Aapjes kijken

Op een regenachtige zondag loop ik met een van mijn kinderen in de dierentuin. Verderop zie ik Ilse, ze loopt samen met een jongen. Ze heeft mij nog niet verteld dat ze een vriendje heeft. Zou haar moeder dit weten? Weten haar pleegouders hier iets van? Ik merk dat ik toch even blijf staan kijken. Eens zien wie die jongeman is die daar met een van ‘mijn’ pleegkinderen loopt.

Zelf zit ik verstopt onder een pet en een capuchon tegen de regen. Ilse heeft niet door dat ik er ben. Ik twijfel of ik haar gedag zal zeggen. Misschien heeft ze het al wel aan iemand verteld dat ze een vriendje heeft, maar misschien ook niet. Ik kan me voorstellen dat je dan niet vrolijk wordt als je de ‘meneer van pleegzorg’, de meneer die alles noteert, tegen het lijf loopt.

De jongen houdt een paraplu omhoog tegen de regen. Als Ilse opzij stapt, beweegt de paraplu mee, ook al wordt de jongen dan zelf nat. Hij doet niet overdreven macho, het heeft eerder iets zorgzaams. Ik merk dat hij mijn goed­keuring heeft. Ik heb het gevoel dat het met deze jongen wel goed zit.

Ik ga Ilse geen gedag zeggen. Als ik haar nu ga groeten, weten we van elkaar dat ik hen heb gezien. Sommige dingen hoeven niet in de overdracht.


Tags: ,