Verlenging pleegzorg: een gelukstreffer?

 

Een zoektocht naar verlengde pleegzorg levert vooral veel vragen op. Bestaat verlengde pleegzorg wel en voor wie dan? Waarom krijgt het ene pleegkind verlenging tot 21 jaar en het andere tot 19 of helemaal niet? Moet je als pleegouder hulp opeisen? Mag de ‘gunfactor’ een rol spelen?

Een pleegkind dat nog zorg nodig heeft als het 18 wordt, kan een indicatie voor voortzetting van de jeugdhulp aanvragen bij Bureau Jeugdzorg (BJZ). Hij moet dit zelf regelen, eventueel met ondersteuning van pleegouders, ouders of de hulpverlener. Het gaat dan altijd om vrijwillige hulpverlening. Het al dan niet afgeven van een indicatie is de verantwoordelijkheid van BJZ. Er moet wel noodzaak tot verlenging zijn en het mag geen louter financiële kwestie zijn. De indicatie moet aangevraagd worden voordat de jeugdige 18 wordt. De verlenging kan uiterlijk duren tot de 23e verjaardag van het kind. Hoe werkt het in de praktijk?

Max
Simon Vliet is pleegouder van Max. Net voordat Max 18 werd, vroeg Vliet aan BJZ of de hulpverlening verlengd kon worden. Zoals de meeste adolescenten had Max nog begeleiding van volwassenen nodig. Bovendien heeft hij een vorm van autisme. Vliet: “De kosten van de opvoeding en begeleiding gaan gewoon door. Waarom moet ik als pleegouder dan betalen? Wat als ik dat niet kan? Je zet een kind toch niet op straat!” Zijn vraag werd bij BJZ met grote verbazing aangehoord: “Verlengde pleegzorg, verlengde hulpverlening? Neen, dat bestaat niet!” Toch wel, bleek na onderzoek door BJZ. Een hulpvraag werd geschreven en Vliet heeft tot Max 23-ste verjaardag verlengde pleegzorg gehad, inclusief de financiële vergoeding.

Marsha
Marsha woont sinds haar zesde bij pleegouders en heeft een lichte verstandelijke beperking. Voor haar 18e heeft ze haar voogd gevraagd of voortzetting van hulpverlening mogelijk was, omdat zij gebaat was bij de ondersteuning die ze kreeg. Zij kon zelf aangeven welke begeleiding ze nog zou willen. Dat was niet mogelijk volgens haar voogd. Tot ze 22 was, heeft ze bij haar pleegouders gewoond.

Chantal
Chantal heeft speciaal onderwijs gevolgd. Ze woont sinds haar zesde in een pleeggezin. De pleegzorg stopte toen ze 18 werd. “Pleegzorg stopt toch op je 18e?”, aldus haar pleegmoeder. Chantal is 21, haar opleiding is afgerond en ze heeft geen werk of andere inkomsten. Ze woont nog graag bij haar pleegouders tot ze zelfstandiger kan wonen. De kosten voor haar levensonderhoud zijn voor rekening van haar pleegouders.

Leo en Marlies
Bij de geboorte van Leo en Marlies was meteen duidelijk dat zij langdurig in een pleeggezin zouden opgroeien. Ze kwamen bij Cato wonen en zijn nu 21. Het opgroeien ging zeker niet vanzelf. Ook nu nog hebben zij veel ondersteuning en begeleiding nodig. Toen de tweeling bijna 18 was, kreeg Cato te horen dat er verlengde pleegzorg geregeld zou worden tot ze 21 zijn. Cato: “Ik heb daar niets voor hoeven doen en ook de kinderen hebben zelf geen hulpvraag hoeven bedenken. Misschien dat ze wel iets hebben ondertekend, dat weet ik niet precies. Ik dacht dat iedere pleegouder met thuiswonende 18-plussers dit kreeg.

Eerlijk gezegd heeft de verlenging het financieel voor ons wel wat gemakkelijker gemaakt. Af en toe was er telefonisch contact met de pleegzorgwerker en Marlies heeft haar incidenteel geraadpleegd.” Marlies heeft nu een eigen inkomen en Leo een Wajong-uitkering.

Jongeren met een beperking
De William Schrikker Pleegzorg begeleidt jongeren met een beperking, lichamelijk en/of verstandelijk, die gedwongen geplaatst zijn in een pleeggezin. Verlenging van de begeleiding door pleegzorg na het 18e jaar is mogelijk als er nog duidelijke hulpvragen zijn. De verlenging is in principe voor een half jaar en wordt maximaal een keer verlengd. Juist voor jongeren met een beperking zou verlenging van pleegzorgbegeleiding een goed aanbod zijn, omdat zij vaak extra zorg op hun 18e nodig hebben. Op dit moment kunnen weinig jongeren en gezinnen van deze regeling gebruik maken, omdat er geen financiële dekking is voor dit aanbod.

18-plus en zelfstandig?
Voor een optimale ontwikkeling van adolescenten is ouderlijke betrokkenheid en zorg nodig, ook na hun 18e levensjaar. Rita Kohnstam(1): “Het begin van de adolescentie wordt bepaald door de natuur, maar het einde ervan door de cultuur. (…) In moderne westerse culturen zijn alle lichamelijke veranderingen en het nieuwe lichamelijke evenwicht dat daarbij tot stand komt nog niet voldoende voor die erkenning.” Veel 18-jarigen wonen nog thuis en laten zich begeleiden in de weg naar verdere volwassenheid. Centra voor Jeugd en Gezin richten zich op hulpverlening en ondersteuning aan ouders van ‘jongeren’ tot 23 jaar. Onderzoek naar knelpunten in de hulpverlening wijst ook op de kwetsbare positie van pleegkinderen in deze leeftijd (2).

Willekeur?
Is er inderdaad sprake van willekeur? Tot hun 18e verjaardag is de staat verantwoordelijk voor een goede opvoeding van kinderen die via een rechterlijke uitspraak geplaatst zijn in een pleeggezin. Daarna lijken de jongeren afhankelijk te zijn van goodwill en de portemonnee van pleegouders. Voor jongeren in de jeugdhulpverlening bestaan steeds meer initiatieven, waarmee tot 23 jaar begeleiding kan worden gegeven. Dat is veel duurder dan het wonen in een pleeggezin.

(1) Rita Kohnstam, Ontwikkelingspsychologie III, de puberjaren, 2009
(2) Zie ook Mobiel 1 2010, Volwassen ben je niet in één dag

 


Tags: ,