‘Improviseren is onze levensstijl’

De meeste mensen van hun leeftijd hebben de kinderen de deur uit en gaan wat meer tijd aan zichzelf en hun hobby’s besteden. Zo niet Bert (60) en Wilma (57). Hun vijf kinderen (van 27 tot 35 jaar) wonen zelfstandig, maar hun zorg en aandacht gaat nog volop uit naar hun adoptiedochter van 20 en hun vijf pleegdochters van 6 tot 18 jaar. Hun situatie lijkt op die van gezinshuispleegouders, maar Bert noch Wilma verdienen een salaris met de zorg voor de pleegkinderen, al is het is nu een fulltime job voor allebei. Sinds begin 2011 leven ze van een bijstandsuitkering.

Wat is de samenstelling van uw gezin?
Het is al bijna 20 jaar geleden dat het eerste pleegkind bij Bert en Wilma kwam wonen. Hun kinderen woonden toen nog thuis, de pleegkinderen kwamen steeds voor maximaal een half jaar. In 1994 adopteerden ze een meisje uit Suriname. Daarna werden er voor kortdurende periodes weer pleegkinderen in hun gezin geplaatst, zo’n tien pleegkinderen in tien jaar tijd. Tussen 2004 en 2007 zijn de huidige pleegdochters bij Bert en Wilma komen wonen, met nog wat kortdurende plaatsingen van deze en gene eromheen. Een hectische tijd, te meer omdat hun adoptiedochter in die periode een ingrijpende beenverlengende operatie moest ondergaan.

Hoe kwam u ertoe om pleegouder te worden?
Al in de verkeringstijd wilden Bert en Wilma vanuit hun christen-zijn omzien naar de naasten, in het bijzonder kinderen. Ze stichtten een gezin, vingen in de zomervakantie kinderen op uit Berlijn, startten een adoptieprocedure voor een kind uit Suriname en werden intussen ook pleegouder. Wilma: “We waren zelf ook wel eens verbaasd dat de instanties het goed vonden, want zo’n groot huis hebben we niet, maar de conclusie van de Raad voor de Kinderbescherming was: Jullie hebben ruimte in je hart”.

Hoe reageerde uw omgeving en familie op het pleegouderschap?
Familie zei wel eens: “Waar zijn jullie toch mee bezig, je moet voor jezelf leuke dingen doen.” Inmiddels is iedereen eraan gewend. Bert en Wilma hebben wel eens het gevoel dat ze in een glazen huisje leven en dat sommige mensen zelfs meekijken met een loep.

Hoe ziet uw begeleiding eruit en voorziet die in de behoefte?
De pleegouders hebben te maken met een pleegzorgwerkster en drie voogden. Het contact met de verschillende Bureaus Jeugdzorg levert wel eens verschil van inzicht op, maar dan vallen ze terug op andere instellingen, die hen daarin weer begeleiden. Ze hebben het regelmatig druk met gesprekken hier en overleg daar, zo ook met het brengen en halen van vier kinderen naar allerlei therapieën. Twee pleegdochters bezoeken het speciaal onderwijs en de jongste is een hartpatiëntje, dat als kleine baby al een kunsthartklep kreeg.

Waar heeft u steun bij nodig, waar bent u onzeker over?
Bert en Wilma hebben op dit moment het gevoel wel wat extra overleg te kunnen gebruiken, omdat deze kinderen soms zulk heftig gedrag vertonen, dat zij zelf, met al hun ervaring, zich afvragen hoe ze dan het beste kunnen handelen.

Hoe ziet het contact met ouders en familieleden eruit?
Bert: “Dat is heel wisselend, zowel wat betreft de frequentie als wat betreft de kwaliteit. Een moeder komt hier koffiedrinken, een andere moeder gaat twee uurtjes met haar kind naar de stad en weer anderen hebben een belregeling. Wij willen graag meewerken aan bezoekregelingen, maar het komt voor dat de eigen ouders zich niet aan de afspraken houden en dat is heel frustrerend voor het kind. Soms zeggen we pas tien minuten van tevoren dat vader komt, op het moment dat we heel zeker weten dát hij komt.”

Welke praktische problemen komt u tegen?
“Hoezo problemen? Improviseren, recyclen en kopen bij de kringloop is al vanaf het begin onze levensstijl. Het vinden van een ‘stevige’ oppas is wel eens lastig.”

Hoe gaan jullie kinderen om met de pleegkinderen?
De jongste pleegdochter kan niet bij familie logeren en gaat, als dat nodig is, naar onze zoon Joas. Dochter Naäma werkte bij McDonalds en mocht daar een kerstwens in de boom hangen. Haar wens, eten bij ‘de Mac’ met al haar (pleeg)zussen, broers, aanhang, ouders en oma ging in vervulling.

Zijn er momenten waarop u denkt: Hier had ik nooit aan moeten beginnen?
“Nee, dat komt niet voor”. Het is wel altijd druk en een hulp in de huishouding zou fijn zijn. Maar ze plannen hun vrije momenten in en gaan soms, als de kinderen naar school zijn, sporten of ergens koffiedrinken. Bert maakt elke dag tijd vrij om muziek te maken en Wilma vindt het heerlijk om te knutselen met de kinderen.

Beschrijf een ervaring die illustreert: daar doe ik het voor?
“De pleegdochter van 18 heeft een slechte start gehad. Zeven jaar geleden kwam ze bij ons wonen en binnenkort gaat ze haar eindexamen havo doen. Super!”

www.stichtinggoedgezind.nl

Ina Huisman

 


Tags: ,