Nog drie

Nog drie. Nog drie kinderen en dan begeleid ik net zoveel kinderen als het aantal uren dat ik per week werk. Gekkenwerk, natuurlijk. Maar het moet, want we hebben net een nieuwe collega. Die is nog niet zo ver ingewerkt dat ze al een volledige ‘caseload’ kan hanteren en we mogen ook geen wachtlijst hebben.

Zo ontstaat er een situatie in de praktijk die niet correspondeert met de situatie op papier. Op papier zijn er geen wachtlijsten en op papier helpen we het aantal kinderen dat hoort bij de samenstelling van ons team. In de praktijk zijn er pleegouders die ik al maanden niet heb gesproken.

Van mij als pleegzorgwerker wordt verwacht dat ik de veiligheid van kinderen in de gaten houd. Van tijd tot tijd moet ik dat bevestigen. ‘Zijn er doelen rondom de veiligheid?’, staat er dan in een evaluatie. ‘Dat weet ik eigenlijk niet’ is geen gepast antwoord. Dus vul ik iets algemeens of positiefs in. Er komen geen doelen naar boven als de pleegouders die niet zelf aankaarten.

En ik? Ik houd mijn mond. Waar haal ik de tijd vandaan om dit aan de orde te stellen?


Tags: ,