Checklist veiligheid zorgt voor schijnveiligheid

De instellingen voor pleegzorg werken tegenwoordig met de checklist veiligheid. Doel van de checklist is de veiligheid in pleeggezinnen zoveel mogelijk in kaart te brengen en te waarborgen. Binnen de redactie discussieerden we erover in hoeverre zo’n checklist daar behulpzaam bij is. De ‘checklist indicatoren veiligheid kind in (netwerk)pleegzorg’, zoals de lijst voluit heet, wordt door de pleegzorgbegeleider ingevuld bij de start van een plaatsing. Hieronder leest u meer over de checklist en enkele reacties op de stelling.

De checklist die binnen de pleegzorginstellingen wordt gebruikt, is opgesteld door de MOgroep. Dit is de brancheorganisatie voor instellingen voor Jeugd- en Opvoedhulp waar de meeste pleegzorginstellingen onder vallen. De lijst bestaat uit veertien indicatoren met betrekking tot de veiligheid van het kind. Deze indicatoren zijn onder meer: dagelijkse verzorging, regelmatig dag- en nachtritme en continuïteit in het pleeggezin, ruimte geven voor experimenteergedrag en omgang, veiligheid fysieke omgeving en contacten van het gezin met de omgeving. Bij elk van deze veertien onderwerpen zijn nog enkele punten genoemd ter verduidelijking. Bijvoorbeeld bij ‘ingaan op behoeften van kind’ worden ‘spelen met het kind’, ‘aanwezigheid van speelgoed’ en ‘belangstelling voor leefwereld van het kind’ genoemd.

Naast deze indicatoren staan er onder de kopjes ‘risicofactoren voor kindermishandeling bij het pleeggezin en/of omgeving’, ‘risicofactoren in contact tussen het aspirant pleeggezin en het biologisch gezin’ en ‘risicofactoren bij aspirant pleegouders’ punten die afgevinkt moeten worden. Het totaal van de checklist geeft de instelling een beeld van de veiligheidssituatie.

Verschillende versies
Meer grip krijgen op veiligheid is een goed streven. Een checklist kan daarbij een hulpmiddel zijn, zeker als deze binnen alle instellingen in basis uniform is. Dat is echter niet het geval. Sommige pleegzorginstellingen passen de checklist aan zodat deze meer aansluit op hun praktijkervaringen. Ook zijn er Bureaus Jeugdzorg die een andere lijst hanteren, de Licht Instrument Risicotaxatie Kindermishandeling (LIRIK). Deze lijst bevat signalen van kindermishandeling met punten om af te vinken. De lijst wordt zowel gebruikt in situaties waarin een kind thuis woont als in een pleeggezin. De LIRIK is ontwikkeld door het Nationaal Jeugdinstituut.

Signaleringsmiddel en kapstok
“Ik ben voorstander van een uniforme checklist veiligheid. Het zou goed zijn als pleegzorgorganisaties dezelfde checklist hanteren bij de screening van nieuwe pleeggezinnen. Aan de hand hiervan worden veiligheidsrisico’s expliciet benoemd en besproken met alle aanstaande pleegouders. Natuurlijk is een check­list geen garantie voor veiligheid. Ik zie het als signaleringsmiddel voor onveilige situaties én als kapstok voor een open gesprek over een lastig thema. Vervolgens moeten pleegzorg­werkers en voogden systematisch toezicht houden op de veiligheid van pleegkinderen en vooral hun ogen en oren goed open houden.”

Lindy Popma, weekend- en vakantiepleegmoeder en redactielid Mobiel

Communicatie verbeteren
“Nee, een checklist helpt mensen om over de verschillende aspecten van veiligheid in gesprek te gaan. Het gebruiken van een checklist alléén is echter volstrekt onvoldoende. Beleid om veiligheid te vergroten moet gericht zijn op het verbeteren van de communicatie. Communicatie tussen ouders en kind en tussen hulpverleners en cliënten. Kindermishandeling gedijt in een zwijgcultuur. Het is de taak van een hulpverlener om met ouders en kind te bespreken wat er nodig is voor het kind om veilig op te groeien. Hulpverleners moeten ouders helpen om dit onderwerp met hun kinderen te bespreken.”

