‘Ik vind haar een geweldige moeder’

Wat is de samenstelling van je gezin?
Hanna: “Myriam is uit de relatie met mijn voormalige partner voortgekomen. Ze was drie maanden oud toen wij uit elkaar gingen. Vanaf dat moment heb ik haar alleen opgevoed. Yasmin komt uit Nigeria en is op tweejarige leeftijd geadopteerd. Pleegdochter Vivian woont bij ons sinds ze drie weken oud is.”

Hoe kwam je ertoe om pleegouder te worden?
Als alleenstaande moeder had Hanna het ‘superfijn’ met haar dochter. Omdat ze ook iets wilde doen voor een ander kind, kwam er een adoptiedochter bij. Een paar jaar later hoorde ze over een pleegkind bij Myriam in de klas. Hanna: “Ik dacht meteen: voor zo’n jongetje wil ik ook wel zorgen!” Ze werd uiteindelijk gevraagd een baby tijdelijk op te vangen. Toen zij naar haar definitieve pleeggezin vertrok, had Hanna intussen een band met de moeder opgebouwd: “Zij kwam drie keer per week langs, verzorgde het haar van haar dochter en zong liedjes met ons. Na een tijdje kwam de vraag of Vivian terug mocht komen. Het ging niet goed in het andere pleeggezin. Mijn dochters sprongen een gat in de lucht.”

Hoe reageerde je omgeving en familie op deze stap?
“Mijn omgeving reageerde terughoudend. Zij hadden zoiets van: je bent alleen, je hebt al een adoptiekind, waar begin je aan? Ik snapte dat wel, maar het zit nu eenmaal in me om iets te willen doen voor kinderen die dat nodig hebben. Ook als directeur van een zwarte school zie ik kinderen die ondersteuning kunnen gebruiken om te zorgen dat hun ontwikkeling goed verloopt.”

Hoe ziet je begeleiding eruit en voorziet die in de behoefte?
Begeleiding is vooral nodig bij de bezoekregeling. Vivians moeder komt elke week langs om haar dochter te zien. Vanwege haar drukke werk kan Hanna daar maar eenmaal per vier weken bij zijn. De andere keren wisselen de pleegzorgwerker, de gezinsvoogd en een vrijwilliger elkaar af om het bezoek te begeleiden.

Waar heb je steun bij nodig, waar ben je onzeker over?
“Af en toe wil ik mijn verhaal kwijt kunnen. Als de moeder niet is komen opdagen of als er dingen zijn voorgevallen, bel ik mijn begeleider op. Ik wil hiermee niet naar mijn vrienden gaan, omdat ik vind dat dit privacygevoelige informatie is.” Nu Vivian wat ouder wordt en vragen stelt over haar achtergrond, voelt Hanna zich onzeker over hoe ze deze vragen het beste kan beantwoorden. “Ik vraag me af hoe ik haar kan uitleggen waarom ze niet bij haar moeder woont, zonder haar moeder ‘in diskrediet’ te brengen.”

Hoe ziet het contact met ouders en familieleden eruit?
“Vivians moeder is een factor in mijn leven geworden. We zien elkaar tijdens feestjes en verjaardagen. Ik vind haar een geweldige moeder en houd echt van haar. Zij kan er niets aan doen hoe het in haar leven is gelopen en ik voel hoe beroerd dat voor haar is.”

Welke praktische problemen kom je tegen?
“Met drie kinderen en één ouder zijn er soms logistieke problemen. Je moet altijd zorgen dat je oppas hebt of iemand die kan inspringen. Gelukkig heb ik vriendinnen in de buurt die ik kan bellen als ik in de file sta.”

Hoe gaat jouw eigen kind om met haar pleegzusje en adoptiezusje?
“Myriam is stapelgek op haar zusjes. Laatst zei ze: ‘Als ik groot ben ga ik net als jij een pleegkind of een adoptiekind nemen.’ Maar er is ook een periode geweest dat ze verwoordde dat ze meer tijd en aandacht van me wilde. Een wens die ook ‘gewone’ broertjes of zusjes kunnen uitspreken.”

Zijn er momenten waarop je denkt: hier had ik nooit aan moeten beginnen?
Een paar maanden geleden wilde Vivians moeder dat haar dochter bij haar kwam wonen. Ze vertelde aan de rechter dat ze weer competent was om haar kind op te voeden. Hoewel de voogd hier niet achter stond, besloot de rechter dat de mogelijkheden bij moeder onderzocht moesten worden. Hanna: “Op dat moment realiseerde ik me hoe zeer ik aan haar gehecht ben geraakt. En nog belangrijker: hoe erg het voor de andere kinderen zou zijn als zij zou vertrekken. Toen ik besefte dat dit zomaar zou kunnen gebeuren, heb ik wel gedacht: waar ben ik aan begonnen?”

Beschrijf een ervaring die illustreert: daar doe ik het voor?
“Ik was met de twee oudsten een weekje op vakantie, terwijl Vivian bij een goede vriendin logeerde. Toen ze ons terugzag kon ze niet ophouden met ons alle drie te knuffelen. Ze riep de hele tijd ‘mama, mama!’ Toen voelde ik heel sterk: hier doe ik het voor. Om haar te zien opbloeien en te weten dat het goed met haar gaat.”


Tags: ,