Kinderombudsman maakt zich zorgen over kwetsbare kinderen

De Kinderombudsman is een belangrijke toezichthouder en adviseur bij het proces van de transitie jeugdzorg. Hij houdt de belangen van kinderen en jongeren scherp in de gaten. Zo heeft hij er bijvoorbeeld aan bijgedragen dat de overheid een onafhankelijke transitieautoriteit heeft ingesteld. Deze moet beoordelen of kinderen en gezinnen in 2015 nog dezelfde benodigde zorg krijgen als nu. Mobiel interviewde Kinderombudsman Marc Dullaert over alle aankomende veranderingen.

Heeft u op dit moment zorgen over de transitie jeugdzorg?
“Ik heb zorgen op korte en op lange termijn. Op korte termijn ligt mijn zorg vooral bij de instellingen voor gespecialiseerde zorg, voor bijvoorbeeld licht verstandelijk gehandicapten of kinderen met complexe gedragsproblematiek. Die instellingen moeten voor 1 april hun budget rond hebben. Er zijn nog te weinig trajecten en behandelplekken besproken door gemeenten. Dat leidt tot grote financiële problemen of sluiting van instellingen. Ik ben op zich blij met de transitieautoriteit, maar de klok tikt heel snel. Waar het mij uiteindelijk om gaat is, dat het niet ten koste van kwetsbare kinderen en jongeren gaat.”

“Mijn grootste zorg op de langere termijn betreft het voornemen dat naast transitie sprake is van transformatie. Een mooi woord voor ‘we gaan de zorg beter maken’. Ik vraag me af of we, gezien de snelheid van het hele proces, wel aan transformatie toekomen.

De gemeentes worden nu verantwoordelijk. We zien dat Denemarken, die een transitie achter de rug heeft, er zes jaar over heeft gedaan. De begintijd, vooral het eerste jaar, is daar gericht geweest op goedkoop inkopen van zorg. Een jaar later heeft men die zorg weer moeten repareren, dat gold met name voor de zwaardere zorg. Het ging ten koste van de kinderen, cliënten, patiënten. Ik hoop dus dat de zorginkoop weloverwogen gebeurt.”

“Ik onderschrijf wel de uitgangspunten van de decentralisatie. Die zijn met name gericht op de zorg dichterbij huis organiseren en op een betere samenwerking tussen de verschillende hulpverleners. De decentralisatie moet ook voorkomen dat er onnodig zware zorg wordt gegeven. Dat zijn allemaal goede uitgangspunten.

Dan blijft natuurlijk staan dat er veel kinderen en jongeren in Nederland zijn die een chronische ziekte hebben en die blijvende zorg nodig hebben. Dus ik maak me met name druk of het hele proces een zachte landing kan hebben of dat er toch kinderen tussen wal en schip vallen.”

Kunnen kinderen in pleeggezinnen met psychische of gedragsproblemen nog wel de juiste zorg in elke gemeente krijgen?
“Het punt is natuurlijk dat als de gemeente gaat bepalen welke zorg er wordt ingekocht, deze kinderen toch langs het gemeenteloket moeten. Ik ben heel erg benieuwd wat er gebeurt als er straks in de gemeente geld is voor twee dure behandelingen en er uiteindelijk drie nodig zijn.

De garantie voor toegang tot de zorg geldt voor alle kinderen en dus ook de kinderen in een pleeggezin. Ik ben ook heel erg benieuwd of de zorggarantie die de staatssecretaris uitspreekt, in de praktijk gewaarborgd wordt.”

Volgens de kinderrechtenmonitor werden de afgelopen jaren meer kinderen in pleeggezinnen geplaatst dan in instellingen. Hoe gaat dat straks in 2015?
‘’Als kinderen in moeilijkheden verkeren, is het veel beter dat ze in pleeggezinnen terechtkomen. Niet dat ze in instellingen niet de juiste zorg zouden hebben, maar een pleeggezin is gewoon een betere omgeving voor een kind. Ik kan niet in een glazen bol kijken wat de transitie gaat betekenen. Ook hier zal de financiële afweging weer veel waard zijn voor gemeentes, maar ik hoop dat ze daarnaast vooral zwaar laten wegen wat in het belang van het kind is.”

In de kinderrechtenmonitor vraagt u het ministerie om meer cijfers over situaties als hoe vaak broertjes en zusjes bij elkaar in een gezin geplaatst worden. Hoe gaat het met het bijhouden van die zaken?
“We zien wel dat de intenties om zorg te leveren goed zijn, maar als u vraagt of we die cijfers al hebben gekregen na deze monitor, dan is het antwoord daarop: ‘nee’. Wij oefenen wel positieve druk uit om deze cijfers te leveren, want het is gewoon van groot belang. De cijfers bieden inzicht in situaties en vooral of die verbeteren of onverhoopt niet. Dan kunnen we sturen. Niets is zo erg als geen inzicht hebben.”

Op 1 april was u drie jaar Kinderombudsman. U heeft veel onderwerpen moeten aankaarten die niet goed zitten. Biedt het werk desondanks voldoening?
“Het biedt grote voldoening, want het is niet alleen het aankaarten van dingen die niet goed gaan. Wij hebben bijvoorbeeld aan gemeenten gevraagd om specifiek armoedebeleid te ontwikkelen met een kinderpakket (daarin zitten bijvoorbeeld een buskaart, bibliotheekpas of is zwemles geregeld, red.). Letterlijk elke week is er wel een gemeente die het kinderpakket omarmt.

