Ik heb altijd een rode koffer willen zijn

Op een klein vliegveld draaien zilveren Samsonites en bruine Louis Vuittons om mij heen. Het duurt even voordat ik mijn vaalzwarte koffer (merkloos) aan zie komen. Op dat moment besef ik: ik heb altijd een rode koffer willen zijn. Al na twee verjaardagen maakte ik de grootste reis van mijn leven. Een avontuur dat ‘uithuisplaatsing’ heet, met vliegmaatschappij ‘Kinderbescherming’ en bestemming ‘Kindertehuis’. Komt het vaak voor dat je ongevraagd met vakantie moet? Er brak paniek uit toen bleek dat er geen vliegtuig terug zou gaan. Waar waren de zandstranden en waterijsjes? Waar was de Turkse thee en azuurblauwe zee? Na een week wachten, werden we boos. Na zes maanden verdrietig en na twaalf maanden zeiden we maar niets meer. Het leek er niet op dat de Belbus of de Consumentenbond iets kon doen met onze klachten. Mijn zus en ik voelden ons als twee vergeten koffers en werden misselijk van het rondjes draaien. Terwijl andere koffers werden opgehaald (de Louis Vuittons van het kindertehuis) begon ik te denken dat er maar één verklaring was: ik had dezelfde kleur als de bagageband, als een getalenteerde kameleon die over het hoofd wordt gezien.

Zevenhonderd dagen later stonden er twee passagiers voor onze neus: mét reisbestemming, maar zonder koffers. Misschien waren zij kleurenblind en viel onze vorm hen op. Misschien hadden ze haast en daardoor geen tijd om te kiezen. Hoe het ook zij, ze grepen ons vast en lieten niet meer los. Zo vast en zo niet los, dat ik het niet erg meer vond om een vaalzwarte koffer te zijn. Eindelijk vlogen wij verder, naar droombestemming ‘Mijn pleegouders’. <


Tags: ,