Gezamenlijke pleegoudervoogdij

Per 1 juli 2013 is de wet Verbetering positie pleegouders in werking ge­treden. Een belangrijke verandering is dat pleegouders die gezamenlijk de voogdij over hun pleegkind uit­oefenen niet langer onderhoudsplichtig zijn. Dit betekent concreet dat pleegouders die na deze datum gezamenlijk de voogdij over hun pleegkind uitoefenen de pleegvergoeding en begeleiding kunnen behouden. Een verbetering dus, omdat pleegouders vaak kozen voor eenhoofdige voogdij om zo de pleegvergoeding en begeleiding te kunnen behouden. Toch kan er een venijnig addertje onder het gras schuilen, namelijk als het pleegkind niet langer in het pleeggezin kan blijven wonen en uithuis moet worden geplaatst.

Henk en Betty hebben sinds oktober 2013 beiden de voogdij over hun 11-jarige pleegzoon Samuel. Er is sprake van een pleegoudervoogdijcontract en de pleegouders krijgen pleegvergoeding en (intensieve) begeleiding voor Samuel. De moeder is, ondanks dat zij geen gezag meer heeft, onderhoudsplichtig. De vader is overleden. Helaas gaat het mis met Samuel in het pleeggezin.
Van­wege ernstige gedragsproblemen moet Samuel in een tehuis worden geplaatst. Omdat Samuel niet meer bij Henk en Betty woont, beëindigt de pleegzorgaanbieder het pleegcontract. Daarmee stopt de begeleiding en de pleegvergoeding. Na enkele maanden krijgen Henk en Betty rekeningen van de instelling waar Samuel verblijft. Henk en Betty gaan ervan uit dat de moeder deze moet betalen, omdat zij vanwege de gezamenlijke pleegoudervoogdij niet onderhoudsplichtig zijn.

Het standpunt van Henk en Betty lijkt logisch. Toch zijn zij vanwege het ontbreken van het pleegcontract, door de uithuisplaatsing van Samuel, alsnog onderhoudsplichtig geworden. Zij kunnen dus worden aangesproken door de instelling om de rekeningen te betalen. Het wettelijke vereiste om bij gezamenlijke pleegoudervoogdij niet onderhoudsplichtig te zijn, is namelijk dat er sprake is van een pleegcontract. Simpel gezegd: zonder pleegcontract zijn pleegoudervoogden geen pleegouders meer, maar voogden. Voor gezamenlijke voogden geldt dat zij onderhoudsplichtig zijn ten opzicht van het voogdijkind. Door het ontbreken van het pleegcontract onderscheiden gezamenlijke pleegoudervoogden zich niet langer van gezamenlijke voogden. Zij zijn daarmee voor de wet ‘pleegouder-af’, maar ze zijn daarmee niet ‘voogdij-af’. Vanwege de gezamenlijke voogdij zonder pleegcontract zijn ze ineens alsnog onderhoudsplichtig geworden.

Hoe kunnen de (ex-) pleegouders zich als gezamenlijke voogden van hun onderhoudsplicht ontdoen? Hoe kunnen Henk en Betty ervoor zorgen dat zij niet meer voor (toekomstige(1)) rekeningen kunnen worden aangesproken?
Henk en Betty moeten zo spoedig mogelijk een verzoek bij de rechtbank indienen om (in ieder geval) een van hen te laten ontslaan van de voogdij(2). Dan houdt de onderhoudsplicht op, omdat er immers geen gezamenlijke voogdij meer is. Een eenhoofdig voogd is namelijk niet onderhoudsplichtig. Eventueel kun­nen Henk en Betty overwegen om de rechter te verzoeken om hen beiden van de voogdij te ontslaan en dat Bureau Jeugdzorg in zo’n geval de voogdij op zich neemt. Het is echter niet geheel duidelijk of het wettelijk mogelijk is dat Bureau Jeugdzorg de voogdij op zich neemt. In de wet staat namelijk dat het gaat om ontslag van de voogdij ten gunste van een ‘persoon’. Ge­zien de bedoeling van de wetgever ga ik er wel vanuit dat de pleeg­oudervoogden zich beiden van de voogdij moeten kunnen laten ontslaan en dat Bureau Jeugdzorg de voogdij op zich neemt. <

(1) Let op: de periode waarin sprake was van uithuisplaatsing en gezamenlijke voogdij valt dus wel in de onderhoudsplicht van de pleegouders. Het gaat er dus om de kosten in de toekomst te kunnen beperken.
(2) Het is een wettelijke verplichting dat een verzoek tot ontslag van de voogdij door een advocaat wordt ingediend.

 


Tags: ,