‘Het is mijn leven, dus ik mag beslissen, punt uit’

Adoptie van pleegkinderen lijkt een gewenste optie. Het antwoord op de vraag of er in Nederland meer pleegkinderen geadopteerd zouden moeten worden, lijkt een luid en duidelijk ja. Ik was hier in ieder geval volledig van overtuigd. Tot mijn eigen verbazing bracht een gastcollege van pleegouder Willemien Kronenberg mij op andere gedachten.

Willemien Kronenberg liet mij inzien dat de wil en wens van het pleegkind centraal moet staan en niet de wil en wens van ouders, pleegouders, potentiële adoptieouders en de Nederlandse overheid. Het kind moet eigen baas zijn bij een adoptiebeslissing en dit moet, net als bij moeders die hun kind afstaan ter adoptie, vrijwillig gebeuren.

Andere landen
In het beleid van de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk is te zien dat adoptie van pleegkinderen sterk gestimuleerd wordt. Met behulp van campagnes, advertenties en televisieprogramma’s proberen deze landen adoptiegezinnen te vinden voor pleegkinderen. In de Verenigde Staten worden zelfs financiële bonussen uitgekeerd aan staten die de adoptieaantallen van pleegkinderen verhogen. Wordt er dan in de eerste plaats stilgestaan bij de wil en wens van het kind of ziet men het pleegkind meer als een product?

Niet geadopteerd
Wat bracht mij op de overtuiging dat de wens van het pleegkind centraal moet staan? Willemien Kronenberg vertelde dat sommige pleegkinderen niet geadopteerd willen worden, omdat zij het niet loyaal vinden naar hun ouders. De ouder blijft altijd de ouder van het kind, zelfs na jaren van fysieke scheiding. Dit betekent niet dat pleegkinderen liever bij hun ouders willen opgroeien. Loyaliteit kan wel verklaren waarom niet ieder pleegkind geadopteerd wil worden. Daarnaast willen sommige pleegkinderen niet geadopteerd worden, omdat de voogd tussen hen en hun ouders staat. Er zijn ook pleegouders die om deze reden geen pleegoudervoogdij willen, want dan verdwijnt de instantie die de oudercontacten bewaakt en begeleidt. In sommige gevallen is er blijvend behoefte aan een buffer tussen pleegouders en ouders.

Netwerkpleeggezinnen
Er zijn meer redenen waarom niet elke pleegouder zijn pleegkind wil adopteren. Denk bijvoorbeeld aan netwerkpleeggezinnen, waar adoptie waarschijnlijk nog gevoeliger ligt dan bij bestandspleeggezinnen. Uit onderzoek is gebleken dat, zeker wanneer er familiebanden zijn, pleegouders de relatie met ouders niet graag verstoren. Triseliotis(1) wijst op het lastige dilemma dat hieruit voortvloeit. Er zijn pleegouders die wel permanent voor een pleegkind willen zorgen, maar het niet willen adopteren. Is het dan wenselijk om dit kind te verplaatsen naar een adoptiegezin en zijn bestaande gehechtheidsrelaties te verbreken? Discontinuïteit is zeer schadelijk voor de ontwikkeling van het kind.

Dilemma
Wat het dilemma pleegzorg of adoptie zo lastig maakt, is dat men nooit met honderd procent zekerheid weet of een pleeggezinplaatsing niet voortijdig zal worden afgebroken, waardoor een pleegkind zijn gehechtheidsrelaties verliest. De zekerheid op een duurzaam opvoedingsarrangement is groter voor geadopteerde pleegkinderen, maar ook hier is geen volledige zekerheid. Uit onderzoek blijkt dat pleegkindadopties soms ontwrichten en het risico hierop is groter voor pleegkinderen die op oudere leeftijd zijn geadopteerd. Bovendien zijn er in de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk veel pleegkinderen die wachten op een adoptiegezin. Ook dit kan nadelige effecten hebben, zeker als een pleegkind lang moet wachten op een passend adoptiegezin. Het betekent opnieuw bestaansonzekerheid. Een kind zal zich afvragen: Wanneer word ik geadopteerd? Wie worden mijn nieuwe adoptieouders? Waar kom ik terecht? Misschien zelfs: Waarom wil niemand mij adopteren?

Adoptie als optie
Ik pleit ervoor om het perspectief van het pleegkind te respecteren. Als een kind de wens heeft om geadopteerd te worden, mag er niets in de weg staan. Adoptie van pleegkinderen moet ook gemakkelijker worden en er mogen in Nederland meer pleegkinderen geadopteerd worden. Adoptie is echter niet het antwoord voor elk pleegkind dat niet terug kan naar zijn ouders. Laten we adoptie zien als optie. Een optie waar een pleegkind zelf voor mag kiezen. Het gaat tenslotte om hun leven. <

(1) J. Triseliotis (2002). Long-term foster care or adoption? The evidence examined. Child & Family Social Work, 7(1), 23-33.

======

KADER

======

Meer pleegkinderen adopteren?
Studenten Pedagogiek van de Universiteit Leiden schreven voor het vak ‘Adoptie & Pleegzorg in pedagogisch perspectief een werkstuk over de stelling ‘Er zouden in Nederland meer pleegkinderen geadopteerd moeten worden’. De studenten namen een standpunt in, voor of tegen deze stelling.

In Mobiel 4 las u de reactie van Rinske Windig op deze stelling. Zij schreef dat het in Nederland bijna nooit voorkomt dat een pleegkind door zijn pleegouders wordt geadopteerd. In andere landen, zoals Amerika, is dat anders. De regering doet daar haar uiterste best om het aantal pleegkinderen dat wordt geadopteerd te verhogen. Adoptie zou een eind maken aan veel onzekerheden van pleegkinderen en Amerikaanse onderzoeksresultaten zijn veelbelovend. Daarom vindt Rinske Windig dat het tijd is om kritisch naar het Nederlandse systeem te kijken. In dit nummer geeft medestudent Annemijn Cazander haar mening.

Annemijn Cazander

 


Tags: ,