Contact tussen ouders en kind van wezenlijk belang

Contextueel denken

Als pleegzorgwerker sta je regelmatig voor de vraag hoe je het contact tussen ouders en kind kunt vormgeven als het kind niet meer thuis woont. Wanneer pleegouders een kind in hun gezin en leven hebben opgenomen, krijgen ze diens familie erbij.

Onverbrekelijke band
Elk mens bezit een complex netwerk van vroegere en huidige relaties, die van invloed zijn op toekomstige relaties. Die relaties vormen je context. De Hongaar Ivan Boszormenyi-Nagy is grondlegger van het contextuele denken. Hij gaat ervan uit dat elk kind verbonden is met zijn ouders. De band is onverbrekelijk, ook al ziet een kind zijn ouders nooit meer. Contact tussen ouders en kind is van wezenlijk belang. Nagy is hier helder over: “In geval van voogdij spant de contextuele therapie zich ervoor in duidelijk te krijgen dat er niet te marchanderen valt met de levenslange onderlinge betrokkenheid tussen ouders en kind. Vanuit het gezichtspunt van die levenslange betrokkenheid moet ook die ouder die niet de opvoeding voor zijn rekening neemt, worden beschouwd als potentiële hulpbron.”(1)

Loyaliteit
Een kind is loyaal aan de mensen die iets voor hem betekenen, allereerst en met voorrang aan de ouders. Na verloop van tijd kan een kind ook loyaliteitsgevoelens voor pleegouders krijgen. Als je de loyaliteit aan ouders niet erkent, kan dit leiden tot probleemgedrag. De loyaliteit van het kind gaat ondergronds: het is er wel, maar het is niet bespreekbaar. Als je alleen dit gedrag aanpakt, levert het weinig op. De oorzaak ligt dieper. Kinderen kunnen in een loyaliteitsconflict komen als er ruis is tussen ouders en pleegouders.

Verwachtingen
Voordat een kind in een pleeggezin komt, is er vaak al veel gebeurd. Ouders staan misschien wantrouwend tegenover de vreemde mensen aan wie zij hun kind moeten toevertrouwen. Ook voor pleegouders kan het contact met ouders spanning opleveren. Ze zijn bang dat het kind opnieuw gekwetst wordt. Hun normen en waarden staan vaak haaks op die van ouders en de maatschappij verwacht min of meer van pleegouders dat zij ouders afkeuren. Het gedrag van ouders is misschien af te keuren, maar wijs hen niet af als ouders. Wat zij wellicht zelf niet geleerd of ontvangen hebben, kunnen ze moeilijk doorgeven aan hun kind.

Ouderschap en opvoederschap
Nagy trekt ouderschap en opvoederschap uit elkaar. Ouder ben en blijf je voor altijd, maar soms moet je de opvoeding uit handen geven. Dan is goed ouderschap juist: de opvoeding van je kind overlaten aan pleegouders. De verwaarlozing en mishandeling, soms van generatie op generatie, kan dan verbroken worden. Voor een kind is een heldere taakverdeling tussen ouders en pleegouders belangrijk. Voorkom dat een kind het gevoel heeft te moeten kiezen tussen ouders of pleegouders. Het helpt als ouders en pleegouders hun verwachtingen en wensen bespreken. Voor pleegouders is dit soms moeilijk: ouders die het kind zo beschadigd hebben, mogen geen wensen meer hebben! Van een pleegzorg­werker vraagt dit begrip en een meerzijdig partijdige houding om aan alle partijen recht te doen.

Duidelijke communicatie
Pleegouders die ouders geen positie geven en negatief over hen blijven spreken, krijgen de rekening vroeg of laat gepresenteerd. Soms moet een plaatsing zelfs worden beëindigd. Open en eerlijke communicatie is belangrijk. Het is de taak van de pleegzorgwerker om ouders recht­streeks aan te spreken op hun verantwoordelijkheden en hen te helpen daaraan gehoor te geven. Als alle betrokkenen weten waar ze aan toe zijn en wat het perspectief voor de toekomst is, kunnen ze daar naar handelen.