Ook heb ik het mentorschap voorgesteld voor kinderen die, als ze volwassen worden, uit de jeugdzorg gaan. Daar wordt nu serieus naar gekeken door de overheid.’’

Zorgen van pleegouders
Ook pleegouders of mensen die op een andere manier met pleegzorg te maken hebben, hebben wel een idee welke onderwerpen de Kinderombudsman onder de aandacht moet brengen.

Pleegmoeder Maud haakt in op het onderwerp dat Marc Dullaert onlangs heeft aangekaart bij de Tweede Kamer: “Ik wil graag aandacht voor de 18-plussers in pleegzorg. Onze ervaring is dat zij aardig in de kou komen te staan. Als 18-jarige hebben onze pleegkinderen iedereen, de hulpverlening incluis, de rug toegekeerd om na een jaar of anderhalf met hangende pootjes met problemen en vooral met grote schulden terug te keren. Wie moet dit oplossen? Zij zelf kunnen dit niet. Ze hebben heel veel problemen die niet in een normale hulpverleningsomgeving passen.”

Pleegmoeder Floor maakt zich zorgen over de positie van illegale kinderen in Nederland. “In de nieuwe Jeugdwet hebben kinderen zonder verblijfspapieren geen recht op zorg. Er komt wel een aparte regeling voor deze kinderen in de vorm van een ‘uitvoeringsbesluit’. Met deze regeling wil het kabinet voorkomen dat illegale kinderen zich verder wortelen in Nederland en dat het terugkeerproces van het gezin wordt gefrustreerd. Plaatsing van illegale kinderen in een pleeggezin heeft daarom geen voorkeur van het kabinet. Er is veel onduidelijkheid over de hulp die illegale kinderen mogen krijgen. Ik vind het triest dat deze kwetsbare kinderen niet hetzelfde recht op zorg hebben als andere kinderen. In mijn ogen is dat discriminatie.”

Ook Fatih (kinder- en jeugdpsycholoog en aankomend pleegvader) is bezorgd om illegale kinderen: ‘’De Eerste Kamer heeft de Jeugdwet officieel aangenomen. De gemeenten worden verantwoordelijk voor het leveren van alle jeugdhulp. Ook het wetsvoorstel voor het verplicht gebruik van het burgerservicenummer (BSN) in de jeugdzorg is aangenomen. Wat gaat er dan gebeuren met illegale kinderen?”

Pleegmoeder Caroline (werkzaam bij een pleegzorgvoorziening, werving en selectie) vindt het voorbereidingstraject, de zorgvuldige matching en de deskundigheidsbevordering van pleegouders erg belangrijk in haar werk. Een onderdeel daarvan: “Als aspirant pleegouders klaar zijn met het voorbereidingstraject en er is geconstateerd dat zij voldoen aan de zes criteria, dan vind ik de zorgvuldige matching heel belangrijk. De Kinderombudsman moet heel goed opletten dat daar niet te gemakkelijk over gedacht gaat worden. Zo van: we hebben drie wachtende gezinnen en drie wachtende kinderen, dus dat is ook weer opgelost. In crisissituaties kan er niet zorgvuldig gematcht worden natuurlijk, maar bij kort- en langverblijfpleegzorg is daar wel de mogelijkheid voor.”

======
Kader

======

Kinderombudsman. Wat doet hij precies?
Op de website van de kinderombudsman staat een heldere omschrijving: “De Kinderombudsman controleert of de kinderrechten in Nederland worden nageleefd door de overheid, maar ook in het onderwijs, de kinderopvang, jeugdzorg en de gezondheidszorg. De Kinderombudsman adviseert het parlement en organisaties en maakt mensen bewust van de kinderrechten. Op die manier verbetert hij de positie van kinderen en jongeren in Nederland. De Kinderombudsman adviseert kinderen en jongeren over manieren waarop ze voor hun rechten kunnen opkomen.”

In de media
De afgelopen tijd heeft de Kinderombudsman regelmatig van zich laten horen.
‘’De Kinderombudsman is geschrokken van de conclusies van de Transitiecommissie Stelselwijziging Jeugd.’’
“Invoeren jeugdwet onverantwoord zonder garanties voor kwetsbare kinderen.”
“Kinderombudsman: verlies LVB-jongeren niet uit het oog.”
“Ouders moeten in gesprek met hun kinderen over internetgevaren.”
“Kinderombudsman vraagt gemeenten naar aanpak kindermishandeling.”
“Aanpak voor kinderen in armoede moet beter.”
“Kinderombudsman en VNG pleiten voor rechtvaardiger kinderpardon.”
Bron: http://www.dekinderombudsman.nl/68/nieuws/

Paspoort Marc Dullaert, eerste Kinderombudsman van Nederland
Geboren: 1963 in Zutphen.
Studies: Theologie, licentiaat Sociale Wetenschappen/Communicatiewetenschap, MBA.
Loopbaan:
• Kinderombudsman sinds 1 april 2011
• Oprichter en bestuursvoorzitter van de Stichting KidsRights (doel: verbeteren en behartigen van kinderrechten voor kinderen in ontwikkelingslanden)
• Grondlegger van de Internationale Kindervredesprijs en voorzitter van het Children’s Peaceprize expertcomité
• Plan Nederland
• CEO en aandeelhouder van Europese D&D mediagroep
• Ivo Niehe Producties, algemeen directeur en aandeelhouder


Tags: ,