgkinderen in een pleeggezin. Een derde van deze kinderen woont in een netwerkpleeggezin. Pleegzorg wordt gezien als de ruggengraat van de hulpverlening en de Ierse overheid trekt er jaarlijks 600 miljoen euro voor uit. Een kwart van dit budget gaat direct naar de pleegouders. Het pleegzorggeld bestaat uit een onkostenvergoeding, maar ook een kleine toelage voor de pleegouders. Pleegouders krijgen 350 euro per week voor een pleegkind.

Ierland kent pleegzorg die vanuit de overheid is georganiseerd en pleegzorg die door een bureau wordt georganiseerd. Pleegouders die zich aansluiten bij een bureau krijgen kinderen met moeilijker gedrag in huis. Men gebruikt hier overigens niet de term ‘difficult behaviour’, maar de sympathiekere term ‘challenging behaviour’, ofwel gedrag met een uitdaging. Pleegouders krijgen dan extra training, soms een hogere vergoeding en begeleiding die 24 uur per dag bereikbaar is.

18 jaar
Rode draad tijdens de IFCO-conferentie 2014 was de positie van ‘careleavers’, de jongeren bij wie de pleegzorg op hun achttiende jaar stopt. Voor de beide organisatoren van de conferentie is dit een onderwerp waar ze bekend mee zijn. Jean Anne Kennedy is de dochter van pleegouders en Danielle Douglas is een ex-pleegkind. Ongeveer de helft van de jongeren in Ierland blijft langer in het pleeggezin als ze eenmaal 18 jaar zijn.

Ierland kent inmiddels een onafhankelijke organisatie van ‘careleavers’, wat overigens geen officieel Engels woord schijnt te zijn. Deze organisatie adviseert over beleid op basis van de ervaringen van de leden. Daarmee hebben degenen die zorg hebben ontvangen een belangrijk middel in handen om feedback te geven.

Ook was er een lezing over wat jongeren kan helpen in het verkrijgen van werk. Werk is een belangrijk onderdeel in het leven van volwassenen. Professor Robbie Gilligan heeft samen met een Spaanse collega onderzoek gedaan naar wat heeft gewerkt in de zorg voor mensen die inmiddels volwassen zijn. Het blijkt dat niet zozeer de uiteindelijke opleiding bepalend is, maar het opdoen van werkervaring (baantjes) op jonge leeftijd en een omgeving die dit werken stimuleert. Naast het opdoen van werkdiscipline wordt tijdens de eerste baantjes ook de ervaring opgedaan dat je gewaardeerd wordt, zonder dat de stempel van ‘kind uit de zorg’ op je plakt.

Het oosten en verder
Naast de verhalen vanuit Ierland, waarin de thema’s naar voren komen die ook bij ons en in de andere West-Europese landen spelen, zijn er de verhalen uit Oost-Europa. De oude Sovjet-Unie heeft deze landen achtergelaten met de erfenis van grote kindertehuizen. Een vorm van hulpverlening die moet worden omgebogen naar kleinschalige zorg en dan bij voorkeur naar pleegzorg. De IFCO ondersteunt hierin.

In de loop van de jaren is er al veel bereikt. Door de wijze waarop de zorg is opgezet, halen de verschillende landen verschillende resultaten. Tijdens de conferentie is er ook aandacht voor de problemen die de verschillende landen hierin tegenkomen. Zo hebben hulpverleners in de Oekraïne het ‘Sure start’-programma opgezet om jongeren die de zorg verlaten praktische vaardigheden aan te leren. In de tehuizen waren de kinderen gewend dat hun eten werd gemaakt, de tafel werd afgeruimd en het bed voor hen werd opgemaakt. Over de dag waarop deze kinderen het zonder deze zorg zouden moeten doen had nog niemand nagedacht.

Bulgarije worstelt met de vraag of pleegzorg werk is of een roeping. Pleegzorg is relatief nieuw in Bulgarije en er heerst grote armoede in het land. De pleegzorgvergoeding is voor sommige gezinnen een interessante bron van inkomsten. Aan de andere kant moet er voor worden gezorgd dat pleegzorg wordt geaccepteerd als een professionele vorm van hulpverlening.

