‘Waarom ik niet?’

Jaloers gedrag komt in ieder gezin voor, dus ook in ieder pleeggezin. Soms zijn er situaties die net wat anders zijn, omdat je in een pleeggezin woont. We hebben wat rondgevraagd naar jaloezie in pleeggezinnen.

Wilma, pleegkind
“Laatst hoorde ik een vriendin vertellen dat haar zus een nieuwe tas had gekregen. Zij had die tas ook graag gewild en was stiekem een beetje jaloers. We moesten allemaal lachten, want die vriendin heeft genoeg tassen voor een heel weeshuis.
Jaloers was ik wel op mijn pleegzussen. Hun spullen zijn niet echt mijn smaak, dus daar ben ik bijna nooit jaloers op geweest. Ik was wel jaloers op hun familiecontacten. Ik heb altijd een slecht contact gehad met mijn moeder. Wat mij vroeger vooral dwarszat, is dat mijn pleegzus Sacha veel cadeautjes kreeg van haar ouders. Ze vergaten nooit haar verjaardag, mijn moeder vaak wel. Sacha zag haar ouders vaak. Ik zag mijn moeder maar vier keer per jaar en hoopte elke keer dat zij dan echt kwam opdagen en eens iets voor mij kocht. In mijn tienerjaren heb ik de hoop opgegeven dat mijn moeder nog verandert en was ik meer jaloers op mijn oudere pleegzus. Zij had zelfs nog veel meer familie. Ze kreeg kaartjes van haar oma en opa en ging op bezoek bij haar ooms en tantes. In die tijd ging ik ook op zoek naar mijn familie, maar zonder succes. Naast jaloezie was er vaak onbegrip. Sacha wilde op den duur haar ouders minder vaak zien, terwijl ik ernaar snakte dat mijn moeder mij meer aandacht gaf.”

Maurits, pleegzorgwerker
“Milena woonde eerst bij haar vader. Vader had weinig geld en spullen, ook niet om kleren voor haar te kopen. Toen ze naar een pleeggezin ging, moesten haar pleegouders wel meteen nieuwe kleren kopen. Ook hadden ze speelgoed voor haar in huis. Haar vader kwam op bezoek, zag dat mooi ingerichte huis en al die spullen. Hij had moeite met de ‘rijkdom’ van deze mensen. Dat zei hij niet met zoveel woorden. Hij keurde de nieuwe kleren van zijn dochter af. Dat was voor haar uiteraard lastig, want ze was er zo blij mee. Dat het om jaloezie ging, werd mij duidelijk toen hij steeds vaker zijn beklag deed over hoe weinig geld hij kreeg van zijn uitkering.”

Carla, pleegmoeder
“Onze pleegdochter heeft een kindje gekregen. Trots en gelukkig wil ze dit gevoel graag delen met haar moeder. Ze zoekt naar het ‘moeders-onder-elkaar-gevoel’. Het geeft haar veel verdriet dat ze dit gevoel nauwelijks kan vinden en dat het contact met haar moeder daarin niet verbetert. Ze telefoneert regelmatig met haar. Iedere keer als ze wil vertellen dat iets niet zo lekker loopt of dat ze zich niet zo prettig voelt, is het antwoord van haar moeder: ‘Wat zeur je nou, je mag in ieder geval je kind houden!’”

Mandy, pleegkind
“Ik ben er niet trots op, maar soms kon ik echt niet om dat jaloerse gevoel heen. Zo was ik jaloers op mijn pleegzusje die haar ouders elke drie weken zag. Zij legden haar graag in de watten. Vaak waren het hebbedingetjes, waar ik best jaloers op kon zijn. Maar het mega-barbiehuis dat ze voor haar verjaardag kreeg, vergeet ik nooit! Achteraf waren het kleine dingen, maar ik begrijp nog steeds wel dat ik me jaloers voelde. Het is ten slotte als kind best lastig te begrijpen waarom je zus(je) meer krijgt dan jij.”

Jan, pleegvader
“Elk kind is uniek en heeft goede en slechte eigenschappen. Dat is bij onze pleegkinderen niet anders. Een van hen is stikjaloers op alles en iedereen. Elke vezel in haar lijf is gespitst op een snippertje onrecht. Krijgt ze net zoveel als een ander? Trekt ze weer aan het kortste eind? Tijdens een lunch in een restaurant werd ze eens zo boos dat ze een uur stampvoetend van woede buiten stond om af te koelen. Waar ging het om? Haar oudere pleegbroer die kroonkurken verzamelde, kreeg van de ober drie verschillende. Zij kreeg er ook drie, maar daar zaten twee dezelfde bij. Juist deze pleegdochter heeft en krijgt het meeste van al onze pleegkinderen. Zij heeft het meeste contact met haar biologische familie, zij krijgt de meeste cadeautjes en aandacht. Toch blijft het gevoel van onvrede en angst om alles weer te verliezen overheersen. Haar plekje aan tafel is bijvoorbeeld heilig. O wee, als haar jongere pleegzus eens naast mijn vrouw mag zitten; het huis is te klein en haar blikken zijn vuil. Je kunt het uitleggen, maar de jaloezie overwint. Het gevoel dat ze ooit in de steek is gelaten en alles verloor, heeft haar beschadigd voor het leven. Delen of blij zijn voor een ander is bijna onmogelijk. Het is moeilijk voor ons, maar ook voor haar; de wrok en het gevoel dat alles op een goudschaaltje moet worden gewogen.

=====
Kader
=====

Hoe ga je om met jaloers gedrag bij kinderen?
Tips van Centra voor Jeugd en Gezin en internet:

  • Help je jonge kind met zijn gevoelens. Zeg bijvoorbeeld: “Ik begrijp best dat je jaloers was toen Jeroen al die mooie cadeaus kreeg” of “Je moet nog lang wachten totdat jouw verjaardag komt, hè?”
  • Verdeel je aandacht zoveel mogelijk over je kinderen. Geef hun samen aandacht, maar ook apart van elkaar.
  • Maak duidelijke afspraken over wanneer en met wie je iets gaat doen.
  • Geef je kind positieve aandacht als het leuk bezig is en op momenten dat het zich niet jaloers gedraagt. Beloon goed gedrag bijvoorbeeld met het voorlezen van een verhaaltje of met samen spelen.
  • Behandel elk kind op de manier die bij zijn karakter en leeftijd past.
  • Laat duidelijk merken dat je kinderen allemaal uniek zijn. Daardoor leren ze dat je rekening houdt met hun verschillen.
  • Geef elk kind complimentjes voor alles waar het goed in is. Zeg daarbij, dat de één goed is in het één en de ander weer in iets anders.
  • Negeer agressief gedrag niet. Maak wel duidelijk dat het onacceptabel is.
  • Geef geen straf voor jaloers gedrag. Dat bevestigt het gevoel van het kind dat z’n ouders niet van hem houden en daar wordt het nog jaloerser van.
  • Geef het kind geen aandacht op het moment dat het zich jaloers gedraagt (behalve als het slaat of schopt). Daardoor wordt het duidelijk dat jaloers gedrag geen aandacht oplevert.
  • Accepteer het gevoel van jaloers zijn. Toon er begrip voor.
  • Is een kind vaak jaloers, ga dan na of er meer aan de hand is. Trekt het soms werkelijk aan het kortste eind?

Tags: , ,