Maya’s pleeggezin

Auteur: Jolanda Stellingwerff  

Bij de laatste column van Maya hoort natuurlijk een portret van haar pleegouders Hildebrand (57) en Ankie (56). Toen zij zelf geen kinderen konden krijgen, stond voor hen vast dat zij niet wilden adopteren. Pleegzorg leek een goed alternatief. Lucas van 14 (nu 38) was hun eerste, niet-officiële, pleegzoon. De zusjes Yoko (nu 25) en Maya (nu 22) werden via een instelling in het gezin geplaatst.

Wat is de samenstelling van jullie gezin?

Hildebrand: “Na de komst van Yoko (toen 6) en Maya (toen 3) werd ik huisman. Ik werkte daarvoor in het speciaal onderwijs. Nu ben ik wiskundeleraar en heb als hobby beeldhouwen.” Ankie: “Ik ben fulltime locatiemanager in het speciaal onderwijs. Daarnaast wandel ik graag en hou ik van handwerken, schilderen en zeefdrukken.” Maya: “Ik studeer internationale ontwikkelingsstudies. Ik vind veel dingen leuk, maar vooral schrijven, muziek en sporten.” Hildebrand: “Yoko werkt op een zorgboerderij en woont begeleid zelfstandig. Ze houdt ervan om te luisteren naar muziek en naar het zingen van vogels.” Ankie: “Verder hoort Johannes (41) al sinds zijn vierde bij ons gezin. Hij heeft een beperking en ik ben zijn curator.”

Hoe kwamen jullie ertoe om pleegouder te worden?

Ankie: “Omdat we zelf geen kinderen konden krijgen, dachten we over pleegzorg. Een collega van Hildebrand zocht tijdelijke opvang voor Lucas. Hij bleef vijf jaar bij ons. Vier jaar later werden we officieel pleegouder van Yoko en Maya.” Hildebrand: “Wij konden pas aan pleegzorg beginnen nadat ons verdriet was verwerkt. Een pleegkind mag geen compensatie zijn voor het verdriet van kinderloosheid.”

Hoe reageerde jullie omgeving op het pleegouderschap?

Ankie: “Zou je dat wel doen, neem je geen risico’s, hoe ga je dat doen? Als vrouw kreeg ik veel vragen, vooral over mijn werk. Hildebrand kreeg positievere reacties.” Hildebrand: “Yoko en Maya waren getraumatiseerd. Dat was ons niet verteld, men wilde dat we blanco begonnen. Voor zij er waren, hadden we een vol sociaal leven. Dat veranderde. Sommige vrienden verweten ons dat of konden in zware periodes geen steun bieden.”

Hoe zag de begeleiding eruit en voldeed deze?

Hildebrand: “We hebben slechts twee gezinsvoogden gehad. Met beiden verliep het goed. De tweede liet de kinderen zelf kiezen of ze contact met hun ouders wilden.” Maya: “Ik heb heel veel aan haar gehad. Vooral toen ik 18 werd. Ik ben toen samen met haar naar mijn vader geweest. Ze zei: ‘Nu kan ik nog mee, als je alleen gaat, wordt het veel moeilijker.’ Ik ben blij dat ze dat heeft gedaan. Ik heb verlengde pleegzorg gehad tot ik mijn vwo-diploma haalde.” Ankie: “Voor Maya heeft ze veel betekend, maar bij Yoko schoot de zorg tekort. Tijdens de puberteit stortte Yoko in, haar trauma’s kwamen boven. Toen bij 18 alle hulp stopte, kwam het op ons neer. Wij voelden ons in de steek gelaten. Yoko kwam in een zware crisis en wij moesten heel hard vechten om passende zorg te vinden.” Hildebrand: “Toen we binnen de structuren vielen, was de begeleiding goed, maar toen dat wegviel, ging er heel veel fout. We moesten het zelf uitzoeken.”

Waar had u steun bij nodig, waar was u onzeker over?

Hildebrand: “De overgang naar 18 jaar. Dat moet echt anders. Bijna geen enkel kind kan ineens voor zichzelf zorgen, laat staan als een kind behandeling nodig heeft. Wij kennen de weg redelijk in zorgland, maar zelfs dan kom je niet overal uit.” Maya: “Ik voelde na het stoppen van pleegzorg een gat. Alsof ik er alleen voor stond. Ik had daar graag begeleiding bij gehad.”

Hoe zag het contact met ouders en familieleden eruit?

Hildebrand: “In het begin was er contact met de ouders en logeerden Yoko en Maya bij de opa’s en oma’s. Op een gegeven moment wilden de kinderen geen contact meer met hun ouders en in de puberteit ook niet met de andere familie.” Maya: “Ik schaamde me voor mijn moeder. Daar voelde ik me ook schuldig over. In mijn puberteit was ik boos op mijn familie. Waarom hadden ze niet ingegrepen? Inmiddels heb ik weer contact met een aantal familieleden, dat is genoeg.”

Welke praktische problemen kwamen jullie tegen?

Ankie: “Praktische problemen waren er niet veel. Als er al eens iets was, losten we dat meteen op.”

Zijn er momenten waarop jullie dachten, hier hadden we nooit aan moeten beginnen?

Hildebrand: “Nooit, ondanks alle heftigheid. Ze hebben zich goed gehecht, dat scheelt erg.” Ankie: “Nee, maar uitdagingen zijn er altijd. Nu de storm is gaan liggen, moeten we zoeken naar nieuw evenwicht’’.

Beschrijf een ervaring die illustreert: daar hebben we het voor gedaan?

Ankie: “Hoe ze ondanks het verleden zijn geworden, daar ben ik trots op.” Maya: “Hildebrand en Ankie zien ieder mens als volwaardig, ze willen het mooiste eruit halen. Ik heb dat meegekregen. Hoewel Yoko begeleid woont en niet studeert, voel ik me nooit beter dan mijn zus. Ik ben juist trots op haar.” Hildebrand: “Het zijn twee prachtige mensen die op zichzelf in de wereld staan.”

In ‘Zusje van mijn zusje’ (ISBN 9789066117655) schrijft Maya indrukwekkend over haar jeugd en die van haar zus. Het boek is nog steeds leverbaar, sinds kort ook als e-book.

Maya is officieel ex-pleegkind en de auteur van het boek ‘Zusje van mijn zusje’. In Mobiel schrijft ze over bijzondere en bijzonder normale dingen en vooral over hoe het leven als pleegkind niet ophoudt als je 18 of 21 wordt. Dit is haar laatste column in Mobiel.


Tags: ,