Wie doet wat in pleegzorg?

Als een kind een pleegkind wordt, zijn er plotseling allerlei mensen en instellingen die zich met dit kind bezighouden. Wie is wie en wie doet wat? In dit artikel hebben we er een aantal op een rijtje gezet.

Ouders
Pleegzorg is het tijdelijk zorgen voor het kind van een ander. Dat ‘tijdelijk’ in de praktijk soms een lange tijd is, neemt niet weg dat ouders een belangrijke rol blijven spelen. Zeker als een kind binnen de familie of het sociaal netwerk wordt opgevangen. Hoe deze rol officieel wordt vormgegeven, hangt af van het gezag van de ouder. Bij een vrijwillige plaatsing blijven de biologische ouders verantwoordelijk. Zij nemen de uiteindelijke beslissingen als het gaat om bijvoorbeeld een andere school of het afnemen van een onderzoek. De ouders behouden hun rechten, zoals op informatie vanuit school en hulpverleningsinstanties. De kinderen blijven bij een pleegzorgplaatsing verzekerd via de ouders.

Ook wanneer een kind onder toezicht is gesteld door de kinderrechter, zijn de ouders nog altijd verantwoordelijk. Ze moeten wel overleggen met een medewerker van Bureau Jeugdzorg, die meekijkt bij hun beslissingen. Wanneer een ouder het gezag kwijt is, wordt de rol van gezagsdrager door Bureau Jeugdzorg ingevuld. Toch zit er vaak een verschil tussen de officiële status van ouders en de praktijk. Veel valt en staat met de samenwerking tussen ouders en pleegouders. Een kind dat met toestemming van zijn ouders bij pleegouders woont, staat rustiger in het leven. Pleeg­ouders die overleg voeren met ouders kunnen praktische problemen, zoals een slechte verzekering, gemakkelijker oplossen. Omgekeerd kunnen pleegouders via de verzekering van de ouders regelen dat het pleegkind ondersteuning van bijvoorbeeld een logopedist kan krijgen.

Instelling voor pleegzorg
Het verschil tussen een pleeggezin en een gezin waar een kind ‘gewoon’ langere tijd verblijft, is dat een pleeggezin is gescreend en goedgekeurd door een pleegzorginstelling. Er wordt een pleegzorgvergoeding gegeven en een pleegzorgwerker aan het pleeggezin toegewezen. De pleegouders sluiten een contract af met de pleegzorginstelling, dat is bij de wet geregeld. Soms woont een kind al in een gezin voordat het pleeggezin wordt, omdat er snel een oplossing moest komen. Dan wordt er een tijdelijk contract afgesloten, de vergoeding en de begeleiding wordt al wel gestart. De pleegzorginstelling heeft dan drie maanden de tijd om te kijken of het gezin een geschikt pleeggezin is.

Het contact tussen pleegouders en pleegzorgwerker is verschillend. Het hangt vaak samen met wat er verder speelt rondom een pleegkind. Loopt het contact met de ouders goed? Komt het kind goed mee op school? Moeten er praktische zaken geregeld worden? Veel instellingen houden, naast een dossier over het pleegkind, een dossier over de pleegouders bij. U heeft als pleegouder recht op inzage in dat dossier. Ook van besprekingen over het pleegkind waar u als pleegouder bij bent geweest, heeft u recht op een kopie van het verslag. Er wordt in het land verschillend omgegaan met de contacten tussen de pleegzorgwerker en de ouders. Er zijn instellingen die het begeleiden van de ouders tot hun taak rekenen en instellingen die dit bij Bureau Jeugdzorg leggen. In dat laatste geval zal er vaker contact zijn met de gezinsvoogd.

