In huis en hart

Tijdens het landelijk pleegzorg­weekend in Walibi werd ‘In huis en hart’ gepresenteerd. In dit boek geven pleegouders een inkijkje in hun leven. Ze vertellen openhartig over de leuke en lastige kanten van pleegzorg, de dilemma’s, teleurstellingen en successen. Auteur Tim de Jong vertelt waarom hij het boek heeft geschreven.

‘Op 2 juni 2003 liepen mijn vrouw en ik over de parkeerplaats van een streekziekenhuis, met tussen ons in een slapende baby in een maxicosi. Met zijn 2600 gram mocht baby Abel, vier weken oud, deze ochtend de couveuse­afdeling verlaten. Het was een stralende, zomerse dag en wij als kersverse pleegouders stonden even stil om naar zijn slapende gezicht te kijken. Wij waanden ons hoofdrol­spelers in een spannende film. Een uur tevoren hadden we onder toeziend oog van het verplegend personeel met hem kennisgemaakt en zijn schamele bezittingen in ontvangst genomen. Nu liepen we als twee dieven bij klaarlichte dag met een vreemde baby naar onze auto. Deze onwerkelijke ervaring werd nog versterkt doordat ons adres geheim moest blijven voor de vader, die zijn zoon op deze ochtend liever zelf had opgehaald. We waren onderdeel geworden van ‘de hulpverlening’ rond een baby, die aan ons werd toevertrouwd vanwege zorgelijke omstandigheden in zijn ouderlijk huis. Tegelijkertijd voelden we ons als het prille gezinnetje waar passanten ons voor aanzagen. Thuis stond de beschuit met muisjes al klaar.’

Het begin
Deze anekdote markeerde het begin van een reeks ervaringen met pleegkinderen. Soms waren dat bijzondere ervaringen, zoals de vertrouwensband die we opbouwden met de vader van Abel en de uiteindelijke hereniging van vader en zoon. Soms waren er pittige uitdagingen. Dan lukte het niet om een goed contact met de ouders te krijgen of uitten de kinderen hun verdriet en boosheid in opstandig gedrag. Vanaf het moment dat wij ons aanmeldden om pleegouders te worden, heb ik informatie gezocht over andere pleeg­gezinnen. Hoe pakten zij het aan? Wat was lastig in de praktijk? Waren wij eigenlijk wel geschikt voor pleegzorg? Via via leerde ik andere pleegouders kennen. Onze gesprekken leerden me veel. Ook als ‘ervaren’ pleegouder bleef ik naar verhalen van anderen luisteren, om mijn aanpak te spiegelen, op nieuwe ideeën te komen en soms een moment van herkenning te beleven. Veel pleegouders missen die herkenning bij ‘gewone’ gezinnen. Later kwam ik ook als professional met pleegouders in aanraking. Mijn nieuws­gierigheid, de vergelijkbare vragen van (aspirant) pleegouders en de onwetendheid bij een breed publiek, zijn de bronnen waaruit ‘In huis en hart’ is voortgekomen.

Voorwoord van André Rouvoet
André Rouvoet, minister voor Jeugd & Gezin in het kabinet Balkenende IV, schreef het voorwoord. Een fragment: ‘Jazeker: pleegouders zijn goud! Dat wist ik al, maar lezing van de interviews die in dit boek zijn gebundeld, heeft mij daar opnieuw in bevestigd. Wat een mooie verhalen! Geweldig om te lezen hoe mensen hun huis en hun hart hebben opengesteld voor kinderen die – om wat voor reden dan ook – tijdelijk of langdurig niet thuis, in het eigen gezin, kunnen verblijven.’

Fragmenten uit ‘In huis en hart’
‘Op haar negentiende besloot mijn dochter op zichzelf te gaan wonen. Ze kon haar zoon niet meenemen, omdat ze een kleine kamer had en een opleiding volgde. Ik had dit al zien aankomen en zei tegen haar: “Laat die jongen maar hier, ik voed hem wel op.”’

‘Als ons van tevoren was verteld welke problemen het opvangen van deze kinderen met zich mee zou brengen, had ik misschien geen ja durven zeggen. Dan had ik gedacht: dit kan ik nooit. Maar het komt op je pad, je begint eraan en je weet nog niet wat het allemaal met zich mee gaat brengen. En dan blijk je het gewoon te kunnen.’

‘Het valt me op dat mensen in onze omgeving vaak verrast zijn dat wij een pleegzoon opvangen. Als het om een neefje of nichtje zou gaan, zou dit in de Surinaamse gemeenschap heel gewoon worden gevonden. Nu het een Creoolse jongen van buiten de familie is, roept dit al gauw de vraag op waarom wij dit doen.’

‘Onze kinderen nemen een pleegkind altijd de eerste uren onder hun hoede. Dankzij hen voelen pleegkinderen zich snel thuis. Toen Shirley hier twee jaar geleden kwam, was het bijna Pasen. Zij kon de eerste dagen niet lachen en we wisten niet of ze wel emoties kon voelen. Bij het paaseieren zoeken sloegen de kinderen eieren stuk op mijn hoofd. Toen zagen we de eerste lach bij Shirley verschijnen.’ <

Bestellen
‘In huis en hart. Interviews met pleegouders’ is een uitgave van uitgeverij Van Gorcum en Stichting Mobiel. U kunt het boek voor € 19,95 bestellen via de bestelkaart op pagina 27 van Mobiel.

Tim de Jong heeft acht jaar ervaring als pleegvader en is werkzaam geweest als trainer van aspirant-pleegouders. Hij werkt als onderzoeker en is zelfstandig coach en supervisor.


Tags: ,