Zelf je weg vinden

Johan is achttien. Daarmee is zijn begeleiding vanuit pleegzorg ten einde gekomen. Als kind kreeg Johan de diagnose ‘reactieve hechtingsstoornis’. Hij heeft daar nooit een vorm van behandeling voor gekregen. Zijn pleegouders hebben zelf hun weg gezocht met dit kind. Voor alle pleegouders die een kind als Johan opvoeden heeft Mobiel een interview gehouden met de pleegmoeder van Johan.

Zal ik je wat moois vertellen? Ik kwam vorige week na een lange werkdag thuis en ik was zo moe. Het huilen stond mij nader dan het lachen. Het lijkt dan wel of Johan zoiets aanvoelt. ‘s Avonds liet hij mij zien hoe hij videofilmpjes kan kijken op zijn spelcomputer. Hij bediende het apparaat, ik mocht zeggen welke filmpjes ik wilde zien. Zo zaten we lange tijd samen op de bank, terwijl het langzaam avond werd. Toen iedereen naar bed wilde, ging ik nog even televisie kijken. “Ik kan waarschijnlijk toch nog niet slapen.” “Nog niet slapen?”, zei Johan. “Hoe kan dat nou? Terwijl ik je zoveel liefde heb gegeven.”

Doen alle pleegkinderen zo?
Johan was bijna zeven toen hij bij ons kwam wonen. Hij kwam uit een kindergroep, waar hij lange tijd het oudste kind was en werd bij ons geïntroduceerd als een gewoon kind. In het begin wisten we niet beter. Johan was enorm claimend, we konden hem nooit alleen laten. Doen alle pleegkinderen zo? Ik zat soms met de handen in het haar. Het was geen terugval als reactie op de overplaatsing, wat we in het begin nog te horen kregen. Het gedrag bleef. Johan wilde nooit ergens weg. Was hij thuis, dan wilde hij niet mee naar de winkel. Was hij in de HEMA, dan wilde hij daar blijven. We hebben in de McDonald’s een hele scène gehad, omdat we na de zoveelste hamburger echt naar huis wilden. We voerden hem schreeuwend onder de arm af. Als toen iemand aangifte bij de kinderbescherming had gedaan, had het mij niet verbaasd. Uit gesprekken met een vriendin, die zelf ook pleegkinderen heeft, werd voor mij duidelijk dat dit niet normaal was. Ook niet voor pleegkinderen.

Eigen oplossingen zoeken
De pleegzorgwerkers die ons moesten begeleiden waren lief en aardig, maar eigenlijk wisten ze het ook niet. Er werd gezegd: “Je moet consequent zijn.” Bij Johan viel daar geen eer mee te behalen. We moesten eerder de regels loslaten, omdat alles anders strijd werd. Beloningssystemen, want daar kwamen ze steeds mee aan, werkten niet. De eerste paar keren wel, maar ze verloren al snel aan kracht. Johan is niet gevoelig voor belonen en straffen. Als je hem straft, trekt hij zich terug in zijn eigen wereld. Dat verstevigt de band niet, je raakt hem eerder kwijt. We gingen eigen oplossingen zoeken, omdat we geen strijd wilden. Achteraf gezien waren we daar heel creatief in, maar zo voelde het op dat moment niet.

Alles aanleren
Eigenlijk moesten we hem alles aanleren. Johan neemt niet zomaar wat van je aan. Je moet uitleggen wat de bedoeling is, het dan letterlijk voordoen en niet moeilijk doen als dit niet meteen gevolgd wordt. Na het zwemmen moet hij bijvoorbeeld zijn zwemkleren uit de tas halen en ophangen. Iedere keer als hij had gezwommen, vertelden we het hem en deden het voor. “Denk je er de volgende keer zelf aan?” Iedere keer weer, tot hij het zelf deed. Het leek dan alsof je niet binnen kwam. Bij het ene project duurde het langer dan bij het andere, maar er komt een moment dat hij het gedrag gaat nadoen. In het begin imiteert hij het gedrag alleen. Voor het zwemmen vroegen we altijd of hij niets was vergeten. Johan vergat van alles, dus hadden we een heel rijtje dat we naliepen. Bij zijn vriendje deed Johan hetzelfde: “Heb je een handdoek bij je? Heb je een zwembroek bij je?” Pas na een tijd wordt het gedrag meer van zichzelf en kan hij het anders en op andere momenten inzetten.

Wakker schudden
Die manier van leren vraagt veel geduld, want iets afdwingen kun je vergeten. Dat leidt tot strijd en met strijd kom je op een ander spoor. Dan gaat het om de strijd en niet meer om wat je eigenlijk wilt. Strijd kost meer tijd. Van tijd tot tijd liep de spanning op. Dan werd het toch strijd. Meestal deed mijn man dat, die greep hem bij kop en kont en gooide hem op zijn bed. Johan was dan heel boos. Hij schreeuwde dat hij weg wilde. “Jullie zijn mijn ouders niet!” Hij huilde tot hij in slaap viel. Johan zocht dat breekpunt ook zelf op en vaak voelden wij het aankomen. Eigenlijk was het niet echt straffen. Het was eerder wakker schudden. Johan zei: “Ik heb niets met jullie te maken.” Wij lieten hem voelen van wel.

Het fysiek ingrijpen werd minder rond zijn puberteit. We wilden hem al voor zijn puberteit niet meer fysiek benaderen, omdat we anders geen controle meer hadden als hij groter werd. De lichamelijke aanpak heeft eigenlijk plaats gemaakt voor de rede. We konden meer uitleggen, hij snapte de uitleg beter en vroeg ook meer. Vooraf zag ik op tegen de puberteit. Achteraf was het niet zo moeilijk, omdat we gewend waren om gewenst gedrag aan te reiken. Die bodem hadden we al gelegd toen hij jonger was. Toch voelde het nooit als ‘grip hebben op’.

Vertrouwen
Ik heb moeten leren erop te vertrouwen dat hij het wel gaat oppakken. Dat vertrouwen kreeg ik door de dingen die lukken. Je moet niet teveel verwachten en niet te snel. We legden de focus op het belangrijkste: aan tafel blijven zitten, tanden poetsen (dat duurde soms wel drie kwartier), eerst een appel eten en dan pas snoep (hij kreeg vaak volle zakken snoep mee van zijn ouders) en iedere dag naar school. Nu zien we dingen terug. Hij blijft na het eten aan tafel zitten. In het verleden liep hij meteen weg als hij klaar was. Telkens hebben we met gezellige praatjes geprobeerd hem langer aan tafel te houden. Nu is Johan zelf vaak degene die nog even blijft kletsen. Hij eet nog wel in zijn eigen tempo. Dat hebben we zo gelaten.

Toen hij ouder werd, kreeg hij meer autonomie. We lieten het hem zelf doen en gaven hem het vertrouwen dat hij het ook kan. Dan moet je scherp meekijken. Je mag het zelf doen, maar als je ons nodig hebt, zijn we er voor je. Zo werkt het bij Johan: Ik ben bij je, jij mag zeggen waar het over gaat. Wat je ook doet, wij zijn er altijd. Daarom was het moment op de bank ook zo mooi.


Tags: , ,