Een pleeggezin met adoptiekinderen

Ellen (45) en Theo (51) hebben twee adoptiekinderen uit Haïti: Ricardo (13) en zijn zus Sarah (11). Ook hebben ze een 5-jarige pleegzoon, die Randy heet. Ellen is thuismoeder en Theo werkt buitenshuis.

Hoe kwamen jullie ertoe om pleegouders te worden en hebben jullie weleens getwijfeld of een pleegkind paste bij jullie twee geadopteerde kinderen?
Ellen: “Ik wilde graag pleegzorg gaan doen. Op het schoolplein zag ik een moeder met een donkere baby. We raakten met elkaar aan de praat en zij vertelde dat het haar pleegzoon was. Ze wees me op een informatieavond en daar ben ik naar toe gegaan. Ik was meteen enthousiast. Thuis heb ik het er met Theo over gehad en hij voelde er ook voor. We hebben er helemaal niet aan getwijfeld of een pleegkind bij onze adoptiekinderen zou passen. Ricardo en Sarah zijn tegelijk gekomen en toen heb ik al ervaren dat je zomaar van vreemde kinderen kunt gaan houden. Nu kon er dus ook zomaar een kind bij.”

Hoe reageerde jullie omgeving en familie op het pleegouderschap?
“Iedereen was positief, net als toen Ricardo en Sarah bij ons kwamen.”

Hoe ziet jullie begeleiding eruit en voorziet die in de behoefte?
“Onze begeleiding verloopt prima. We hebben een pleegzorgwerker en een stagiaire. Ik kan op hen rekenen. We werken ook in een zorgteam en dat gaat goed. Dat is het grote verschil met adoptie. Toen kwamen we uit Haïti met twee kinderen van 3 en 4 jaar en er was niemand die ons begeleidde en aan wie we advies konden vragen.”

Waar hebben jullie steun bij nodig, waar zijn jullie onzeker over?
“De opvoeding van onze pleegzoon valt ons zwaar. In het begin ging alles prima, maar het speciale van het begin moest langzamerhand gewoon worden. Randy bleek ontzettend verwend te zijn. We moesten hem heel vaak corrigeren en eind vorig jaar heeft hij een soort terugval gehad. Hij is nu moeilijk hanteerbaar. Daar hebben we steun bij nodig.”

Hoe ziet het contact met de ouders en de familieleden eruit en hoe is dat voor jullie adoptiekinderen die geen contacten hebben?
“Tot nu toe kwam zijn moeder op zaterdagmiddag een uur op bezoek. Nu is dat veranderd. Vanaf deze week komt zij met haar vriend op woensdagmiddag drie uur op bezoek, want jeugdzorg wil bekijken of hij terug naar huis kan. Randy vindt het bezoek leuk om het cadeautje dat erbij hoort en omdat er met hem gespeeld wordt en hij alle aandacht krijgt. Ricardo en Sarah vinden het helemaal geen punt, zij leven er helemaal niet mee dat ze geadopteerd zijn en ergens ver weg nog een vader en moeder hebben. Het leeftijdsverschil speelt ook een rol. Zij zien Randy echt als een klein jongetje en betrekken zijn dingen niet op zichzelf.”

Hoe gaan jullie kinderen om met het pleegkind?
“Ze hebben van het begin af aan hun best gedaan. Door zijn gedrag van de laatste tijd stoot hij hen nu van zich af. Hij zit hen dwars en daarmee prijst hij zichzelf uit de markt. Dit gebeurt ook met vriendjes op school. Hij is altijd het buitenbeentje. De juf heeft ook haar handen vol aan hem.”

Welke praktische problemen kom je tegen?
“Helemaal geen. We hebben volop speelgoed en kleren en ons gezin draait lekker en daarin gaat Randy gewoon mee.”

Zijn er momenten waarop je denkt: hier had ik nooit aan moeten beginnen?
“Ik denk dat soms wel even één minuutje, bijvoorbeeld als Randy de hele dag heel druk is geweest en ik daardoor niet klaargekomen ben met wat ik wilde doen en als hij dan ’s avonds nog gaat zeuren. Volgens mij denkt iedere ouder dat weleens …”

Beschrijf een ervaring die illustreert: daar doen wij het voor!
“Ik bracht Randy naar school en ik voelde ineens zijn handje in mijn hand.

Ik las hem voor bij het naar bed gaan en we voelden samen hoe fijn lezen is: hij houdt net zo van letters als ik.

We vierden mijn verjaardag met een high tea in Veere nadat we een lekker eind gewandeld hadden en toen we aan dat tafeltje zaten met al dat moois en lekkers, voelden we ons echt een gezin met z’n vijven.” <


Tags: ,