Van nog verder weg was er een workshop over pleegzorg in India. In India leven 15 miljoen kinderen op straat. Dat wat er aan hulpverlening is, richt zich op het opvangen van kinderen in een instituut. Pleegzorg kent men daar niet. Vasundra Sachdeva wil een advies uitbrengen aan haar regering en bezoekt diverse landen om te leren over hun systeem van (pleeg)zorg. Uiteindelijk zal pleegzorg voor India vanuit het land zelf moeten worden opgezet en niet door een NGO (niet-gouvernementele organisatie), zodat er rekening gehouden kan worden met de tradities en het kastensysteem van dit land.

Nederland
Informatie over de situatie in ons eigen land werd gegeven tijdens een workshop van René de Bot, oud-directeur van FlexusJeugdplein Rotterdam en nog altijd actief als adviseur en trainer. Hij schetste de ontwikkelingen in Nederland. Wij maken de omslag van een verzorgingsstaat naar een participatiesamenleving. Dit werkt door in de zorgverlening, waar een omslag gemaakt wordt van het werken met een zorgplan naar het werken met een handelingsplan. De zorg wordt niet zo maar meer overgenomen. Allereerst wordt aan de ouders gevraagd wat zij gaan doen aan het probleem. Kunnen ouders nog meer betrokken worden in de zorg voor hun kind of is pleegzorg de oplossing?

In zekere zin loopt Nederland voorop als het gaat om de inzet van het eigen netwerk bij de zorg. Voor een aantal deelnemers uit andere landen was dit een interessante visie op hulpverlening. Ook wilden ze weten hoe wij dat in de praktijk ten uitvoer brengen. Een aantal landen kent de inzet van Eigen Kracht-conferenties of familiegroepplannen, maar ieder land organiseert zijn zorg weer anders.

Waar het met de pleegzorg in Nederland uiteindelijk heen zal gaan is moeilijk te voorspellen. De overheid ziet liever geen oneindige groei van de hulpverlening, maar nog tijdens de IFCO-conferentie kwam het bericht dat het aantal pleeggezinnen toeneemt.NOOT1

De deskundigen: jongeren
Naast volwassenen komen er ook kinderen en jongeren naar de IFCO. Voor de kinderen is er opvang, zodat hun (pleeg)ouders de conferentie kunnen bezoeken. Voor de jongeren is er een eigen programma. Dit jaar werden voor het eerst twee programma’s aangeboden.

Het eerste programma was voor jongeren die nog in zorg zijn of de zorg net hebben verlaten en richt zich op ‘empowerment’, met als doel de eigen positie van de jongere te onderzoeken. Tijdens het programma werd gereflecteerd op hun eigen ervaringen in de zorg. De jongeren maakten een levensverhaal en leerden van elkaar hoe de zorg in andere landen eruit ziet.

Het tweede programma richtte zich op ‘advocacy’; het geven van aanbevelingen over beleid. De jongeren leerden hier over de rechten van kinderen, over hoe ze hun verhaal over de zorg kunnen inzetten en maakten gezamenlijk een document met aanbevelingen. Een presentatie van dit programma werd gegeven tijdens de eindceremonie, waar de jongeren een ‘what helps, what hurts’ lijst toonden. Deze lijst wordt door het IFCO-bestuur gebruikt om adviezen te geven aan landen en organisaties over pleegzorg.

IFCO 2015
De volgende IFCO-conferentie wordt gehouden van 8 tot 11 november 2015 in Sydney, Australië. U kunt nu al informatie vinden over deze conferentie op internet. www.ifco2015.com
Algemene informatie over de IFCO en informatie over de conferentie in Ierland kunt u ook vinden op internet.
www.ifco.info

NOOT1: Pleegzorg Nederland, Factsheet Pleegzorg 2013

======
Kader
======

Stabiliteit Nederlandse pleegzorg onder druk
Kinderen en jongeren in pleegzorg hebben continuïteit en stabiliteit nodig in hun leven. Dat werd tijdens de conferentie in Ierland ook weer benadrukt. Het gaat daarbij niet alleen om stabiliteit in het pleeggezin, maar ook in de hulpverlening. In deze tijd van transitie in de jeugdzorg staat de stabiliteit van de Nederlandse pleegzorg ernstig onder druk. Pleegzorgorganisaties weten niet of ze in 2015 de nodige zorg kunnen blijven bieden, hulpverleners zijn niet zeker van hun baan en gemeenten weten niet waar ze aan toe zijn. De alarmbellen klinken aan alle kanten.


Tags: ,