Pleegzorg op Aruba

Een collega vanuit Aruba op bezoek in Nederland. Dat is een buitenkansje om meer te weten te komen over pleegzorg op de overzeese eilanden. Binnen Nederland is er al veel verschil tussen de verschillende pleegzorginstellingen, dus hoe gaat pleegzorg er aan het andere eind van de wereld aan toe?

Nathalie Tromp is pleegzorgwerker op Aruba. Zij is daarmee welgeteld de enige pleegzorgwerker op het eiland. Nathalie maakt deel uit van het team van de ‘Fundacion Guia Mi’, Bureau Jeugdzorg op Aruba, maar ze werkt voor de afdeling genaamd Centro Famia di Criansa Arubano (pleegzorgcentrale van Aruba). Binnen dit team is zij degene die pleeggezinnen begeleidt. Nathalie heeft meestal te maken met bestandspleeggezinnen, pleeggezinnen die zichzelf aanmelden en geen relatie hebben met het gezin waaruit het kind afkomstig is. Ze is verantwoordelijk voor het hele pleegzorgtraject, van de werving van pleeggezinnen tot en met het begeleiden van de plaatsingen. Ze heeft zo’n dertig pleeggezinnen in haar caseload.

Nathalie staat er echter niet helemaal alleen voor. Haar collega’s van Fundacion Guia Mi, vergelijkbaar met onze gezinsvoogden, begeleiden wel de kinderen in de pleeg­gezinnen. Op Aruba wordt dat gezien als onderdeel van de ‘gewone’ hulpverlening, alhoewel de wens er wel degelijk is dat er meer hulpverleners bij de pleegzorgcentrale werken en dat de begeleiding van de pleeggezinnen volledig onder de pleegzorgcentrale valt. Nathalie is nu de enige die zich alleen met pleegzorg bezighoudt. Naast overleg met haar collega’s heeft ze dan ook wekelijks een eigen overleg met haar directeur over de bestandsplaatsingen.

Tehuis
Op Aruba wordt bij een uithuisplaatsing eerst naar een plaats gezocht in het eigen netwerk. Als hier geen plaats is, gaan de kinderen naar een internaat. Er zijn drie internaten en ieder huis richt zich op een andere leeftijdsgroep. Een aantal kinderen uit deze huizen gaat in het weekend naar een pleeggezin. Voor een pleegkind vast gaat wonen bij een pleeggezin wordt gekeken naar de situatie van de ouders en de mogelijkheden van het pleeggezin. In de praktijk gaan veel kinderen uiteindelijk naar het pleeggezin waar ze in de weekends naar toe gingen. Hun ouders krijgen echter nog veel kansen. De rechtspraak op Aruba is volgens het Nederlandse model en het duurt lang voordat er een uiteindelijke beslissing genomen wordt. Na een jaar horen ouders vaak nog steeds niet of de kinderen teruggaan.

Oorzaken
Er zijn voor het uithuisplaatsen van kinderen uiteenlopende redenen, net als in Nederland. Verslaving, verwaarlozing, mishandeling of misbruik zijn veel voorkomende oorzaken. Nathalie: “Het is niet zo dat de ouders niet van hun kinderen houden.” Op Aruba doen de mensen, nog steeds, veel zelf en binnen de familie. Pas als het echt niet anders kan, vraagt men om hulp. Men hangt de vuile was niet graag buiten en er is een zekere onbekendheid met hulpverlening. Langzamerhand doet men tegenwoordig eerder een beroep op de hulpverlening, omdat de sociale problemen op het eiland groter worden.

Over pleegzorg op Aruba zijn geen cijfers uit onderzoek of enquêtes bekend. Wel wordt er elke vijf jaar een bevolkingsonderzoek gehouden om te weten hoeveel bewoners het eiland heeft en in welke omstandigheden men leeft. Zo wordt de opvang van kinderen binnen families en buiten de hulpverlening wel enigszins in kaart gebracht.

Kinderbescherming
Kinderen worden meestal door de Raad voor de Kinderbescherming gedwongen uithuisgeplaatst. Ouders weten dat hun kind in een internaat wordt opgevangen en horen het als hun kind in de weekends naar een pleeggezin gaat. Een verdere uitwisseling van informatie is er dan nog niet. Dat komt pas als de plaatsing weer een stap verdergaat.

De pleegouders krijgen voor weekendplaatsingen geen vergoeding. Een vergoeding komt er pas als de plaatsing voor vast is. Deze vergoeding is 175 Arubaanse gulden (± 80,-) per maand en wordt 100 gulden (± 46,-) hoger als het kind naar school gaat. Als pleegouders niet in aanmerking komen voor de pleegkindvergoeding, krijgen ze geen andere vorm van financiële steun. Nathalie en haar collega’s zijn al een aantal jaren bezig om hierin verandering te brengen, maar het is nog niet gelukt om de wet hierop aan te laten passen. Pleegouders worden wel vanaf het begin op de hoogte gebracht van deze informatie en zetten altijd door omdat ze het kind willen helpen.

Aruba is klein, maar niet zo klein dat iedereen elkaar kent. Het kan echter gebeuren dat pleegkinderen en hun pleegouders de ouders tegen het lijf lopen. Pleegouders worden dan ook voorbereid op hoe ze in zo’n situatie moeten reageren (laat het kind groeten, toon respect). Mocht het uit de hand lopen, dan wordt het kind wel meegegeven, maar ook de politie ingeschakeld. In de praktijk heeft dit echter nooit tot problemen geleid.

Eilanden
Er is bij Nathalie niet zoveel bekend over pleegzorg op de andere eilanden. Wel is er een gezamenlijke conferentie geweest op Sint Maarten. Daar is een overeenkomst getekend om informatie met elkaar uit te wisselen. Vanuit Sint Maarten was er ook vraag naar een STAP-training. Die heeft Nathalie samen met haar collega Bert Wielenga gegeven, in het Engels. De trainingen zijn daar, net als op Aruba, aangepast aan de plaatselijke cultuur. Op Aruba houden mensen niet van huiswerk en veel lezen, daar moet je rekening mee houden. Ook in de training zelf is het belangrijk om aan te sluiten bij de cultuur. Arubanen zijn blije, sociale mensen. Als mensen weten waar een probleem bij een kind vandaan komt, als ze het kunnen verklaren, dan kunnen ze het vaak wel aan. Bij een conflict is men wel boos, maar kiest men er eerder voor om dit voor zich te houden en zich terug te trekken. Op Sint Maarten zijn mensen veel assertiever, daar gaat men er juist op af. Daar moet je in de training dus rekening mee houden.

Overwaaien
Mobiel is bekend op Aruba. Nathalie krijgt het tijdschrift vanuit Nederland toegestuurd. Het blad wordt niet zoals in Nederland toegezonden aan pleegouders, maar is bestemd voor de beroepskrachten op het eiland. Ook de werk­methoden worden vanuit Nederland naar Aruba gehaald. Zo zie je een bepaalde aanpak soms vanuit Amerika overwaaien naar Nederland en vervolgens weer naar Aruba. Terwijl het eiland geografisch dicht bij Amerika ligt. Het blijkt dan toch weer een kleine wereld.


Tags: ,