Op bezoek: uit het leven van een pleegvader

Haar appartement bevindt zich op de negende verdieping van een flatgebouw. De inrichting is klassiek: eikenhouten meubels, veel kleedjes, een servies met gouden randjes. Aan de muur een ingelijste puzzel van een Hollands landschap: een werkstuk dat zij tien jaar geleden maakte na de dood van haar echtgenoot.

Het jaar dat zij nooit zal vergeten. Meer dan vijftig zomers waren ze samen, hij overleed na een kort ziekbed. Een maand later was er de baby.

Eerst hoorde ze de Poolse buurvrouw gillen. Toen zag ze de bewegende plastic zak en even later had ze het jongetje in haar armen. Terug in haar flat legde ze het kind in een paar doeken op de bank. Nu pas zag ze ook de navelstreng. Enkele minuten later liepen de ambulancebroeders haar woning binnen.

Hij zit dicht tegen zijn pleegzus aan op de bank en eet zijn aard­beiengebakje. Daarna loopt hij naar het raam en tuurt in de verte. Zo luistert hij naar het verhaal over haar man en over de baby. Op het dressoir staan ze naast elkaar: een foto van hemzelf en van de overleden echtgenoot. Op een ander kastje staat een foto van het echtpaar met hun twee kinderen.

Kleinkinderen zijn er nooit gekomen. Ze heeft dit als gegeven aanvaard, maar is altijd een gemis blijven voelen. Tot die zomermiddag, waarop ze een moment heeft gedacht dat dit kind voor haar bestemd was. Maar ze was te oud om voor hem te kunnen zorgen. Sinds zijn nieuwe ouders contact met haar zochten en het verhaal van die dag wilden horen, heeft hij zijn plekje op het dressoir.

“Waarom leg je me voor een deur?” is de vraag die hij wil stellen. Als ik hen ooit vind, ga ik dat vragen. Ondertussen kijkt hij vanuit zijn ooghoek naar het gezicht met de vele rimpeltjes. Als het verhaal is verteld, pakt ze haar stok en neemt het hele gezin mee naar de galerij. Daar wijst ze hen de plek waar de buurvrouw iets zag bewegen.

“Ze heeft me eigenlijk gered”, zegt hij als ze weer thuis zijn. Samen met zijn vader maakt hij een printje van de foto waarop ze allemaal bij elkaar zitten met het drinken en de gebakjes. Die gaat op de post, naar de vrouw die zo graag oma had willen worden. Het geeft een warm gevoel, ook al blijft het grote gemis.

Twan Kuiper

 

 


Tags: ,