Pleegzorg stopt niet bij 18

Auteur: Jolanda Stellingwerff  

Voor Mieke (57) en Freek (60) was Lies hun eerste pleegdochter. Indertijd waren zij halverwege de twintig, Lies was 17. Dertig jaar later zijn Mieke en Freek nog steeds pleegouders. Crisispleegzorg, langdurige pleegzorg, broertjes en zusjes samen; ze hebben het allemaal meegemaakt. Met veel van de pleeg­kinderen die inmiddels volwassen zijn, is er nog contact. Mieke en Freek vinden dat vanzelfsprekend. “Kinderen weten het als je van hen houdt, het is belangrijk dat ze op iemand kunnen terugvallen.”

“Volgens de Bijbel zijn er zeven generaties nodig voor echte verandering. Daar kan ik wel in meegaan,” vertelt Mieke. “Lies komt uit een ingewikkeld milieu. We zien het vaker, dat kinderen dan achter de ouders aan hobbelen. Als ze al om hulp vragen, is dat veelal aan hun eigen mensen. Vaak is er dan al heel veel mis. Als je gewend bent aan weinig geld, vraag je pas om hulp als de schulden echt torenhoog zijn. Wij komen er soms pas na tijden achter dat er iets mis is. Een tijdje terug nog met een pleegzoon. Hij bleek een huurachterstand te hebben van een jaar. Dan wordt het voor ons moeilijk om hem te helpen. Toch proberen we het.”

Intelligentie
Freek: “Lies kwam vanuit een tehuis. Ze is hier maar negen maanden geweest, maar we hebben altijd contact gehouden. We waren getuige bij haar huwelijk. Ze trouwde met een rijke man en ze kregen kinderen. Het huwelijk liep stuk. De kinderen gingen heen en weer van vader naar moeder en hadden een ongeregeld leven. Lies houdt ontzettend veel van haar kinderen, maar als moeder schiet ze tekort. Als persoon heeft ze zich al die jaren wel ontwikkeld, maar als moeder en als partner lukt haar dat niet. We zien dat ieder pleegkind groeit en zich ontwikkelt. Je moet er alleen niet altijd de ‘gewone’ standaard op loslaten.”

Mieke meent dat intelligentie daarbij een rol speelt. “Je zou het wetenschappelijk moeten volgen, maar voor mijn gevoel maakt intelligentie veel uit. Als een volwassene reëel kan terugkijken en kan zien wat er toen goed en slecht was, dan komt hij of zij verder. Je kunt dan dingen afsluiten. Voor Lies speelt er ook psychiatrische problematiek mee. Ze heeft wel degelijk stappen gezet, maar niet genoeg voor haar kinderen. Haar dochter Anja had criminele vriendjes en raakte op haar zeventiende zwanger. Lies deed de financiën. Ze had echter totaal geen overzicht.”

Valkuilen
“Ieder mens komt problemen tegen in zijn leven, maar voor pleegkinderen zit daar altijd een dimensie onder,” zegt Freek. “Naast het probleem, een scheiding, geldtekort of iets anders, is er hun verleden. Dat kan veel onzekerheid geven. Als ze eindelijk op eigen benen staan, nemen ze zich voor om het anders te doen dan hun ouders. Ze willen hun kinderen bij zich houden. Ze willen niet in de valkuilen van hun ouders stappen, maar dat is voor sommigen heel moeilijk. Bijvoorbeeld bij partnerkeuze. De kans dat je iemand kiest die jou begrijpt, die ook problemen heeft of kent, is groot.” Mieke: “De relatie die wij met Lies hebben, is goed. We waren erbij toen ze trouwde, toen haar kleindochter werd geboren. Ook met haar kinderen hebben we veel contact. We volgen hen, we zien elkaar op verjaardagen en zijn er als ze ons nodig hebben. Dat geldt ook voor de pleeg­kinderen die hier gewoond hebben. Soms verdwijnen ze op hun achttiende. Zetten ze zich af en willen ze geen contact. Een paar jaar later komen ze dan weer regelmatig koffie drinken.”

“Het recht op jeugdzorg zou tot 21 jaar moeten gelden,” vindt Freek. “De druk van 18 jaar verdwijnt als de uitzondering en bewijsvoering voor verlenging eraf is. Pleeg­ouders die het niet breed hebben, kunnen het niet zelf opvangen. Kinderen van 18 zijn erg duur. Voor de jongeren zelf is het belangrijk dat ze op hun achttiende kunnen blijven als ze dat willen. Om zo’n keuze te maken, moeten ze wel uit de puberteit zijn. Jongens zijn vaak wat later, dan is zo’n keuze heel ingewikkeld. Ook daarom is het beter als ze langer in het pleeggezin kunnen blijven.”

====
Kader
====

Vangnet zeer gewild
In Mobiel 1 van 2010 ging het thema over volwassen pleegkinderen. Er kwamen veel reacties op het thema en het onderwerp kwam regel­matig terug in de daaropvolgende nummers. Opvallend is dat niet alleen pleegouders moeite hebben met de grens van 18 jaar. Ook (voormalige) pleegkinderen geven aan dat ze in een gat terecht komen. Niet alle pleegouders kunnen het emo­tioneel of financieel opbrengen het zo lang vol te houden als Mieke en Freek. Pleitte minister Rouvoet tijdens zijn ambtsperiode nog voor voortzetting van de hulpverlening, met de huidige bezuinigingen is het afwachten wat er met die plannen gebeurt. Tijdens de internationale pleegzorgconferentie IFCO in Brighton waren diverse initiatieven van jongvolwassenen zelf te zien. Een voorbeeld voor Nederland!


Tags: ,