Lange adem
In gesprekken met ouders en kinderen blijkt keer op keer de hunkering naar elkaar. Contactherstel kan een lange adem vergen van de pleegzorgwerker. Wanneer een kind uithuisgeplaatst is, zijn ouders soms zo boos en verdrietig dat er nauwelijks sprake kan zijn van contact. Soms gaan er jaren overheen. Als ouders afspraken niet nakomen, is het verleidelijk en gemakkelijk om het contact te stoppen. Blijf voor het welzijn van het kind investeren in de positie van ouders en de mogelijkheden tot contact. Een bezoek van de pleegzorgwerker kan een ouder vooraf al veel stress opleveren. Door spanning en slaapgebrek is een gesprek misschien niet mogelijk. Maak dan een nieuwe afspraak. Soms hebben ook pleegouders aansporing nodig om een bezoek te plannen. Neem dan, waar mogelijk, de zorg van pleegouders weg, bijvoorbeeld door bij het bezoek aanwezig te zijn of op neutraal terrein af te spreken.

Haalbaarheid van de bezoekregeling is belangrijker dan frequentie. Beter tweemaal per jaar en zeker weten dat de ouder komt, dan tien geplande bezoeken waarvan de ouder maar één keer komt. Het kind rekent erop dat het bezoek doorgaat. Stem af op de mogelijkheden van ouders en houd rekening met de haalbaarheid in het pleeggezin. Het nakomen van afspraken kan van de pleegzorgwerker extra inzet vragen. Zet bijvoorbeeld een bezoekregeling op papier of haal de ouders op.

Uitzonderingen
Soms kan het contact tussen ouder en kind niet fysiek plaatsvinden, bijvoorbeeld omdat de ouder is opgenomen in de psychiatrie of gevangen zit. Een bezoek kan bij het kind ook zoveel gevoelens van onveiligheid oproepen, dat het directe contact moet stoppen. Geef dan op een andere manier vorm aan de relatie, bijvoorbeeld door een kaartje te sturen, te mailen, met grootouders in contact te blijven of een levensboek te maken. Soms alleen maar door te zorgen voor een foto van de ouder op de kast bij het kind.

Meerzijdig partijdig
Recht doen aan pleegouders, ouders en kind vraagt van een pleegzorgwerker een meerzijdig partijdige houding. Stel je beurtelings achter de belangen van elk individu. Het betekent niet dat je wat fout is, goed praat. Onrecht moet worden benoemd en indien nodig bestraft. Het zoeken naar de mens achter de mishandelende en verwaarlozende ouder kan pleegouders helpen milder te zijn ten opzichte van ouders. Een meerzijdig partijdige hulpverlener probeert steeds de menselijkheid van alle partijen te zien en indien nodig te belichten.
Voor Nagy is het belangrijk dat er betrouwbare mensen zijn die zorg dragen voor het kind dat afhankelijk is van volwassenen. Het kind moet centraal staan in de begeleiding van ouders en pleegouders. “Pas als een kind erop kan rekenen dat er mensen zijn die het zolang als dat nodig is, zullen verzorgen, steunen en opvoeden, kan gezegd worden dat er recht gedaan wordt aan het kind.”(2)

Jacomein Hamhuis – Stroeve werkt als begeleider pleegzorg bij Pactum Jeugd en Opvoedhulp. Zij is afgestudeerd in contextuele hulpverlening aan de Christelijke Hogeschool in Ede.

(1) Ivan Boszormenyi-Nagy, Grondbeginselen van de contextuele benadering.

(2) Hekken, van S.M.J., Melse J. Ernstig verwaarloosd, hulpverlening aan kinderen en hun ouders naar de ideeën van Ivan Boszormenyi-Nagy.

 


Tags: ,