Pleegzorg in een bungalowpark

Kinderen krijgen een heus vakantiegevoel als ze bij Michelle (42) logeren. Ze plonzen in het zwembad, kroelen met de dieren, spelen midgetgolf en banjeren door de bossen. Sinds afgelopen zomer is Michelle weekend- en vakantiepleegmoeder. Ze woont in een landelijk gelegen bungalowpark en werkt bij de reclassering. In haar vrije tijd rijdt ze paard, verzorgt de dieren van de kinderboerderij, is actief in de knutselclub en klust aan haar huis.

Wat is de samenstelling van uw gezin?

“Ik woon alleen, met drie katten. Om het weekend komt een van mijn twee pleegkinderen logeren. Sam (9) en Jordi (9) wonen in een leefgroep. Ze hebben geen netwerk en komen daarom in weekends en vakanties bij mij.”

Hoe kwam u ertoe om pleegouder te worden?

“Ik heb altijd kinderen gewild. Toen ik een advertentie zag over pleegzorg, ben ik naar de informatieavond gegaan. Eigenlijk wilde ik permanente pleegzorg doen, maar dat was lastig met mijn onregelmatige werktijden. De pleegzorgorganisatie was net bezig met het opzetten van weekend- en vakantiepleegzorg voor kinderen in een leefgroep. Deze vorm van pleegzorg past bij mij in deze fase van mijn leven.”

Hoe reageerde uw familie op het pleegouderschap?

“Het fenomeen pleegzorg is bekend in de familie, want mijn tante is pleegmoeder van haar kleinzoon. Familieleden vonden het echt wat voor mij. Ik ben veel bezig met kinderen, op de kinderboerderij en bij de knutselclub. Neefjes en nichtjes zijn altijd welkom. De eerste reactie van mensen is vaak: ‘Oh, wat stoer, wat goed!’ Ze vergeten dat pleegzorg mij zelf ook veel oplevert: het geeft een goed gevoel als de kinderen helemaal relaxed teruggaan naar de leefgroep.”

Hoe ziet uw begeleiding eruit en voorziet die in de behoefte?

“Ik heb een pleegzorgwerker op afstand die vooral de zakelijke dingen regelt. Verder bespreek ik alles met de leiders van de leefgroep. Ik word betrokken bij de groep en ben er bijvoorbeeld ook bij met Sinterklaas. Als ik de kinderen ophaal en wegbreng, drink ik altijd een kopje thee. Zo leer ik de andere kinderen in de groep ook kennen. Ik ben tevreden over de begeleiding.”

Waar heeft u steun bij nodig, waar bent u onzeker over?

“Eigenlijk ben ik nergens onzeker over, want het gaat goed met de jongens als ze bij me zijn. Sam is gek op de dieren en kan in het park heerlijk fietscrossen. Jordi is nog maar twee keer hier geweest. Hij vindt het lastig om zelfstandig te spelen en daar moet ik hem in sturen. De groepsleiders hebben verteld welke regels zij hanteren en daar probeer ik me zoveel mogelijk aan te houden.”

Hoe ziet het contact met ouders en familieleden eruit?

“Jordi woont op een geheim adres en heeft geen contact met zijn familie. Hij praat gemakkelijk over zijn moeder, maar op een afstandelijke manier. De moeder van Sam heb ik één keer telefonisch gesproken. Hij vertelt vaak over zijn moeder en wil het liefst weer bij haar wonen. Laatst belde ze hem vlak voor het slapengaan. Toen was hij heel verdrietig en kon niet slapen. De poezen voelden dat aan en kropen bij hem in bed.”

Welke praktische problemen komt u tegen?

“Afgelopen zomer kwam mijn eerste vakantiepleegkind, een paar weken na de STAP-cursus. Roel woont in een gezinshuis en zijn pleegouders gingen twee weken zonder kinderen met vakantie. Er was nauwelijks tijd voor kennismaking en op de valreep werd een pleegzorgwerker geregeld. Ik vond het spannend om een wildvreemd kind over de vloer te krijgen, maar het is goed gegaan. Gelukkig was er bij Sam en Jordi wel tijd voor kennismaking.”

Zijn er momenten waarop u denkt, hier had ik nooit aan moeten beginnen?

“Nooit! Ik ben juist blij als de jongens eens een lang weekend komen. Bij het ene kind pas ik mijn dagelijkse bezigheden meer aan dan bij het andere. Sam gaat graag mee naar de manege om de stallen uit te mesten of de paarden te borstelen. Jordi is een dromer en heeft weinig feeling met dieren. Wel vindt hij het leuk om met de pony te wandelen. De kinderen luisteren goed. Sam staat te boek als een driftige jongen. Ik had al hele scenario’s bedacht: wat te doen als hij boos wordt, maar dat is nog nooit gebeurd.”

Beschrijf een ervaring die illustreert: daar doe ik het voor!

“De kinderen hebben bij mij alle ruimte en geen concurrentie van andere kinderen. Ze krijgen 100 procent aandacht. We bedenken samen wat we gaan doen of wat we eten. Sam is vaak gespannen, maar komt hier helemaal tot rust. Laatst lag hij totaal ontspannen bij een van de poezen in de mand, met zijn vingers in de mond. Daar doe ik het voor!”


Tags: ,