De medewerker van Bureau Jeugdzorg
Bij Bureau Jeugdzorg werken verschillende soorten medewerkers. De wijze waarop het gezag rond een pleegkind is geregeld, bepaalt met welk soort medewerker u te maken krijgt. Is de plaatsing van het pleegkind op vrijwillige basis door de ouders geregeld, dan heeft de medewerker van Bureau Jeugdzorg niet zoveel bemoeienis. De ouders blijven verantwoordelijk voor hun kind. Zij moeten zaken zoals een paspoort regelen en beslissen over bijvoorbeeld een medische ingreep. De medewerker van Bureau Jeugdzorg, die dan ‘casemanager’ heet, zorgt voor de juiste papieren om de hulpverlening mogelijk te maken.

Is een pleegkind door de kinderrechter onder toezicht gesteld, dan zijn de ouders ook nog verantwoordelijk voor hun kind, maar kijkt er een medewerker van Bureau Jeugdzorg mee. Dan heet de medewerker ‘gezinsvoogd’. De gezinsvoogd is meer betrokken bij wat er gebeurt met het pleegkind, adviseert ouders bij beslissingen en rapporteert eens per jaar aan de kinderrechter.

Is een pleegkind onder voogdij geplaatst, dan is Bureau Jeugdzorg verantwoordelijk voor het kind. De medewerker die de voogdij uitvoert, heet in dat geval ‘voogd’. Een voogd neemt de beslissingen rondom een kind. Voor het regelen van praktische zaken, zoals de aanschaf van een nieuwe fiets, heeft een voogd de beschikking over vergoedingen die kunnen worden uitgekeerd.

Kinderrechter
De kinderrechter heeft veelal geen rechtstreeks contact met pleegouders. Toch kan een beslissing van de kinderrechter van belang zijn voor het verloop van een pleegzorgplaatsing. De kinderrechter bepaalt hoeveel gezag een ouder mag uitoefenen over een kind. Pleegouders worden niet zomaar uitgenodigd voor een rechtszitting. De kinderrechter onderhoudt contact met Bureau Jeugdzorg voor informatie en advies. Via deze weg is het mogelijk om informatie door te geven. Als het nodig blijkt, kan Bureau Jeugdzorg verzoeken de pleegouders ook uit te nodigen voor een zitting.

Pleegouders kunnen een brief aan de kinderrechter schrijven, die mee gaat met de stukken van Bureau Jeugdzorg. Als een kind op vrijwillige basis van de ouders meer dan een jaar in een pleeggezin woont, kan het daar niet zomaar meer worden weggehaald. Dat geldt zowel voor de ouders als voor Bureau Jeugdzorg. Pleegouders hebben dan het zogenaamde ‘blokkaderecht’. Meer informatie over het blokkaderecht: zie ook Mobiel 4, 2009. Als blijkt dat een pleegkind lang bij het pleeggezin zal blijven wonen, kan de rechter gevraagd worden om de pleegouders tot voogd te benoemen. Dat heet pleegoudervoogdij. Als u dat doet, is het verstandig slechts een van de pleegouders tot voogd te laten benoemen. Als beide pleegouders voogd worden, vervalt het recht op een pleegzorgvergoeding en op begeleiding.

De school, de sport, de politie, enzovoort…
Er zijn nogal wat regels en regelingen bedacht rondom pleegkinderen. Niet iedereen die met het kind te maken krijgt, weet hoe het zit. Veel uitleggen helpt, maar soms is het verstandig om door te verwijzen naar de juridische afdeling van Bureau Jeugdzorg. Voor veel praktische problemen zijn geen standaard oplossingen. Wie krijgt de schoolrapporten? Informatie over schoolvakanties? Wie wordt er gebeld als er een winkeldiefstal is gepleegd? Formeel de ouders, maar in de praktijk hebben de pleegouders het kind in huis. Het beste is om hier alert op te zijn en er in overleg met alle partijen vooraf een oplossing voor te bedenken.

Voor alles waarvoor pleegouders komen te staan, geldt: de eerste aanspreekpersoon is de pleegzorgwerker. Pleegouders kunnen, als het goed is, altijd bij hem of haar terecht om te overleggen of om advies te vragen.


Tags: ,