Jeltje Rijks, staffunctionaris William Schrikker Groep

Geen garanties
Prachtig zo’n lijst en natuurlijk zitten er goede gesprekspunten bij. Toch dekt het niet alle risico’s. Enkele jaren geleden selecteerde ik pleegouders. Na vier plezierige gesprekken met een echtpaar met goede ideeën en redelijk inzicht in problemen, ging ik referenties na, waaronder de huisarts. Hij belde direct: ‘Waar zijn jullie mee bezig?’ Het echtpaar ging elkaar geregeld te lijf in een delirium. Mijn enig verweer was dat we daar tijdens de gesprekken niets van gemerkt hadden. Ook in het jonge gezin met twee leuke zoons van zeven en negen leek er geen vuiltje aan de lucht. Het leek de ideale match voor een meisje van elf. De reacties van referenten waren positief. Helaas hoorde ik vier jaar later dat de oudste zoon niet van zijn pleegzus af kon blijven. De plaatsing werd beëindigd en er is hulp ingeroepen voor pleegdochter en zoon. Toch zocht de jongen het meisje een paar jaar later opnieuw op. Matching blijft een moeizame zaak, zelfs met een lijst heb je geen garanties. Zeker niet als er dingen verzwegen worden.
Ooit hadden we een prima pleegadres met maar een voorwaarde: geen kinderen met vermoeden van misbruik. Daar wist de pleegmoeder namelijk geen raad mee. Ondanks dat bekend was dat een meisje misbruikt was, verzweeg de plaatser dit om het meisje sneller te kunnen plaatsen. Binnen drie weken ging het mis. Het meisje kreeg weer een wisseling en de pleegouders haakten af. Wat je niet weet, kun je niet vertellen, maar zaken verzwijgen is een doodzonde in pleegzorg.

Els Dijkhuis, pleegzorgbegeleider

Communicatiehulpmiddel
Voor schijnveiligheid zorgt de lijst niet, maar een waarborg voor veiligheid is het ook niet. Ze kunnen de lijst beter een andere naam geven. Het lijkt mij vooral goed als communicatiehulpmiddel voor pleegzorgbegeleiders of matchers om onderwerpen ter sprake te brengen. Als je een lijstje volgt, kun je niets vergeten en heb je een excuus om lastige vragen te stellen, je moet tenslotte de lijst volgen. Als pleegouder maakt het je weer bewust van onderwerpen die je eerder in de STAP bent tegengekomen. Ik denk niet dat de lijst ervoor kan zorgen dat het voor pleegkinderen heel veel veiliger wordt. Meer dat instellingen zich kunnen indekken: ze hebben de lijst ingevuld, gaat er toch iets mis, dan ligt dat buiten hun verantwoordelijkheid.

Miranda de Vries, pleegmoeder

Geen schijnveiligheid
Alle middelen die er zijn om de veiligheid van pleegkinderen te vergroten, moeten benut worden. Natuurlijk geeft de lijst geen garantie, maar het maakt de onderwerpen wel bespreekbaar en het wijst degene die de vragen stelt ook iedere keer op de risicofactoren. In onze route wordt de lijst voor de eerste keer ingevuld tijdens het eindgesprek van de STAP. Sommige punten kunnen dan niet worden ingevuld, omdat er nog geen plaatsing is. Vervolgens wordt de lijst ieder jaar bij de evaluatie opnieuw ingevuld samen met de pleegouders. Ik ben het niet eens met de stelling dat de lijst zorgt voor schijnveiligheid. Schijnveiligheid komt helaas ook voor in pleeggezinnen en iedere pleegzorgwerker zal begrijpen dat het invullen van de lijst geen garantie biedt op veiligheid voor het kind en zich daar niet achter verschuilen.


Tags: ,